Otto Rühle / Karl Marx
Het Kapitaal
Vijfde deel: De productie van de absolute en de relatieve meerwaarde


XV. Kwantitatieve verandering in de prijs van de arbeidskracht en meerwaarde

Onder de veronderstelling dat de waren tegen de waarde worden verkocht en dat de prijs van de arbeidskracht wel tijdelijk boven de waarde stijgt, maar nooit er onder daalt, zagen we dat de relatieve grootte van de meerwaarde en de prijs van de arbeidskracht door drie omstandigheden bepaald zijn: 1. lengte van de arbeidsdag of de extensieve grootte van de arbeid; 2. de normale intensiteit van de arbeid of zijn intensieve grootte, zodat een gegeven hoeveelheid arbeid in een gegeven tijd wordt aangewend; 3. de productiviteit van de arbeid.

Het spreekt vanzelf dat zeer veel combinaties mogelijk zijn. De voornaamste combinaties zijn de volgende:

a. De lengte van de arbeidsdag en de intensiteit van de arbeid zijn constant (gegeven). De productiviteit van de arbeid is variabel.
b. De arbeidsdag is constant, de productiviteit van de arbeid is constant. De intensiteit van de arbeid is variabel.
c. De productieve kracht en de intensiteit van de arbeid zijn constant. De arbeidsdag is variabel.
d. Gelijktijdige veranderingen in duur, productiviteit en intensiteit van de arbeid.