Hoewel het onze media grotendeels ontgaan is, stond in Chili het derde weekend van mei in het teken van de nieuwe grondwettelijke vergadering die verkozen werd. De belofte om de grondwet te herschrijven, die nog nagenoeg dezelfde is als onder de dictatuur van Pinochet, was een toegift aan de opstandige beweging uit oktober 2019. De gehekelde president Piñera hield dat destijds als een vergiftigd geschenk aan de Chileense massa’s voor:

  • Het zou het protest terug binnen het institutionele kader trekken, ten nadele van het straat- en stakingsprotest. Daar gingen de links-reformistische partijen maar al te graag in mee.
  • De grondwetsherziening werd gespreid over verschillende jaren, met de uitgesproken bedoeling om de revolutionaire dynamiek van de herfst van 2019 te doorbreken.
  • De nieuwe grondwet zou bij tweederde meerderheid gestemd worden, wat de rechterzijde de kans zou kunnen geven om een vetomacht te bekomen en zo elke betekenisvolle breuk met het verleden te vermijden.
  • De rechtse electorale machines zouden tijdens ‘normale’ verkiezingen de kans krijgen om via steunpunten in de media en onder de passieve laag van de bevolking hun invloed te herstellen.

In dat laatste zijn ze alleszins niet geslaagd. De rechtse partijen kregen zo’n pak electorale rammel dat ze amper 20% van de stemmen kregen. Zo kunnen ze zich binnen de grondwettelijke vergadering zelfs niet als een vetomacht opstellen.

Dat betekent dat de bal volledig in het kamp ligt van de verschillende linkse formaties. Apruebo Dignidad, de coalitie rondom de Communistische Partij, behaalde 18% van de afgevaardigden. Met 31% van de leden van de grondwettelijke vergadering, zijn het vooral de verschillende onafhankelijke vertegenwoordigers die deze verkiezingen hebben gewonnen. Deze onafhankelijken zijn veelal prominente figuren uit de oktoberopstand van 2019. Dit is in het bijzonder het geval voor de Volkslijst (La Lista del Pueblo), dat nog eens 16% behaalde. Daarnaast werden de 17 plaatsen voorbehouden aan de inheemse gemeenschap veelal ingevuld door activistische leiders. Zo is het politieke evenwicht uit het post-Pinochet-tijdperk volledig door elkaar gegooid. De zogenaamde Concertación, de coalitie van sociaal-en christendemocraten en ‘linkse’ verdedigers van het status quo, is gekrompen tot 14%.

De uitgebrachte stemmen zijn een duidelijk mandaat voor diepgaande sociale en politieke verandering. Maar of dat zijn weerslag zal krijgen in de grondwettelijke vergadering is nog maar de vraag. De Concertación is, hoewel ‘links’, een trouwe vertegenwoordiger van het bestaande staatsapparaat, inclusief relikwieën uit het tijdperk van Pinochet. Het is ook niet gezegd dat alle onafhankelijken aan hetzelfde zeil zullen trekken.

Wat wel duidelijk is sinds oktober 2019: de Chileense massa’s zijn nog niet van het toneel verdwenen. De mobilisaties, waaronder cacerolazos (potten-en-pannen concerten) en een krachtige staking van havenarbeiders, gaan ook tijdens de pandemie door. Het is duidelijk dat de Chileense arbeidersklasse een directe impact wil hebben op de nieuwe grondwet.

Om die wens in politieke macht om te zetten, zullen de volksvergaderingen en stakingscomités die tijdens de oktoberprotesten zijn verschenen, cruciaal zijn. De vertegenwoordigers van Lista del Pueblo hebben al aangegeven dat ze volksvergaderingen zullen samenroepen doorheen het grondwettelijk proces. Dat is een goed startpunt om ‘de straat’ te wapenen tegen de manipulaties die de heersende klasse nog achter de hand houdt. De politieke strijd zal het komende jaar sterk focussen op de grondwetsherziening, maar kan zich daar niet toe beperken indien de Chileense massa’s doorduwen voor echte verandering.

Tijdschrift Vonk

Layout_Vonk_308-page-001.jpg

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken