De brutale repressie door de politie van de arbeiders die de Mitshubishi-fabriek (MMC) bezetten, veroorzaakte op donderdag 29 januari de dood van twee van hende dood van twee van hen. Nu, enkele dagen na de brutale repressie, duiken meer details op over wat er precies is gebeurd.

De arbeiders hielden de terreinen van de MMC-fabriek reeds bezet sinds 20 januari, na een beslissing genomen op een massaal bijgewoonde arbeidersvergadering. De oorzaak van de bezetting was de eis tot heraanwerving van 135 arbeiders, tewerkgesteld bij onderaannemer Induservi. Zij verloren hun job nadat MMC het contract met Induservi had opgezegd. Deze ontslagen schenden het decreet over ‘werkstabiliteit' dat president Chavez heeft doorgevoerd ter bescherming van de rechten van de arbeiders. Daarenboven had president Chavez verklaard, in verband met de moord op drie vakbondsleiders in Aragua, dat elk bedrijf dat de rechten van arbeiders schendt, zou moeten worden overgenomen en genationaliseerd.

Ondanks staatssteun aan de bedrijven, is de auto-industrie in crisis. Dit heeft in november al geleid tot de bezetting van de auto-onderdelenfabriek Vivex door de eigen arbeiders (een bezetting die momenteel nog voortduurt). De vakbonden worden, zowel bij MMC als bij Vivex, geleid door leden van de Revolutionaire Marxistische Stroming (Felix Martinez en Yeant Sabino van de CMR, onze Venezolaanse zusterorganisatie). Zij ondersteunen de Bolivariaanse revolutie ten volle, maar waarschuwen tegelijk dat enkel de directe betrokkenheid van de arbeiders deze laatste in een socialistische revolutie kan veranderen. Deze revolutie houdt aldus een strijd in tegen de bureaucratie binnen het staatsapparaat en de Bolivariaanse beweging zelf.

De bestuurders van MMC Venezuela zijn heel sterk gekant tegen de Venezolaanse revolutie en nemen elke gelegenheid ter harte om president Chavez aan te vallen. Ze zijn erg bang voor de golf van arbeidersmilitantisme, die als gevolg van de Bolivariaanse revolutie in de autosector is opgedoken. Op donderdag 29 januari vaardigden drie rechters, Henry Gabián Dietrich, Lourdes Villarroel en Diana Vásquez, een uitzettingsbevel uit tegen de arbeiders (terwijl het eigenlijk het bedrijf was dat de wet had overtreden tegen collectief ontslag). Het oude justitieapparaat in Venezuela is nog altijd relatief intact en onveranderd door de revolutie. Het is hetzelfde, kapitalistische, juridische systeem dat gedurende decennia de belangen van de heersende klasse heeft verdedigd tegen de arbeiders en de boeren. Voornoemde drie rechters zijn rechtstreeks verantwoordelijk voor wat er die dag is gebeurd, zoals de voorzitter van de parlementaire commissie voor het mijn- en energiewezen correct vaststelde. De regionale gouverneur, Tarek William Saab, heeft eveneens verklaard dat ze voor de rechtbank zouden moeten worden gebracht voor hun verantwoordelijkheid in de gebeurtenissen.

Maar zij zijn niet de enige verantwoordelijken. De MMC-vakbond had geprobeerd om steun te krijgen van de andere autoarbeiders in het land. De dag voor de repressie waren arbeidersdelegaties van Toyota en Ford in de vestiging geweest. Hierbij hadden ze ook het onderwerp van een bezetting van hun eigen bedrijven ter sprake gebracht, zowel in hun strijd voor hun eigen eisen, als uit solidariteit met de MMC-arbeiders. De heersende klasse, en in het bijzonder de bazen van de auto-industrie, waren als de dood dat de strijd van de MMC-arbeiders zich zou verspreiden over de hele sector. Ze moesten deze strijd koste wat het kost beëindigen. Vertegenwoordigers van het bedrijf vergezelden rechter Diana Vasquez bij de uitvoering van het uitzettingsbevel.

De arbeiders meldden dat net voor de aankomst van de rechter onbekende personen in de fabriek aanwezig waren die vroegen wie Felix Martinez was (de algemene secretaris van de vakbond en lid van de CMR). Er zijn duidelijke aanwijzingen dat het doel niet enkel was om de arbeiders een lesje te leren, maar dat de repressie ook in het bijzonder gericht was tegen de leiders van de arbeiders. Een van de arbeiders die werden gedood, viel net voor de voeten van Felix, en een ander, die door de politie werd uitgepikt voor een brutale afranseling, leek heel sterk op hem.

In tegenstelling tot wat de Venezolaanse media insinueerden, waren de arbeiders niet gewapend. Waren ze die dag gewapend geweest, dan zouden zeker enkele politieagenten gewond zijn geraakt en zou het daaropvolgende gevecht meer op een gelijke basis hebben plaatsgevonden. Op schandalige wijze werden deze insinuaties herhaald door Rafael Vega, algemeen secretaris van de gouverneur van Anzoategui. Hij voegde eraan toe dat er "onbuigzame elementen" waren onder de arbeiders en dat zij eveneens verantwoordelijk waren voor het conflict. Dit is een schandalige uitspraak vanwege een zogenaamde revolutionair. Dit toont aan dat hooggeplaatste personen in de staatsbureaucratie in Anzoategui waarschijnlijk groen licht hebben gegeven aan de politie om de rechter te vergezellen (de politie legt immers geen verantwoording af aan de juridische macht, maar eerder aan de gouverneur).

Toen 50 agenten van de GRIP (politie-eenheid voor snelle interventies - de oproereenheid) geleid door Manuel Ortiz, aankwamen bij de vestiging samen met de rechter, veronderstelden de arbeiders dat hetzelfde zou gebeuren als enkele weken daarvoor in Vivex: de rechter zou het uitzettingsbevel overhandigen, de arbeiders zouden weigeren te gehoorzamen en de rechter zou opnieuw vertrekken. Het laatste dat ze verwachtten, was dat ze met echte kogels zouden worden aangevallen door de politiemacht van de Bolivariaanse gouverneur die ze zelf hadden verkozen! Dat is dan ook de reden waarom ze niet gewapend waren. Hoe kan anders worden verklaard dat ze de brutaliteiten van de politie beantwoordden met stenen?

In het daaropvolgende gevecht werden twee arbeiders gedood door een kogel (Jose Marcano en Pedro Suarez) en zes anderen raakten gewond [een derde arbeider stierf in het ziekenhuis, n.v.d.r.]. De politieagenten vielen zelfs de wagens aan waarmee de arbeiders poogden om de gewonden naar het ziekenhuis te vervoeren. In de beeldende beelden die door de arbeiders werden gefilmd gedurende de repressie, is heel duidelijk te zien dat de politieagenten gebruik maakten van pistolen en geweren, evenals traangasgranaten, tegen ongewapende arbeiders. Na een twee uur durende belegering trok de politie zich uiteindelijk terug, toen ze honderden mensen uit de naburige fabrieken en gemeenschappen tegenover zich kreeg. Deze waren gekomen om de MMC-arbeiders te steunen. Zelfs nadat bekend werd dat twee arbeiders waren gedood, bleef rechter Vasquez eisen dat het uitzettingsbevel zou worden uitgevoerd.

Toen het bericht van de dood van de twee arbeiders eenmaal bekend was geraakt, reageerde de regionale gouverneur Tarek William heel snel. Alle betrokken politieagenten, 50 in totaal, werden op non-actief gezet en een eenheid van de nationale criminele politie (CIPC) werd gestuurd om een onderzoek in te stellen. [Intussen werden 5 à 7 agenten in vervolging gesteld, n.v.d.r.] Tarek William Saab was vrijdag 30 januari aanwezig op de arbeidersvergadering waar hij de genomen maatregelen nader verklaarde, beloofde om de families te helpen enzovoort. Zes agenten zijn nu officieel beschuldigd van de moord op een van de arbeiders. Daarmee wordt ingegaan tegen eerdere officiële verklaringen als zou geen van de agenten hebben geschoten. De vraag blijft, als er antirevolutionaire elementen aanwezig waren binnen de politiemacht, waarom de gouverneur hen niet al lang uit de dienst had verwijderd. Dit is in feite zelfs niet de eerste maal dat de politie van Anzoategui is ingezet tegen de arbeiders. Vorig jaar hebben zij reeds arbeiders aangevallen die streden voor hun contract.

Eveneens op vrijdag deed president Chavez een verklaring op de televisie, waarin hij zei dat hij bij een conflict tussen de sterkeren en de zwakkeren instinctief de zijde van de zwakkeren kiest en dat hij een sterke sympathie voelt voor de vermoorde arbeiders. Hij verbond terecht de gebeurtenissen met de geweld- en destabiliseringscampagne uitgevoerd door de oppositie in de aanloop naar het referendum rond het grondwettelijke amendement op 15 februari. Op het einde van zijn verklaring herhaalde hij echter ook insinuaties als zouden gewapende personen aanwezig zijn geweest in de fabriek (verwijzend naar een ander geval en zonder de MMC-arbeiders rechtstreeks te vernoemen). Dit lijkt er eveneens op te wijzen dat bureaucraten binnen de Bolivariaanse beweging belang hebben bij het verspreiden van deze leugen.

Ook de minister van Arbeid kwam snel tussen. Hij stelde de brutaliteit van de politie aan de kaak, zette de regionale coördinator van het ministerie (Ali Velez, die door de arbeiders ervan wordt beschuldigd te heulen met de bazen) af en benoemde een hoge commissie om de klachten van de arbeiders te behandelen. De arbeidersvertegenwoordigers hebben echter verklaard niet bereid te zijn om te onderhandelen met het huidige management van het bedrijf, noch om de installaties vrij te geven, totdat haar verantwoordelijkheid in de dood van de drie arbeiders is opgehelderd.

Op vrijdag 30 januari vond een bijeenkomst plaats waarop zo'n 50 verschillende vakbonden uit de regio aanwezig waren om te overleggen over wat er moet gedaan worden. Als gevolg van de gebeurtenissen werd de regionale UNT in de praktijk versterkt door de incorporatie van verschillende vakbonden die er voorheen geen deel van uitmaakten. Op dezelfde dag legden arbeiders in het hele industriële gebied van Barcelona het werk neer uit protest. Sektarische elementen die aanwezig waren op de bijeenkomst, wilden dit ombuigen tot een strijd tegen de regering en de Bolivariaanse revolutie, maar de arbeiders met de algemene secretaris van de MMC-vakbond Felix Martinez op kop verwierpen dit zonder enige aarzeling. In feite hebben een groot aantal van de arbeiders van de vestiging zich voorstander verklaard van de grondwettelijke hervorming, terwijl de uiterst-linksen tegen de hervorming zijn en oproepen tot een boycot van de verkiezingen.

Op zondag 1 februari was er een begrafenisplechtigheid voor de arbeiders net buiten de fabriek, met ongeveer 2000 aanwezigen. Vertegenwoordigers van de nationale UNT namen het woord, evenals vertegenwoordigers van Freteco en de CMR. Op dinsdag werd opgeroepen tot een mars om het ontslag en de berechting te eisen van de rechters die betrokken waren in de zaak. Een dag van nationale staking van de autoarbeiders werd aangekondigd. De vakbond van de arbeiders van Toyota in Cumana, Sucre, die eveneens zal deelnemen aan de protestmars in Barcelona, heeft de bazen en de rechters gewaarschuwd om geen gelijkaardige tactieken te gebruiken in de staat Sucre en heeft aangekondigd te zullen staken op donderdag.

De arbeiders van MMC en de UNT vragen nog steeds de verwijdering van de betrokken rechters, de verwijdering van de betrokken MMC-directie, het ontslag van de commandant van de politie en de algemene secretaris van de gouverneur, Rafael Vega, en de inwilliging van de eisen van de arbeiders in verband met de heraanwerving van de 135 arbeiders van Induservi.

Dit conflict behoort tot de kern van de uitdagingen die de Bolivariaanse revolutie moet aangaan. De revolutionaire beweging heeft de arbeidersklasse wakker geschud. Een nieuwe, militante klassenstrijd gebaseerd op de vakbondsbeweging is geschapen en gaat nu in de aanval. De verrotte en reactionaire kapitalistische klasse in Venezuela heeft opnieuw bewezen dat zij bereid is om alle middelen te gebruiken waarover zij beschikt om de revolutie neer te slaan en de arbeiders en het volk op de knieën te krijgen.

De arbeiders zijn doordrongen van de ideeën van het socialisme, arbeiderscontrole enzovoort. Ze zijn vol zelfvertrouwen. Toch controleert de oligarchie, tien jaar na het begin van de Bolivariaanse revolutie, nog steeds sleutelsectoren van de economie en behoudt zij sleutelposten in het staatsapparaat (zoals duidelijk werd aangetoond in deze zaak). Zolang de macht niet uit handen van de kapitalisten wordt genomen, kan de revolutie niet beginnen aan haar taak om het socialisme op te bouwen. En hoe langer dit wordt uitgesteld, hoe sterker het gevaar voor desillusie en demoralisatie onder de Bolivariaanse massa, zoals aangetoond door de resultaten van de laatste twee electorale uitdagingen.

De arbeiders van MMC verdienen onze volledige steun. Van hun strijd en van de strijd van de arbeiders in het algemeen hangt het lot van de Bolivariaanse revolutie af.

Stuur steunboodschappen met de volgende eisen:

- het ontslag van de commandant van de politie en van de algemene secretaris van de gouverneur van Anzoategui

- de berechting van de rechters en de bestuurders van MMC

- de inwilliging van de eisen van de MMC-arbeiders

- de nationalisatie onder arbeiderscontrole van Vivex

Zend de boodschappen naar:

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Stuur steunboodschappen aan de arbeiders via:

- Freteco: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

- Sindicato Nueva Generación, MMC: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Tijdschrift Vonk

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken