De eerste resultaten van het referendum in Venezuela - 88 procent van de stemmen geteld - geven aan dat de ‘neen'-stem met 50,7 procent heeft gewonnen. De ‘ja'-stem haalt 49,3 procent. Chavez heeft de nederlaag erkend. Op zichzelf is dat een antwoord aan diegenen die Hugo Chavez en zijn regering omschrijven als een dictatuur. In een dictatuur verliezen dictators geen verkiezingen!

Dit zijn de details van de resultaten. Over de grondwetswijzigingen werd in twee delen gestemd. Een blok A en een blok B.

Blok A:

Nee-stem 4.504.354 of 50,7%.

Ja-stem 4.379.392 of 49,29%.

Totaal geldige stemmen: 8.883.746

Totaal blanco stemmen: 118.693

Totaal uitgebrachte stemmen: 9.002.439.

Onthouding: 44,11%.

Blok B:

Nee-stem 4.522.332 of 51,05%.

Ja-stem 4.335.136 of 48,94%

Het eerste wat opvalt, is dat deze kiesronde opnieuw heeft plaats gevonden tegen een achtergrond van enorme sociale polarisatie tussen links en rechts. De resultaten weerspiegelen dit. De nee-stem wint met nauwelijks 130.000 stemmen. Belangrijk is dat in vergelijking met de presidentsverkiezingen van 3 december 2006 de rechterzijde slechts een beetje vooruitgaat, namelijk met 400.000 stemmen. De rechterzijde is er niet in geslaagd haar maatschappelijke basis uit te breiden. Grosso modo blijft die dezelfde.

Het belangrijkste kenmerk van dit referendum is dat één jaar geleden Chavez kon rekenen op 7.309.080 stemmen. Ongeveer 3, 5 miljoen chavistische stemmen hebben zich echter onthouden in dit referendum. De stemmen die zich niet voor de ‘ja' hebben uitgesproken, zijn niet naar de rechterzijde gegaan. Het aandeel van onthoudingen is gestegen van 25,3 procent (december 2006) naar 44,11 procent tijdens dit referendum. De Bolivariaanse beweging is er deze keer minder in geslaagd het gewone volk naar de stembus te krijgen. Dit is de fundamentele oorzaak voor de nederlaag van 2 december.

Maar welke zijn de redenen voor de massale onthoudingen in het revolutionaire kamp? Wij zullen er hier een aantal op een rij zetten.

Ten eerste moet het duidelijk zijn dat het niet gewoon de CIA is. Ja, de revolutie wordt door machtige vijanden belaagd. Ja, zij zijn in staat veel middelen in te zetten. Maar dat zal altijd zo zijn, tot we het kapitalisme hebben overwonnen. Cruciaal is hoe de revolutionaire leiding daar tegen reageert en welke middelen zij zelf inzet. Als je de juiste middelen inzet en goeie tactieken gebruikt, dan kan je de VS en de kapitalisten terugslaan. En daar wringt het schoentje.

Het is duidelijk dat voor een sector van de massa's er geen beslissende verandering is gekomen in hun leefomstandigheden, ondanks negen jaar revolutie en de uitzonderlijke herkiezing van Chavez tot president met 7,3 miljoen stemmen of 63 procent. De problemen van huisvesting, jobs, de informele economie, onveiligheid enzovoort zijn ondanks belangrijke verbeteringen niet opgelost. Een groot deel van de bevolking blijft in sloppenwijken wonen en veel mensen blijven tewerkgesteld in de informele sector. Ondanks de sterke verbeteringen op het vlak van de gezondheidszorg met de Mission Barrio Adentro is de revolutie nog niet binnen geraakt in de ziekenhuizen, waar grote problemen blijven bestaan (gebrek aan apparatuur, gebrek aan personeel enz.).

Ook op andere vlakken blijven grote pijnpunten bestaan, ondanks de Bolivariaanse hervormingen. Een goed voorbeeld is de huisvesting. Volgens de Venezolaanse Kamer van Bouwnijverheid is het tekort aan woningen gestegen van 880.083 in 1990 tot 1.680.000 vandaag. Het huidige ritme van de bouw van nieuwe woningen is ontoereikend om het tekort te dekken. Het is niet bij gebrek aan inspanningen van de regering en van Chavez. Integendeel. Hetzelfde verslag merkt op dat de hoeveelheid geld dat aan huisvesting werd uitgegeven aanzienlijk is gestegen, maar de bouw van het aantal woningen niet. Volgens experts is een van de reden voor deze situatie de stijging van de kostprijs van de bouwmaterialen, die met 53 procent is gestegen. Een verklaring hiervoor ligt bij de corruptie en de bureaucratie. Een bijkomende verklaring en ons inziens de beslissende reden is dat de hele bouwsector nog steeds in handen is van privé-sector (bouwondernemingen, cementbedrijven enz.). Deze sector komt pas in beweging als ze winst kan maken en niet om de maatschappelijke noden te bevredigen. Wat waar is voor de bouw van nieuwe woningen is ook waar voor de leningen voor de aankoop van nieuwe woningen of voor de huur ervan. De private banken saboteren de plannen en de controle van de regering hierover (idem met de microkredieten en de landbouwkredieten). Al het gewicht van de investeringen rust op schouders van de openbare banken. Maar als gevolg van de tegenstelling tussen het onbeperkte aanbod en de grote vraag stijgen de prijzen. Het resultaat is dat de plannen van de regering verwachtingen tot verbetering opwekken, maar dat dezelfde verwachtingen binnen een markteconomie, binnen het kapitalisme, niet kunnen bevredigd worden.

De economische sabotage heeft het laatste jaar gigantische proporties aangenomen. Veel basisproducten zoals suiker, olie enzovoort ontbreken of het aanbod schiet tekort. Vooral de laatste maanden is er ook een nijpend gebrek aan melk. Dit tekort aan basisvoedsel, dat samenviel met de kiescampagne, heeft een gevoelige snaar geraakt. De rechterzijde heeft hier zeer handig gebruik van gemaakt. Nochtans is het de rechterzijde zelf die deze schaarste organiseert via haar controle over het bedrijfsleven en meer bepaald via het privé-bezit van de voedingsector en de landerijen. Economische sabotage is een gekende tactiek die ook in het Chili van Allende en het Nicaragua van de Sandinisten nefaste gevolgen had. De bedoeling is steeds om de fout te leggen bij het beleid van de regering en zo de steun te laten afkalven.

Oog in oog met de sabotage heeft de regering veel te zwak gereageerd. In plaats van uit te leggen waar de echte verantwoordelijkheid ligt voor deze kunstmatige voedseltekorten hebben sommige regeringsverantwoordelijken het probleem zelfs ontkend! Zulke houding vervreemdt natuurlijk elke burger die naar de markt gaat en er zijn producten niet kan kopen. Enkele maatregelen in de nieuwe grondwet, zoals afschaffing van het grootgrondbezit, wilden hier wel aan tegemoet komen. Ze onderschatten evenwel de tijdspanne waarin de sabotage haar ravage in de menselijke geesten kon aanrichten. Maatregelen hadden veel vroeger moeten komen.

De revolutie is terecht fier op de grote sociale hervormingen gefinancierd door de oliewinsten. Maar dit is onvoldoende. Veel van de hervormingen worden gesaboteerd door de bureaucratie, de corruptie en de parasitaire privé-sector, met name de kapitalistische klasse. Veel verwachtingen worden hierdoor niet verwezenlijkt. Het is niet mogelijk om zich uitsluitend te baseren op de bereidheid tot opoffering van de brede massa's. Velen zijn inderdaad bereid dit te doen in ruil voor verbeteringen morgen. Maar slechts tot een zeker punt. Dat is de betekenis van de massale onthoudingen.

Een jaar geleden stemden de massa's voor socialisme. Maar socialisme is iets zeer concreet voor de massa's. Eerst en vooral betekent het een aanzienlijke verbetering van de levensomstandigheden. Indien deze veranderingen niet plaats vinden, of te weinig, dan blijven er enkel maar woorden zonder betekenis over. Hetzelfde met de strijd tegen de corruptie en de bureaucratie. Chavez zelf heeft de bureaucratie en de corruptie aan de kaak gesteld. Dikwijls heeft hij opgeroepen om er tegen te strijden. Wanneer de massa's zijn woorden echter in de praktijk proberen om te zetten, botsen ze met de reformistische bureaucratie die zich heeft genesteld in de instellingen en die steeds meer gefusioneerd is met de burgerij. De afgelopen maanden stapte een deel van de reformisten zelfs daadwerkelijk naar de oppositie, zoals de partij Podemos. De meerderheid zit echter nog steeds op zijn plaats. De revolutie kan niet langer de aanwezigheid van deze parasiet tolereren, of ze zal er aan sterven.

Tegen deze achtergrond is het niet moeilijk te begrijpen welk het effect kan zijn van de hysterische en leugenachtige campagne van de rechterzijde en het imperialisme. De rechterzijde is er zeker niet in geslaagd om een gedeelte van de misnoegde chavistische achterban aan haar kant te krijgen. Waar ze wel is in geslaagd, is hen te verlammen. Onder diegenen die zich hebben onthouden, bevinden zich ongetwijfeld proteststemmen. Anderen hebben de band tussen hun concrete problemen en de hervormingen niet begrepen. De hervorming zelf raakte veel punten aan, waarvan een aantal naïef legalistische - zoals deze over de noodtoestand - die de rechterzijde bewust heeft vervormd en leugenachtig voorgesteld. De enige manier waarop de revolutie de sectoren die zich hebben onthouden had kunnen mobiliseren, was met zeer concrete en snelle maatregelen die het dagelijkse leven verbeteren. Voorlopig is de rechterzijde er niet in geslaagd de passieve massa van het chavisme voor haar te doen stemmen. Maar niets zegt dat dit morgen niet het geval kan zijn.

Ten slotte is er de campagne zelf. Het staat buiten kijf dat er een groep is binnen het chavisme die de hervormingen niet wilde of kon uitleggen, laat staan ervoor vechten. Propagandamateriaal was lange tijd niet te vinden voor de ‘ja'. Plots een paar dagen voor de stemming was het materiaal weer ter beschikking. Bovendien was deze campagne vanuit het revolutionaire kamp te weinig politiek. Het ging te vaak slechts over een ja-stem voor de persoon Chavez, terwijl de echte inzet natuurlijk de socialistische hervormingen waren, zoals Chavez trouwens zelf veelvuldig zei. De reformistische leiders hebben nooit gekozen voor een campagne van politieke overtuiging in de volkswijken, onder andere omdat ze zelf eigenlijk niet overtuigd zijn van de socialistische maatregelen. Ze dachten dat een simpele stem omwille van de persoon Chavez wel voldoende zou zijn en dat uitleg niet echt hoefde. Door die apolitieke aanpak kreeg de oppositie een makkelijk terrein voor haar leugenachtige propaganda waarin ze onder andere stellen dat het referendum over de macht van Chavez ging. Aangezien de Bolivariaanse leiders eveneens voor deze gepersonaliseerde aanpak opteerden, ging het vooral niet over de inhoud van de hervormingen

Het gebrek aan politieke oriëntatie door leidinggevende kaders heeft veel basismilitanten verplicht, net zoals Hugo Chavez zelf, om zich als het ware te vermenigvuldigen en over tegelijkertijd aanwezig te zijn. De vorming van de PSUV is ontegensprekelijk een grote stap vooruit. Maar tussen Chavez aan de top en de basismilitanten is er een grote leegte die nog steeds volgepropt is met reformisten en bureaucraten die in de eerste plaats een carrière beogen en die geen zin hebben in een socialistische maatschappij zonder privileges. Juist omwille van die lacune in het leidend kader van de revolutie was de bovenmenselijke inspanning van het Comando Zamora, Hugo Chavez, vice-president Jorge Rodriguez en de duizenden militanten niet opgewassen tegen het verenigde front van het imperialisme, de kapitalisten, de privé-media, de contrarevolutionaire studenten, de Kerk en verraders zoals de voormalige minister van Defensie Baduel.

Een van de meest gevaarlijke ideeën in een revolutionair proces is te denken dat deze onomkeerbaar is. Een deel van de massa's dacht dat de overwinning bij het referendum toch al verzekerd was en is gewoon thuis gebleven. Dit is vergelijkbaar met de verkiezingen van 1990 in Nicaragua, toen de Sandinisten volgens de peilingen veilig voorop lagen. Achteraf hebben veel armen zich beklaagd over hun onthouding bij de verkiezingen. In Venezuela is dit in de hand gewerkt door een zeker triomfalisme binnen de Bolivariaanse beweging sinds het terugslagen van de coup in 2002 en de lock-out in 2003. Verkiezing na verkiezing leek het dat ze enkel maar kunnen winnen. De oppositie liet steeds meer de schouders hangen. Waarom dan nog gaan stemmen als we toch al zeker zijn van de overwinning? Winnen is echter niet gegarandeerd. Verliezen kan ook nog. Wij hebben steeds herhaald dat een revolutie niet halfweg kan stoppen. Nu zien we de reële gevaren opdoemen.

De revolutie staat opnieuw voor een kruispunt, een van de meest gevaarlijke kruispunten uit haar geschiedenis. Nu moet in alle soberheid de discussie gevoerd worden over wat er mis gaat. Ook in de internationale solidariteitsbeweging is dit nodig. Triomfalisme is een venijn in een revolutie. Het reformisme in de Bolivariaanse beweging speelt een nefaste rol. Chavez zelf hamert hier dikwijls op. De reformisten denken dat het mogelijk is een tijger zijn klauwen één per één uit te trekken. Je kan zeker een ui schijf per schijf pellen. Maar het kapitalisme kan je niet op die manier uitdagen. Een revolutie kan niet jaren aanhouden zonder de kern van het kapitalisme ferm aan te pakken: het privé-bezit van de productiemiddelen en de kapitalistische organisatie van de staat.

De reformisten in de beweging gaan natuurlijk op basis van de uitslag het tegengestelde beweren, namelijk dat het hele proces best vertraagt en dat we de voorgestelde hervormingen moeten vergeten. Sommigen zullen zeker beweren dat het nu tijd is om de hand te reiken aan de oppositie. Dit doen zou de doodskus betekenen van de revolutie. Het is niet minder socialisme maar meer socialisme dat aan de orde van dag is.

Tijdschrift Vonk

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken