Otto Rühle / Karl Marx
Het Kapitaal
Zesde deel: Het arbeidsloon


XIX. Het stukloon

Het stukloon is niet anders dan de veranderde vorm van het tijdloon, zoals het tijdloon de veranderde vorm van de waarde of de prijs van de arbeidskracht is.

Bij het tijdloon wordt de arbeid door de directe tijdsduur gemeten, bij het stukloon door de hoeveelheid producten waarin de arbeid gedurende een bepaalde tijdsduur belichaamd wordt. Het gaat er niet om de waarde van het stuk te meten door de erin belichaamde arbeidstijd maar omgekeerd om de door de arbeider bestede arbeid te meten door het aantal door hem geproduceerde stukken. Het stukloon levert de kapitalist een heel nauwkeurige maat voor de intensiteit van de arbeid. Slechts arbeidstijd die zich in een vooraf bepaalde en empirisch vastgestelde hoeveelheid waren belichaamt geldt als maatschappelijk noodzakelijke arbeidstijd en als zodanig betaald wordt.

Omdat de kwaliteit van de arbeid hier door de vorm van het arbeidsloon zelf gecontroleerd wordt maakt het een groot deel van het toezicht op de arbeid overbodig. Het vormt daarom de basis van de moderne huisarbeid.

Bij het tijdloon geldt met weinig uitzonderingen de regel van gelijk loon voor gelijke functies, terwijl bij het stukloon de prijs van de arbeidstijd weliswaar door een bepaalde hoeveelheid product gemeten wordt. Het dag- en weekloon daarentegen wisselt met de individuele verschillen van de arbeiders, waar van de een slechts het minimum product in een gegeven tijd levert, de andere het gemiddelde en de derde meer dan het gemiddelde. Wat de werkelijke ontvangsten betreft treden hier dus grote verschillen op al naar de verschillende mate van bekwaamheid, kracht, energie, uithoudingsvermogen enz. van de individuele arbeider.

Dit verandert natuurlijk niets aan de algemene verhouding tussen kapitaal en loonarbeid. Ten eerste heffen de individuele verschillen zich voor de werkplaats als geheel op, zodat in een bepaalde arbeidstijd het gemiddelde product geleverd wordt en het totale loon het gemiddelde loon van de bedrijfstak zal zijn. Ten tweede blijft de verhouding tussen arbeidsloon en meerwaarde onveranderd. Omdat het individuele loon van de afzonderlijke arbeider overeenkomt met de individueel geleverde hoeveelheid meerwaarde. Maar de grotere speelruimte die het stukloon aan de persoonlijkheid biedt leidt er enerzijds toe de persoonlijkheid, en daarmee het vrijheidsgevoel, de zelfstandigheid en de zelfcontrole van de arbeider te ontwikkelen en anderzijds de onderlinge concurrentie tussen de arbeiders te bevorderen.

Het stukloon heeft daarom de tendens, met de stijging van het individuele arbeidsloon boven het gemiddelde niveau, dit niveau zelf te doen dalen. Het stukloon is de vorm van het arbeidsloon die het meest in overeenstemming is met de kapitalistische productiewijze. Het stukloon krijgt pas in de eigenlijke manufactuurperiode een grote speelruimte. In de storm- en drangperiode van de grote industrie dient het als hefboom voor de verlenging van de arbeidstijd en de verlaging van het arbeidsloon. In de aan de fabriekswet onderworpen werkplaatsen wordt het stukloon algemene regel, omdat het kapitaal daar de arbeidsdag alleen nog intensief vergroten kan.