Terwijl we dit schrijven [10 september, n.v.d.r.], heeft een Palestijns zelfmoordcommando net minstens zeven mensen gedood en vijftien verwond buiten een Israëlische basis in de buurt van Tel Aviv (dat was dinsdag), in een nieuwe verwoestende slag aan het reeds zieltogende Amerikaanse plan om de regio te controleren, de zogenaamde ‘Road Map’. Het was de eerste zelfmoordaanslag sinds 19 augustus, toen een Hamas-militant 22 mensen doodde in Jeruzalem nadat premier Ariel Sharon zijn bloederige moordcampagne begon om Hamas uit te roeien – met als ‘hoogtepunt’ de moordpoging op de grondlegger van Hamas, sjeik Ahmed Yassin.

Het bloedvergieten aan het einde van augustus maakte een einde aan een staakt-het-vuren dat door islamitische militante groeperingen was afgekondigd en versnelde het aftreden deze zaterdag van Mahmud Abbas (Abu Mazen), die als eerste Palestijnse premier de steun had van president Bush, en kelderde zodoende de door de VS uitgedokterde wegenkaart naar de vrede.

Het aftreden van Abu Mazen bracht een zware slag toe aan de VS en Israël. Sharon en Bush moesten lijdzaam toekijken toen Arafat een waarnemende regering aankondigde, wat tot wilde speculaties leidde over wie zijn kandidaat voor de eerste-ministerpost zou zijn. Na het aftreden drong het snel door tot de Amerikaanse regering dat het Witte Huis uiteindelijk toch niet zonder Arafat kon. Voordat hij een bezoek bracht aan India, verkondigde Sharon dat er deze keer niet gedacht werd aan een verbanning van Arafat. Sharon zou natuurlijk niets liever willen dan de voorstellen van zijn ministers om Arafat te verbannen in overweging te nemen, zoals hij in het verleden reeds deed, maar nu moet hij rekening houden met Amerikaanse bezwaren tegen een Israëlisch offensief tegen de leider van de Palestijnse Autoriteit, uit angst voor de regionale gevolgen.

De onstabiliteit van het Midden-Oosten neemt dagelijks toe en Bush begint te begrijpen dat sociale beroering en volksopstanden in de nabije toekomst tot de mogelijkheden behoren. De Amerikaanse politici, die slechts enkele dagen geleden aankondigden dat de Road Map dood is, haastten zich om te zeggen dat de VS nog steeds in het plan geloofden als de enige weg om het Israëlisch-Palestijnse conflict op te lossen. Dit weliswaar zonder enige vorm van protest tegen de oorlogsmisdaden in de bezette gebieden door het Israëlische leger.

Voor velen die de politieke ontwikkelingen in het Midden-Oosten volgen, kwam de nominatie van Ahmed Qureia (bekend als Abu Alaa) voor de eerste-ministerpost als een verrassing. Om de betekenis van deze politieke gebeurtenis te begrijpen, moeten we terugblikken op de politieke ontwikkelingen van de laatste maanden in het bijzonder.

Een geschiedenis van verraad

Sinds de Oslo-akkoorden van 1993 was de vraag hoe lang het zou duren voor een nieuwe Intifada (opstand) zou uitbreken. De groeiende ontevredenheid van de massa’s op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook was manifest. Gezien de situatie was dit ook onvermijdelijk. Nadat ze er gedurende decennia niet in waren geslaagd de Palestijnse zaak ook maar een stap vooruit te brengen, waren de kopstukken van de PLO meer dan blij uit de ballingschap in Tunesië terug te keren naar de bezette gebieden om de vruchten te plukken van het leiderschap, terwijl deze veroverd waren door het volk tijdens de vorige Intifada. Wat zij aanvaardden kwam neer op het verraad van de Palestijnse nationale bevrijdingsstrijd.

De overeenkomst die Arafat met de Israëli’s ondertekende onder druk van de Clinton-regering, was een valstrik voor het Palestijnse volk. Dit was geen zelfbeschikking, maar een miserabele karikatuur van de Palestijnse nationale idealen en regelrecht bedrog. Gaza werd tegen wil en dank gescheiden van de Westelijke Jordaanoever, en Oost-Jeruzalem bleef onderworpen aan de Israëlische bezetting. Extreem-rechtse kolonisten bleven in grote getale ter plekke en werden niet geëvacueerd, terwijl hun aanwezigheid beschouwd werd als een voortdurende provocatie van de Palestijnen. In werkelijkheid was de zogenaamde Palestijnse Autoriteit een instrument van Israël, dat nog steeds door haar werd gecontroleerd. De levensomstandigheden van het Arabische volk op de Westelijke Jordaanoever en in Gaza na het zogenaamde ‘vredesakkoord’ gingen erop achteruit. Het volk leed honger en verarmde meer dan ooit, en nadat islamitische militanten reageerden met zelfmoordaanslagen, nam de massale werkloosheid vooral onder de jongeren toe. Het gevolg is dat meer dan 23,2 procent van de Palestijnse bevolking onder de armoedegrens leeft en dat het gemiddelde inkomen per dag nu 2,1 dollar bedraagt per persoon. Alsof dit nog niet voldoende was, vormden Arafat en zijn kliek een geprivilegieerde bureaucratische elite die politieman voor Tel Aviv speelt, terwijl ze hun zakken vullen ten koste van het Palestijnse volk.

Op 28 september 2000 konden diplomatieke inspanningen van de zionistische Labourregering onder leiding van toenmalig premier Ehud Barak niet vermijden dat een nieuwe Intifada uitbrak. Op 6 februari 2001 werd Ariel Sharon verkozen als eerste minister van Israël, met de totale steun van de heersende klasse en het Hooggerechtshof. Hij kon met een van de machtigste oorlogsmachines ooit de strijd te breken van een verarmd volk, verstoken van enige vorm van ernstig leiderschap, slechts lichtbewapend, met enkel moed als schild tegen Israëlisch-Amerikaanse tanks en helikopters. Wat de zaken nog verergerde, was dat gezien het verraad van de Palestijnse nationale bevrijdingsstrijd door de seculiere PLO, de leiding van het verzet tegen de nationale onderdrukking overgelaten werd aan de islamitische oppositie van Hamas en islamitische Jihad. Het zijn dus reactionairen die een religieuze kapitalistische staat zoals Iran willen oprichten, met als wapens blind terrorisme tegen de onschuldige Israëlische arbeidersklasse, die zodoende in de handen van de zionistische nationalistische reactie gedreven wordt.

Sinds oktober 2000 hebben het Palestijnse volk en de Israëlische arbeiders en armen een verschrikkelijke aderlating doorstaan ten gevolge van het Israëlische staatsterrorisme en individuele Palestijnse zelfmoordaanslagen. Men telde 2.603 Palestijnse doden, waaronder 267 in moordaanvallen of ‘onrechtmatige’ executies. Honderddertig van deze slachtoffers waren omstaanders of ‘onbedoelde’ slachtoffers, vermoord in de nabijheid van het doelwit. Eenendertig slachtoffers waren kinderen en 24 waren vrouwen. Minstens 85 procent waren ongewapende burgers. Vijfhonderdvijftig van hen werden gedood met zwaar wapentuig. Duizendvijfhonderd zevenenzeventig Palestijnen werden vermoord met de kogel. Tegelijkertijd werden ongeveer 850 Israëli’s vermoord – voornamelijk burgers – in individuele terroristische operaties uitgevoerd door leden van de Palestijnse islamitische groeperingen.

Van staakt-het-vuren tot nieuw bloedvergieten

Dit eindeloze doden en de vernietiging van de economie in de Westelijke Jordaanoever-Gazastrook en Israël, leidde tot het staakt-het-vuren (bekend als de ‘Hunda’). Omdat hij zich bewust was van het steeds dieper wordende gevoel van vermoeidheid onder de Israëlische bevolking, werd Sharon gedwongen een onderbreking te aanvaarden van zijn plan om de PA te vernietigen en Arafat te verbannen. Toch bleef hij meedogenloos optreden, met als doel het schenden van de Hunda, door de uitvoering van een politiek van moordaanslagen op de politieke en militaire leiders van Hamas en islamitische Jihad. Zoals zovele heersers voor hem die dronken geworden waren door machtswellust, overtuigde hij zichzelf ervan dat hij in staat zou zijn de kracht van de Israëlische oorlogsmachine aan te wenden om voor eens en altijd een eind te maken aan het Palestijnse verzet tegen het ‘Grote Israël’.

Voor dit plan was Sharon bereid sjeik Ahmed Yassin te vermoorden, zelfs indien dit een bloedige religieuze oorlog tegen de hele moslimbevolking in het Midden-Oosten zou betekenen. Een paar weken geleden gaf hij te kennen een aanval op Syrië te overwegen om Hamas-leiders daar uit te schakelen.

Van zijn kant is George Bush tot het besef gekomen dat de VS in Irak verwikkeld geraken in een nieuwe oorlog à la Vietnam. De financiële en menselijke kost van de bezetting van Irak en het in stand houden van haar nieuwe door Amerika benoemde leiding, hopen zich onverbiddelijk op. Amerikaanse soldaten en andere coalitietropen worden dagelijks gedood door islamitisch-Iraakse militanten. De Amerikaanse arbeidersklasse betaalt de prijs, niet enkel door het offeren van het bloed van haar zonen (en dochters), maar tevens door het opofferen van haar levensstandaard, haar verworvenheden en haar rechten. Dit is precies het soort prijs die de minister van Financiën/Bezuiniging, Binyamin Netanyahu, de Israëli’s wil laten betalen.

Hoewel een nederlaag voor Sharon en het ineenstorten van zijn regering de beste mogelijkheid vormen voor de arbeiders en jongeren, zullen we geen steun verlenen aan de Palestijnse burgerij, inclusief de anti-imperialistische of anti-zionistische fracties van de Al-Aqsa Martelarenbrigade of de islamitische fundamentalisten. Als marxisten stellen we een andere manier voor om de crisis op te lossen en het bloedvergieten te beëindigen. Een manier gebaseerd op een klassenpositie, waarbij de politieke onafhankelijkheid van de arbeidersklasse wordt behouden.

De marxistische aanpak

Reeds in de jaren ’30 waarschuwde Leon Trotski (zelf van joods-Russische afkomst, n.v.d.r.) ervoor dat de oprichting van een aparte joodse staat in Palestina zou eindigen als een wrede val voor de joden zelf. Alle gebeurtenissen van de laatste vijftig jaar of verder, hebben in overvloed aangetoond hou juist deze woorden waren. Toen de Israëlische staat oorspronkelijk werd opgericht, verzetten de echte marxisten zich ertegen en riepen ze in de plaats op voor een unitaire staat met autonomie voor de twee volkeren. Sindsdien zijn de zaken echter danig veranderd. Wat in de loop van de geschiedenis gebeurd is, kan niet worden teruggedraaid. Israël bestaat nu en verschillende generaties joden hebben er gedurende een tijd geleefd en hebben net zoals een ander het recht op een thuis. Wat ze niet hebben is het recht een ander volk te veroveren en te onderdrukken. Spijtig genoeg is dit wat ze de Palestijnen nu aandoen. De verschrikkelijke onderdrukking van de Palestijnen door de Israëlische staat kan enkel tot meer bloedvergieten leiden. Op lange termijn kan dit leiden tot een verschrikkelijke catastrofe voor beide volkeren. Inderdaad, Israël is een machtige militaire mogendheid, maar hoelang zullen ze in staat blijven om de Palestijnse bevolking te onderdrukken? Niet eeuwig. Door vandaag de Palestijnen te verpletteren, doet de Israëlische staat niets anders dan het aansteken van grotere en bloediger conflicten in de toekomst.

Ondanks het machtige militaire apparaat dat tot haar beschikking staat, is de Israëlische staat niet in staat om de gewone Israëli’s rust en vrede te verzekeren. Elke aanval op de Palestijnen leidt tot nog meer zelfmoordaanslagen. Deze aanvallen betrekken maar een klein aantal zelfmoordcommando’s, maar zijn tot de verspreiding in staat van verschrikkelijke vernietiging en lichamelijk letsels. Ze hebben in feite elke vorm van normaal bestaan vernietigd voor de gewone man of vrouw in Israël. De mensen in Israël stellen de methodes van hun eigen staat in vraag. Waar is de veiligheid die de regering hen beloofde? In plaats van de joden een veilig onderkomen te bieden, blijkt Israël inderdaad die wrede val te zijn waarover Trotski sprak. Er is geen vrede. Mensen leiden hun dagelijkse leven en zijn bezorgd over de volgende aanval. Hier valt een parallel te trekken met de omstandigheden van de Palestijnen, die in angst leven onder de hiel van de laars van het Israëlische leger. Natuurlijk zijn de omstandigheden waarmee de Palestijnen worden geconfronteerd honderdmaal erger dan die in Israël.

Sharon wil graag de oorlogskaart uitspelen tegenover zijn Arabische buren, in het bijzonder Libanon en Syrië. Indien zo’n oorlog zou plaatsvinden, zou het opnieuw eindigen in een nederlaag voor de Arabieren. Dit is waarom alle Arabische burgerlijke regimes wanhopig proberen oorlog te vermijden. Maar het is mogelijk dat ze niet in staat zullen zijn dit scenario te ontlopen. Minstens één deel van de Israëlische heersende klasse lijkt erop gericht een oorlog uit te lokken. Dit wordt eveneens weerspiegeld in een deel van de Amerikaanse heersende klasse, meer bepaald haar meest reactionaire en stompzinnige vleugel. De Amerikaanse imperialisten zouden liever de situatie tegenhouden, aangezien ze nu reeds genoeg om handen hebben met de huidige stand van zaken in zowel Irak als Afghanistan. Het is niet uitgesloten dat Sharon, om zijn eigen redenen, er toch andere ideeën op na houdt.

De corrupte en reactionaire Arabische leiders die in zo’n oorlog betrokken zouden raken, vrezen vooral de gevolgen voor henzelf mochten ze nogmaals verslagen worden. Een nederlaag zou een explosieve reactie uitlokken onder de massa’s in het hele Midden-Oosten. Dit kan leiden tot de omverwerping van het ene regime na het andere. Dit is juist de nachtmerrie die het Amerikaanse imperialisme probeert te vermijden.

De eerste taak van de Palestijnse massa’s is het verdrijven van het Israëlische leger uit de Gazastrook en Westelijke Jordaanoever. De strijd van de Palestijnen tegen de Israëlische bezetting moet onvoorwaardelijk worden gesteund door de arbeiders van alle landen. We eisen het recht op zelfbeschikking voor het Palestijnse volk. Maar dit is niet genoeg. We moeten tonen hoe dit kan worden bereikt.

Op basis van het kapitalisme bestaat er geen oplossing, enkel voortdurende oorlogen, conflicten en nationale haat. Daarom is het nodig de Arabische reactionaire regimes omver te werpen, samen met het Israëlische imperialisme. Dit kan enkel worden bereikt door een sociale revolutie. Sommigen zeggen dat dit utopisch is, dat het Israëlische imperialisme te sterk is, of dat de klassenstrijd niet meer op de agenda staat in het Midden-Oosten. Aan de oppervlakte mag dit zo lijken. Maar we moeten onder dit oppervlak kijken, naar de onderliggende tegenstellingen die zich ontwikkelen. Zowel in Israël als in de Arabische landen zit de werkloosheid in de lift en aan de werkende massa’s wordt gevraagd het merendeel van de last te dragen. Vanuit een situatie die hopeloos mag lijken voor ieder die de ware ideeën van het socialisme verdedigt, zullen we daarom op een gegeven moment de onvermijdelijke uitbarsting van de klassenstrijd en revolutionaire ontwikkelingen zien. In Israël zijn de eerste signalen reeds zichtbaar met de recente algemene staking van de openbare diensten.

Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog stonden de bolsjewieken quasi volledig geïsoleerd. Heel Europa werd in de barbaarsheid van oorlog en broedermoord geworpen. In deze duistere dagen domineerde nationaal chauvinisme. De marxisten voerden strijd om hun boodschap gehoord te krijgen. Maar binnen enkele jaren tijd stond de situatie op haar kop. In Rusland kwamen de arbeiders aan de macht en een revolutionaire golf trok doorheen heel Europa, waar de arbeiders ook de macht hadden kunnen nemen mochten ze over een revolutionaire leiding beschikt hebben.

De oorlog in Irak heeft niets opgelost. Het heeft enkel het zaad geplant voor een nog grotere instabiliteit. Sharon kan de wens hebben om de aandacht van de Israëlische arbeiders af te leiden van de sociale problemen en te doen afglijden naar nationale haat en oorlog. Andere oorlogen in het Midden-Oosten zullen ook niets oplossen. De algemene instabiliteit die de regio sinds decennia treft, is de aanleiding geweest tot verscheidene oorlogen. Deze oorlogen leidden zelf tot een nog grotere instabiliteit. Ze kunnen de onderliggende oorzaken van het conflict niet wegnemen, die immers voortkomen uit het kapitalistische systeem zelf. De revolutionaire beweging van de massa’s is op een gegeven punt onvermijdelijk. De hele situatie wijst hierop. Als marxisten zijn wij er absoluut van overtuigd dat de arbeiders vroeg of laat in beweging zullen komen. De hele loop van de geschiedenis toont aan dat arbeiders niet eeuwig kunnen worden onderdrukt. Wat ontbreekt is een bewuste marxistische leiding. Het is nodig een internationalistische tendens op te bouwen, gebaseerd op de fundamentele gedachten van het marxisme. Indien zo’n kracht zou worden opgebouwd, zowel onder de Israëlische arbeiders als onder de Arabieren, dan zou het mogelijk zijn het nationalistische en chauvinistische rookgordijn te verdrijven. Het zou de nadruk leggen op de klassenbelangen en oproepen voor een Socialistische Federatie van het Midden-Oosten als enige oplossing voor de problemen van de arbeiders in alle betrokken landen.

We mogen ons niet laten meeslepen door een ogenschijnlijk onmogelijke situatie. We moeten het totale historische proces in ogenschouw nemen terwijl de feiten zich openbaren. De omstandigheden voor revolutionaire ontwikkelingen zijn langzaam maar zeker tot rijpheid aan het komen. Juist de impasse waarmee het hele Midden-Oosten wordt geconfronteerd, met zijn oorlogen en uitbarstingen van bloedvergieten, toont heel duidelijk aan dat het kapitalisme niet in staat is een eind te maken aan de tegenstellingen die de maatschappij richting barbarij slepen. Dit verklaart de huidige verwarring. Maar uiteindelijk zullen de gewone werkende mensen aan beide zijden genoeg krijgen van de vergeldingsmoorden. Ze zullen inzien dat dit een doodlopende straat is. Aan beide kanten zullen de arbeiders en de jeugd op zoek gaan naar een alternatief voor de impasse die het kapitalisme hun te bieden heeft. Ze zullen vele vragen hebben, en het is aan ons om klaar te staan met antwoorden.

Het nationaliteitenvraagstuk kan niet opgelost worden waar er klassenuitbuiting bestaat, waar de ene natie de andere onderdrukt. In het Midden-Oosten leven vele volkeren: joden, Palestijnen, Druzen, Kopten, Armeniërs, Koerden enzovoort. Elk van hen heeft het recht op een thuisland waar ze in vrede kunnen leven. Zolang winstbejag het belangrijkste motief blijft, kunnen deze rechten niet worden verworven. Daarom ligt de oplossing in de oprichting van een Socialistische Federatie van het Midden-Oosten. Binnen deze federatie zouden alle volkeren een hun toegekend gebied hebben, waarvan de grenzen op vriendschappelijke wijze zouden zijn vastgelegd, zodra de arbeiders aan de macht zijn. Vluchtelingen zouden de kans krijgen terug te komen. De hele regio zou de kans krijgen haar rijke potentieel tot ontwikkeling te brengen, binnen een gemeenschappelijk socialistisch productieplan. Ieder zou kans op werk hebben en armoede zou worden uitgeroeid. De rijkdom die nu in de handen van enkelen is, zou worden aangewend om alle sociale problemen op te lossen die nu aan de basis liggen van het nationaal conflict. Na een bepaalde tijd zou de oude nationale en religieuze haat een ding van het verleden worden.

Is dit werkelijk een utopische droom? Wat utopisch is, is de gedachte dat de huidige situatie eeuwig kan doorgaan. Het zijn niet de marxisten die utopisch zijn. De utopisten staan aan de andere kant van de barricade. Als Sharon denkt dat hij een heel volk kan onderdrukken door het in te sluiten achter een muur, door het te bombarderen en het alle basisrechten te ontkennen, dan leeft hij in een droomwereld. Als de moslimfundamentalisten geloven dat ze Israël kunnen vernietigen met zelfmoordaanslagen, dan leven ze evenzeer in een droomwereld.

Decennia lang hebben joden en Arabieren elkaar gedood, en de situatie wordt er zelfs nog slechter op nu ook aan beide zijden vrouwen, kinderen en bejaarden het doelwit worden. Geen van de zogenaamde ‘vredesakkoorden’ heeft iets bereikt. Dit kan ook niet, want ze kunnen niets veranderen aan de onderliggende sociale tegenstellingen, die worden gecreëerd door een economisch systeem dat steunt op uitbuiting en onderdrukking. Op basis van het kapitalisme kan de situatie enkel maar verergeren. Het bedreigt alle mensen in het Midden-Oosten met een catastrofe.

Al die kritische arbeiders en jongeren, zowel in Israël als onder de Arabieren, die zichzelf beschouwen als deel van de linkerzijde, hebben een grote verantwoordelijkheid. Ondanks de moeilijkheden moeten we tegen de stroom in vechten. We moeten nationaal chauvinisme tegengaan en oproepen voor de eenheid van joodse en Arabische arbeiders. Wij, de marxisten in Israël, zullen met al onze kracht vechten tegen de onderdrukking van het Palestijnse volk. Terwijl we dit doen, zullen we aan onze Palestijnse broeders en zusters uitleggen dat de enige duurzame uitweg uit deze bloedige puinhoop te vinden is in het samenkomen van de werkende mensen van Israël en Palestina, in een gemeenschappelijke strijd tegen kapitalisme en imperialisme.

Tijdschrift Vonk

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken