Theorie

Een eeuw geleden, in maart 1919 vond het eerste congres van de Derde Internationale (de Communistische internationale of beter gekend onder de Russische afkorting Komintern) plaats in Moskou. Lenin en Trotski zagen in deze nieuwe internationale de ‘Wereldpartij van de socialistische revolutie’.

De voormalige BRT-journalist Geert Van Istendael waarschuwt de lezer bij de aanvang: “Daarom trek ik mijn ruwste bek open. Ik mag hopen dat ik uw gemoedsrust verstoor”.

Dit jaar is het 77 jaar geleden dat de socialistische revolutionair Henk Sneevliet, samen met zeven van zijn kameraden door de nazi’s werd vermoord. Sneevliet was de leider van het Marx-Lenin-Luxemburg Front, een ondergrondse organisatie die onmiddellijk na de Duitse inval in mei 1940 was opgericht.

In 2011 startte de Nederlandse uitgeverij Polak & Van Gennep met de Berberbibliotheek, een reeks boeken van klassieke, bekende schrijvers uit de Maghreb.

Wat is geld? Waar komt het vandaan? Voor veel mensen is geld iets alledaags, maar toch iets mysterieus. Deel 1 en 2 van een reeks over de marxistische theorie van geld.

Deze herwerkte brochure is een inleiding op de methode en de geschiedenis van het marxisme. Het marxisme is geen afgewerkt geheel van feitjes, maar een wijze van denken, een manier om de wereld te begrijpen opdat men haar succesvol en ten goede kan veranderen. Deze inleiding biedt een aantal kernideeën aan, maar vormt geen vervanging of uitputtende samenvatting van de werken van Marx en Engels.

Het Duitsland van 1918 tot 1933 was een van de meest tumultueuze perioden in de geschiedenis. Na de revolutie in Rusland probeerden de Duitse arbeiders en soldaten de macht in november 1918 te grijpen. Helaas werd de revolutie verraden door de sociaal-democratische leiders.

Verdere revolutionaire stuiptrekkingen schudden Duitsland van 1919 tot 1923 door elkaar, maar verschillende revolutionaire momenten werden verkwist.

Dit was een klap, niet alleen in Duitsland, maar ook internationaal. Stalinistische zigzags tussen opportunisme en sektarisme legde de weg voor de opkomst van het fascisme en de overwinning van de nazi's, leidend tot de Holocaust en de Tweede Wereldoorlog met zijn 55 miljoen doden.

Verkrijgbaar voor 10 €Verkrijgbaar voor 10 €In dit boek betoogt Rob Sewell dat de nederlaag van de Duitse Revolutie en de overwinning van het fascisme absoluut niet onvermijdelijk waren. Was de Duitse Revolutie geslaagd, dan zou de hele loop van de daaropvolgende wereldgeschiedenis anders zijn geweest.

Uitgebreide inhoudsopgave

(Links nog in opbouw)

Hoofdstuk 1: De groei van de arbeidersbeweging

Hoofdstuk 2: De revolutie breekt door

Hoofdstuk 3: Contrarevolutie steekt de kop op

Hoofdstuk 4: De Putsch van Kapp

Hoofdstuk 5: De crisis van 1923

Hoofdstuk 6: Stabilisering

Hoofdstuk 7: De fascistische machtsgreep

Hoofdstuk 8: De terreur van de Nazi’s

Postscriptum

De Russische Revolutie, wereldbekend onder de naam Oktoberrevolutie, was een van de ingrijpendste gebeurtenissen uit de menselijke geschiedenis. Gewone werkende mensen namen het heft in eigen handen en begonnen met het opbouwen van een sociale en humane maatschappij. In de uitzichtloosheid van de eerste imperialistische wereldoorlog en de onmenselijk armoede en onderdrukking die de Russische arbeiders en boeren moesten trotseren, vonden zij een uitweg in de vorm van massastrijd tegen het Tsarisme en het kapitalistische systeem.

Honderd jaar geleden, de Oktoberrevolutie. Verkrijgbaar voor 10 €Honderd jaar geleden, de Oktoberrevolutie. Verkrijgbaar voor 10 €Deze ervaring, die een diepe indruk naliet en invloed had tot ver buiten Rusland, omvat vele inzichten en lessen die de internationale arbeidersbeweging vergeten is, of erger nog, bewust negeert. Wie op zoek is naar een alternatief op het huidige kapitalisme, een systeem in crisis dat een bedreiging is voor het voortbestaan van onze planeet, kan niet om de ervaring van de Oktoberrevolutie heen. De 1%, de kapitalistische wereldelite, is deze revolutie zelf ook niet vergeten en voert 100 jaar later nog steeds een ideologische kruistocht tegen de Oktoberrevolutie.

Het boek is een beknopt werk over de geschiedenis van de Russische Revolutie, dat daarnaast ook ingaat over het mislukken van de Duitse Revolutie en de uiteindelijke isolatie en degeneratie van de Russische Revolutie, met het aan de macht komen van een contrarevolutionaire bureaucratie geleid door Josef Stalin. Het toont aan dat ondanks de latere degeneratie, de ervaringen van de Russische Revolutie uiterst relevant en actueel zijn.

Uitgebreide inhoudsopgave

Inleiding

Hoofdstuk 1: Rusland aan het begin van de 20e eeuw

Hoofdstuk 2: de eerste revolutie

Hoofdstuk 3: de jaren van reactie

Hoofdstuk 4: de februari-revolutie

Hoofdstuk 5: de revolutie betaalt leergeld

Hoofdstuk 6: de weg naar de overwinning

Hoofdstuk 7: aan de macht

Bibliografie

In november 1918 vond de Duitse Revolutie plaats, waarbij arbeiders- en soldatenraden gevormd werden en de Duitse keizer werd afgezet. Op 10 november werd hij uitgezet naar Nederland, waar hij in een luxe landgoed in Doorn de rest van zijn tijd kon uitzetten. Minder bekend is dat er in Nederland zelf ook het een en ander gebeurde.

50 jaar geleden, op 4 April 1968, werd Martin Luther King Jr. vermoord terwijl hij op het balkon zat van zijn hotelkamer in Memphis, Tennessee. King was in Memphis om een demonstratie te leiden ter ondersteuning van een drie maanden durende staking, gehouden door vuilnismannen. Een half uur later, in het ziekenhuis, werd King dood verklaard op 39-jarige leeftijd.

Onder de titel Beethoven: The Symphonies brengt het Symfonisch Orkest van de Munt bij BOZAR de negen symfonieën van Beethoven, verspreid over vijf concerten. De eerste twee concerten vonden in november plaats. Om de revolutionair in Beethoven beter te begrijpen vroegen de organisatoren aan Alan Woods van In Defence of Marxism naar een essay.

De biografie is met voorsprong het populairste genre in de literatuur. Het hoeft niet altijd over machtige politici, spraakmakende schrijvers of beroemde kunstenaars te gaan. Dat de levensloop van een West-Friese huisvrouw en een Rotterdamse naaister veel interessanter en meeslepender kan zijn tonen de Nederlandse historici Bart Lankester en Janine Jager moeiteloos aan.

Op 10 oktober 1918 wordt er een akkoord bereikt om aan de vredesonderhandelingen te beginnen. De Duitse bezetting gaat zo haar laatste uren in. Maar al snel komen nieuwe zorgen opzetten. De Belgische bevolking is bang voor de willekeur van muitende soldaten. Verslagen, gefrustreerde troepen staan niet bekend voor hun goede discipline. Het gezag van de legerleiding neemt af. Onzekere tijden breken aan. Zou hun soldij nog betaald worden? Hoe zou het leven er bij thuiskomst uitzien? Die angsten bleken ongegrond. De Duitse militaire machine werd uiteengerukt door revolutionaire aspiraties.

Verschillende theorieën in de moderne wetenschap vertonen een opvallende gelijkenis met de filosofie van het marxisme. Wetenschappers begrijpen de werkelijkheid steeds vaker als een dialectische wisselwerking waarbij periodes van stabiliteit onderbroken worden door discontinuïteiten. De chaostheorie verklaart hoe kleine oorzaken kunnen leiden tot grote gevolgen en revolutionaire sprongen.

De rede in opstand volgt het revolutionaire wereldbeeld in de moderne wetenschap door de meest uiteenlopende disciplines heen, waaronder de biologie, de natuurkunde, de geologie en de menswetenschappen.

Alan Woods en Ted Grant beschrijven op een heldere manier de relatie met het dialectisch materialisme, zoals dat werd uitgewerkt door Karl Marx en Friedrich Engels. Onderweg staan ze stil bij het mysticisme in de theoretische natuurkunde en bij de wetenschappelijke theorieën die worden aangevoerd om de bestaande kapitalistische orde te legitimeren.

Egoïsme zou onvermijdelijk zijn en criminaliteit zou genetisch bepaald zijn. Steeds meer wetenschappers plaatsen echter vraagtekens bij de oude opvattingen. Zo komt de wetenschap stilaan zelf op een kruispunt te staan.

Met de aangehouden crisis van het kapitalisme wordt de economische analyse van Marx weer actueel. Zelfs liberale economen citeren vandaag gretig uit de bladzijden van ‘Het Kapitaal’. Maar de filosofische methode die deze diepgaande economische analyse mogelijk heeft gemaakt is veel minder bekend. Met De rede in opstand krijgt u een grondig en ‘up to date’ inzicht in de dialectiek.

De N-VA en andere rechtse krachten zijn niet alleen op sociaaleconomisch vlak rechts. Ze proberen ook een volledig conservatief wereldbeeld over te brengen. Met dit boek hopen we dan ook bij te dragen tot een grondig antwoord hierop.

De rede in opstand werd voor het eerst gepubliceerd in 1995 naar aanleiding van de 100ste verjaardag van het overlijden van Frederik Engels. In 2011 werd het boek in het Nederlands gepubliceerd en nu, anno 2019, maken we het ook volledig online beschikbaar. We hebben eveneens een digitale ebook-versie gecreëerd waarmee het boek op tablets en e-readers zoals Kindle en iPad kan worden gelezen (epub- en mobi-formaat). Neem hiervoor contact met ons op.

Inhoudsopgave

Voorwoord

Deel 1 - Zin en onzin

1. Inleiding

2. Filosofie en religie

3. Dialectisch materialisme

4. Formele logica en dialectiek

Deel 2 - Tijd, ruimte en verandering

5. Revolutie in de fysica

6. Onzekerheid en idealisme

7. Relativiteitstheorie

8. De pijl van de tijd

9. De Big Bang

Deel 3 - Leven, bewustzijn en materie

10. De dialectiek van de geologie

11. Hoe het leven ontstond

12. De revolutionaire geboorte van de mens

13. Het ontstaan van bewustzijn

14. Marxisme en darwinisme

15. Zelfzuchtige genen?

Deel 4 - Orde uit chaos

16. Kwantiteit en kwaliteit in de wiskunde

17. Chaostheorie

18. Kennistheorie

19. Vervreemding en de toekomst van de mensheid

Beknopte bibliografie

Het is moeilijk om ons voor te stellen hoe sterk de arbeiderspartijen georganiseerd waren het begin van de 19e eeuw. De weinige overblijfselen uit die tijd, zoals de Gentse Vooruit getuigen van de kracht en de voorbeeldige organisatie van een jonge beweging die in volle groei was en nog geen fundamentele nederlagen had gekend. Aan dat alles kwam een gruwelijk einde met het uitbreken van de eerste wereldoorlog. Tegen al hun eigen principes in kozen de sociaal-democratische partijen bijna allen de kant van hun eigen burgerij en werden dus mede verantwoordelijk voor de verschrikkelijke slachtpartij die vier lange jaren zou duren.

Maar dat was niet het einde van het verhaal. De bittere leerschool van de kapitalistische oorlog zou de arbeiderspartijen grondig overhoop halen en uiteindelijk uitmonden in de Russische revolutie en de stichting van een nieuwe (communistische) internationale. In dit boek laten we zowel hoofdrolspelers uit die tijd aan het woord zoals Lenin en Trotski als eminente historici zoals de Belg Marcel Liebman. Er is ook een speciaal hoofdstuk gewijd aan de BWP, de Belgische socialistische partij. Op de rol van haar leiding in WO1 - dat kunnen we al verklappen - kunnen we niet bepaald fier zijn.

Inhoud

Inleiding

1. De aanloop naar de oorlog

2. De redders van het internationalisme

3. De conferenties van Zimmerwald en Stockholm

4. De sociaaldemocratie tijdens de oorlog

5. Lessen voor vandaag?

Epiloog: Revolutie!

Bronnen

De ideeën van Lenin en Trotski zijn ongetwijfeld de meest verdraaide en door het slijk gehaalde ideeën uit de geschiedenis. Gedurende meer dan tachtig jaar werden ze aangevallen door de apologeten van het kapitalisme, die geprobeerd hebben hun ideeën – het bolsjewisme – ofwel als totalitair, ofwel als utopisch af te schilderen. Een hele industrie werd ontwikkeld om de misdaden van het stalinisme gelijk te stellen aan de arbeidersdemocratie die bestond onder Lenin en Trotski.

Dit is de Nederlandse vertaling van het boek Lenin en Trotski, hun ware ideeën, geschreven door Ted Grant en Alan Woods, die een analyse schreven die hier uitvoerig tegenin gaat. Het is nu vijftig jaar geleden dat de eerste editie van dit werk gepubliceerd werd. Het werd geschreven als antwoord op Monty Johnstone, een leidinggevende theoreticus van de Communist Party of Great Britain. Johnstone had op het einde van 1968 een herwaardering van Leon Trotski geschreven in het blad Cogito van de Young Communist League. Alan Woods en Ted Grant namen de gelegenheid te baat een uitvoerige repliek te schrijven die de echte verhouding tussen de ideeën van Lenin en Trotski toont. Dit was geen academische oefening. Het boek werd immers geschreven als een oproep aan de basis van de Communistische Partij en de Young Communist League om de waarheid over Trotski te herontdekken en terug te keren naar het oorspronkelijke revolutionaire programma van Lenin. Bovenal schetst het een duidelijk beeld van wat zich echt afspeelde in de Sovjetunie en gaat het uitgebreid in op de theorie van het 'socialisme in één land', de permanente revolutie en de opkomst van de bureaucratie en het stalinisme. Een aanrader!

Velen zeggen dat de Russische Revolutie niets goeds heeft voorgebracht. Maar als dat zo is, waarom wordt er dan zoveel tijd besteed om dit te vermelden, door de ingehuurde pennen van de bazen en bankiers? Iedereen die een beetje goed kan nadenken, komt snel achter de onwaarheid van deze claim.

Naar aanleiding van de 200e verjaardag van Karl Marx, organiseerde het Masereelfonds in samenwerking met Vonk op 14 juni een lezing door de Amerikaanse politiek filosoof Robert Paul Wolff (Amherst University). Een veertigtal mensen kwamen samen in Ons Huis in Gent voor een niet oninteressante lezing over ‘Het Kapitaal’ van Marx, maar vooral de politieke discussie achteraf bleek opmerkelijk.

Het sociaal protest in 1968 bleef niet beperkt tot Frankrijk. Het ging om een mobilisatie op wereldschaal. Van Italië tot Japan, via de Verenigde Staten, Mexico, Duitsland, Polen en Tsjecho-Slowakije kwam de arbeidersklasse en de jeugd in actie in een groot aantal landen.

Belgische films die een arbeidersstaking als onderwerp hebben zijn zeldzaam. Nog zeldzamer zijn films waar de arbeiders het woord nemen en hun ervaring met collectieve acties uit de doeken doen. In de documentaire “Rien ne nous est donné” staat de staking centraal, “het enige wapen waarover we beschikken” zoals Sergio, een getuige in de film, zo treffend verwoordt. Het is een Franstalig documentaire, maar er bestaan plannen om ook een versie met Nederlandstalige ondertitels uit te brengen .

Hoewel het duidelijk is dat het kapitalisme niet kan worden hervormd vanuit zijn bestaan, maar in plaats daarvan moet worden omvergeworpen door een revolutie, vragen veel mensen vaak: "Is een socialistische revolutie op internationale schaal eigenlijk realistisch?” Om deze vraag te beantwoorden, is het de moeite waard om naar een paar historische voorbeelden te bekijken.

Tot juli 2018 is de expositie Zwart en Revolutionair te bekijken bij Vereniging Ons Suriname in Amsterdam, een expositie over het uiterst interessante leven van Otto en Hermina Huiswoud. Dit revolutionaire echtpaar was in de vergetelheid geraakt, maar is door inspanningen van New Urban Collective en The Black Archives weer in de spotlights gezet.

Er zijn boeken die je zo aangrijpen dat je er niet over uitgepraat geraakt. Het gaat verder dan de herkenning, ze zetten je aan het denken, houden je een spiegel voor en confronteren je met je eigen keuzes. De biografie die Rachel Holmes schreef over de jongste dochter van Karl Marx is zo’n boek: ze kreeg er zowel uit politieke als literaire hoek uitmuntende kritieken voor.

De eerste keer dat de internationale arbeidersbeweging grondig over de kwestie van arbeidsmigratie discussiëerde, was in 1907. In Stuttgart kwam toen het congres van de Tweede (socialistische) Internationale samen. Terwijl de rechtervleugel argumenteerde voor toelatingsvoorwaarden, behaalde de linkerzijde een klinkende overwinning. Lenin en Karl Liebknecht voorop, waren ze tegen het steunen van elk criterium.

Bertold Brecht, de grote voorvechter van het politieke toneel, wilde zijn publiek wakker schudden, uit hun comfortzone halen en doen nadenken. Het was niet langer de bedoeling dat je je zou vereenzelvigen met de held en jezelf zou verliezen in de illusie. De vervreemding van het vanzelfsprekende zou volgens hem leiden tot de broodnodige reflectie op de maatschappelijke realiteit. Kunst en maatschappijkritiek gingen hand in hand. Vanaf de jaren 70 tot midden 80 van de vorige eeuw maakte het politieke vormingstheater ook opgang in Vlaanderen.

Mei 68 was niet louter een studentenrevolte maar de grootste algemene staking ooit uit de geschiedenis. Tien miljoen arbeiders bezetten wekenlang hun bedrijven. Dit aantal kwam toen overeen met één vierde van de gehele Franse bevolking. Als je dat bedenkt is het wel vreemd dat de talrijke publicaties die de afgelopen jaren over de meigebeurtenis zijn uitgebracht, steeds weer lijken te vertrekken vanuit het beeld van de idyllische studenten: een hoop hippies die vooral tegen het gezag in de vrije liefde wilden bedrijven en drugs gebruiken.

Het Manifest van de Communistische partij is vandaag nog actueler dan bij zijn verschijning in 1848. Toen Marx en Engels hun werk schreven was het kapitalisme van de grote monopolies verre van verwezenlijkt. Desondanks leggen zij uit hoe de "vrije onderneming" en de concurrentie onvermijdelijk leiden tot kapitaalsconcentratie en monopolievorming van de productiekrachten. Dit langere artikel van Alan Woods gaat in op de historische context waarin het Manifest tot stand kwam en legt het verband met de situatie vandaag.

Als je vandaag, bijna 30 jaar na de val van de muur, Berlijn bezoekt krijg je een zeer eenzijdig beeld voorgeschoteld van het verleden. Busladingen scholieren uit alle uithoeken van Duitsland worden gedropt bij het “Museum van de voormalige DDR”, waar ze een karikatuur van het voormalige Oostblok te zien krijgen. Dat de rijke Duitse cultuurgeschiedenis niet zomaar te herleiden is tot het “Goede Westen” tegenover het “Foute Oosten” komt veel minder aan bod.

1967, de legendarische “Summer of Love” was het hoogtepunt van de hippiecultuur in Californië. Bij de vijftigste verjaardag ervan ging de voorbije maanden de meeste aandacht naar de vrije liefde die toen volop gepropageerd werd, de nieuwe drugs die overal verkrijgbaar waren en de prachtige muziek uit die tijd. Dat 1967 ook het jaar was waarin de oproepingsbrieven voor de Vietnamoorlog openbaar verbrand werden en er meer dan 100 000 in de straten van Washington opstapten tegen deze slachting kwam veel minder aan bod.

Een boek met de sticker “Binnenkort verboden in Amerika?” wekt gegarandeerd de interesse op. De staat Arkansas heeft zopas een wetsvoorstel ingediend om “De geschiedenis van het Amerikaanse volk” van Howard Zinn (1922-2010) te schrappen als leerboek geschiedenis in de openbare scholen. De auteur verklaarde bij de eerste uitgave in 1980: “Ik heb geprobeerd de geschiedenis te schrijven die het ware gelaat toont van de machthebbers en respectvol omgaat met het verzet van de gewone man.”

In de juli-editie van de Solidair, het maandblad van de PVDA, verscheen een artikel over de Russische Revolutie geschreven door David Pestieau en Herwig Lerouge. Die eerste is ondervoorzitter van de partij, de tweede organiseert de jaarlijkse Marxistische Zomeruniversiteit, een belangrijk vormingsmoment voor militanten. Hier publiceren we een reactie van Kyle Michiels die daar enkele jaren geleden een vorming heeft gegeven over de Russische Revolutie. In welke Russische Revolutie willen we de nieuwe generatie militanten vormen?

De Hermitage Amsterdam hanteert een heel eigen invalshoek om de 100e verjaardag van de Russische Revolutie te vieren. In de tentoonstelling “Romanovs & Revolutie” (nog tot 17 september 2017) wordt de lof gezongen van het mondaine leven in St Petersburg, krijg je een kijkje achter de schermen van het hof en kan je je vergapen aan zo’n 250 exclusieve luxe objecten.
Wil je weten hoe het leven van een “gewone” Rus er uitzag in de periode voor de revolutie, dan kan je beter Maxim Gorki(1868-1936) lezen.

De Russische revolutie viert dit jaar haar honderdste verjaardag. Arbeiders, boeren en soldaten kwamen op straat voor brood, land en vrede. Van februari tot oktober 1917 was Rusland het toneel van een machtsstrijd die de geschiedenis zou bepalen. In het heetst van de strijd werden tal van actoren voorbijgestreefd door de evenementen. Enkel wie zijn rol op voorhand duidelijk gedefinieerd had kon winnend uit deze bitsige confrontatie komen. In tijden van revolutie komen alle onderliggende spanningen aan de oppervlakte. De opgestapelde woede en frustraties van de massa’s komen naar boven. Ze beslissen, na eeuwen van onderdrukking, om hun lot in eigen handen te nemen. Enkel wie bereid is om de aspiraties van de massa’s politiek uit te drukken krijgt de kans om de macht te grijpen. De rest wordt weggeveegd door de menigte, alsof nooit bestaan hebben. Dat is de kracht van een revolutie.

Frans Masereel (1889-1972) wordt algemeen beschouwd als de belangrijkste graficus en houtsnijder uit de twintigste eeuw. Het Mu.ZEE in Oostende brengt een hommage aan deze veelzijdige kunstenaar: er zijn méér dan 150 werken, afkomstig uit binnen- en buitenlandse collecties te bewonderen. Het gaat verder dan het pure etaleren van zijn vakmanschap. Door de confrontatie met hedendaagse kunstenaars uit de vier windstreken, die net als hij politiek en maatschappelijk geëngageerd zijn komt het linkse activisme van Frans Masereel volledig tot zijn recht.

 

De Royal Academy te Londen viert de 100e verjaardag van de Russische Revolutie met een indrukwekkende overzichtstentoonstelling van de Russische kunst van 1917 tot 1932. De Russische samenleving daverde op haar grondvesten: het oude werd vernietigd, het nieuwe geboren. Kunstenaars stelden zich de vraag welke vorm “de kunst van het volk” moest aannemen. Van de innovatieve composities van Kandinsky over de dynamische abstracties van Malevich tot de aangrijpende films van Eisenstein: het is er allemaal te bewonderen.

De Eerste Wereldoorlog werd een ramp voor Rusland. Vanuit de frontlinie kwam er nieuws na nieuws over nederlagen. De instorting van de economie creëerde een tekort aan brood. Massa’s half verhongerde en wanhopige vrouwen vormden rijen buiten de winkels, wachtend op brood dat nooit kwam. Maar aan de top van de Russische samenleving zag het er heel anders uit.

“Wat men ook moge denken van het Bolsjevisme, het staat buiten kijf dat de Russische Revolutie één van de grootste gebeurtenissen is in de geschiedenis van de mensheid en dat het bewind van de Bolsjevieken een fenomeen van wereldwijd belang is.” John Reed, 1 januari 1919 (citaat uit “Tien dagen die de wereld deden wankelen”).

We vieren dit jaar de 100e verjaardag van de Russische revolutie. Eén van de opmerkelijkste figuren uit die tijd is ongetwijfeld Alexandra Kollontai, de eerste vrouwelijke minister in Lenins regering in 1917. Cathy Porter schreef een lezenswaardige biografie en kon hiervoor beroep doen op nog nooit eerder vrijgegeven bronnenmateriaal.

De turbulente tijden waarin we leven, brengen op treffende wijze het historische failliet van het reformisme aan het licht. Onder de term reformisme begrijpen we de stroming in de arbeidersbeweging die door geleidelijke hervormingen, binnen de grenzen van het kapitalisme, de sociale toestand van de arbeidersklasse wil verbeteren. Deze ideologie kan geen progressieve rol meer vervullen in onze maatschappij. De reden daarvoor moet gezocht worden in de bewegingswetten van het kapitalisme zelf; de even historische neergang van het systeem waarop het reformisme berust. Het kapitalisme kan geen progressieve rol meer spelen en het reformisme heeft zijn lot ermee verbonden. De crisis van het kapitalisme is daarom gelijk aan de crisis van het reformisme.

Twintig jaar geleden betoogden op 2 februari 70.000 mensen in de smalle straten van Tubize voor het behoud van tewerkstelling bij de Forges de Clabecq maar ook in het hele land. Een hoogtepunt in een strijd die voor opschudding zorgde bij de gevestigde orde in België.

De viering van de honderdste verjaardag (1917) van de Russische Oktoberrevolutie is van kolossaal belang voor iedereen die sleutelt aan de verandering van de maatschappij, zeker voor marxisten. Doormiddel van deze revolutie nemen, voor het eerste in de menselijke geschiedenis, arbeiders en boeren de macht uit handen van de grote kapitalisten en landeigenaars en beginnen de opbouw van een socialistische maatschappij. Dit was hen enkel voorgedaan door de Communards van Parijs die in 1871 kortstondig de ‘hemel hadden bestormd’.

De Amerikaanse Mary Gabriel kreeg als eerste Westerse journaliste toegang tot de archieven van de familie Marx in Moskou. De duizenden brieven die de gezinsleden elkaar schreven, de talloze getuigenissen van tijdgenoten lagen er onaangeroerd stof te vergaren. De officiële USSR geschiedschrijving wou kost wat kost het perfecte beeld van “het genie Marx” in stand houden, onder Stalin werd zelfs het feit dat Marx een onechte zoon had uit zijn biografie geschrapt.

Een ezel stoot zich geen tweemaal aan dezelfde steen… Maar om zich geen twee keer aan dezelfde steen te stoten moet de ezel wel begrijpen waarom hij dat de eerste keer gedaan heeft. Laten we ervan uitgaan dat de mens de ezel is, en het fascisme de steen. Bijna iedereen heeft al gehoord over het fascisme, maar helaas toont de realiteit aan dat zeer weinig mensen er de inhoud en de omvang van begrijpen. Het is nochtans van belang om te begrijpen hoe en waarom het fascisme is kunnen ontstaan.

De mens zou het beste presteren als hij in competitie gaat met anderen en daarom is het logisch dat ook onze maatschappij deze menselijke natuur weerspiegelt. Maar klopt deze uitspraak wel? Is de mens niet juist een sociaal wezen? Leidt juist samenwerken, zelfs over generaties heen, niet tot betere prestaties en vooruitgang? Dirk Van Duppen en Johan Hoebeke bewijzen dit in hun boek. Vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines tonen zij aan dat de mens doorheen zijn evolutie die eigenschappen heeft geselecteerd die samenwerking en solidariteit bevorderen. In de strijd om te overleven als menselijke soort bleken die namelijk het beste te werken.

Vandaag, 23 oktober 2016, vieren we de zestigste verjaardag van de Hongaarse Revolutie. De media stellen dit voor als een opstand tegen ‘het communisme’. Dit is zeer ver van de waarheid. Deze authentieke arbeidersopstand was gericht tegen het stalinisme en probeerde arbeidersdemocratie in te voeren.

Jeroen Olyslaegers’ nieuwe roman, WIL, werd enthousiast onthaald in de pers en in de literatuurwereld. Daar scharen we ons volmondig achter. Het boek biedt een indringende blik op het leven in Antwerpen onder de bezetting, maar weet deze historische setting ook te overstijgen. Het is een roman die doet nadenken, het handelen van mensen in moeilijke situaties beter doet begrijpen en... je vol afschuw doet inzien dat passiviteit de rotste aller keuzes is.

Eind mei organiseerde ACOD Onderwijs provincie Antwerpen een syndicale vorming met Jaak Brepoels over de bijgewerkte heruitgave van Wat zoudt ge zonder het werkvolk zijn, zijn standaardwerk over de geschiedenis van de Belgische arbeidersbeweging. De zaal zat helemaal vol. We nemen dit artikel over uit het zomernummer van Standpunt, het tijdschrift van ACOD Onderwijs Antwerpen/Kempen/Mechelen.

Op 20 augustus 1940 werd Leon Trotski op brute wijze vermoord door een Stalinistische geheim agent. Op dat moment was het tweede deel van Trotski’s biografie van Stalin nog niet voltooid. Met trots presenteert Wellred Books een nieuwe versie van dit boek. De meest omvangrijke en complete versie ooit, voltooid met behulp van origineel archiefmateriaal.

Het is exact 80 jaar geleden dat de Spaanse generaals onder leiding van Franco hun opstand begonnen tegen de republiek. Wat doorgaans in de geschiedenisboeken de naam “Spaanse burgeroorlog” draagt, was in werkelijkheid een strijd tussen revolutie en contrarevolutie. In die periode liggen zeer veel lessen vervat voor iemand die vandaag de wereld wil veranderen.

Voor velen onder ons is de komende vakantieperiode de gelegenheid bij uitstek om aan het lezen te slaan. Er is niets mis met de nieuwste Arnaldur Indridason – spannend tot de laatste alinea, het opmerkelijke debuut van Lize Spit waardoor je nooit meer onbevangen naar een groepje tieners zal kunnen kijken of de lang verwachte verhalenbundel van Griet Op De Beeck – diepmenselijk en vol mededogen zoals we van haar gewoon zijn. Ze zullen je ongetwijfeld enkele uren leesplezier bezorgen.

Van bij het ontstaan van de arbeidersbeweging kreeg het gezongen woord een cruciale plaats toebedeeld. Doorheen het gezamenlijke gevecht tegen de uitbuiters en bazen steeg de proletariër als het ware boven zichzelf uit en werd deel van een groter geheel. Het samen zingen van liederen als afsluiter van elke vergadering of meeting versterkte dat gevoel van verbondenheid en solidariteit. Strijdliederen zijn de ideale manier om de revolutionaire boodschap helder en eenvoudig over te brengen.

80 jaar geleden kwam het 'Front populaire' in Frankrijk aan de macht. Het eerste wat de nieuwe regering bij haar aantreden deed was de 40-uren week stemmen en twee weken betaald verlof voor iedereen invoeren. De regeringsvorming ging ook gepaard met stakingen en bezettingen over het gehele land. Geen wonder dat het ‘Front Populaire’  in het collectief geheugen van de arbeidersklasse geassocieerd wordt met sociale hervormingen en de indrukwekkende mobilisatie van de arbeidersbeweging. Daarom is het meer dan terecht dat we de moed en het doorzettingsvermogen van deze arbeiders herdenken. Eén van de mooiste pagina's uit de geschiedenis van de klassenstrijd werd toen geschreven.

Hieronymus Bosch kan beschouwd worden als één van de meest originele schilders ooit. Hij leefde en werkte 500 jaar geleden maar zijn schilderijen ogen verbazend modern.

Vrijdag 13 november was Parijs het toneel van een massaslachting waarin tenminste 129 mensen de dood vonden. Voornamelijk jonge mensen die zichzelf vermaakten in cafés en een rockconcert, werden in koelen bloede doodgeschoten. De moordenaars schoten magazijn na magazijn leeg op de weerloze mensen die hulpeloos op de grond lagen.

Wij zijn verheugd een nieuw boek aan te kondigen. Het is ons derde boek in eigen uitgave op een paar jaar tijd. 'De ideeën van Karl Marx' is te koop voor 8 euro (10 euro met verzendingskosten). Lees verder voor meer info over de inhoud en de auteur. 

Hij was achtereenvolgens scheepsjongen, walvisvaarder, landarbeider, zwerver, mijnwerker, fabrieksarbeider, goudzoeker, journalist en landbouwer en verwerkte al zijn belevenissen in zijn romans en verhalen. Zelf een verwoed lezer ging hij steeds op zoek achter de grote verbanden en een verklaring van de toenmalige stand van zaken. Onder invloed van de geschriften van Darwin en Marx kwam hij tot het socialisme en werd in 1896 lid van de Socialist Labor Party.

Op 21 augustus 1940 overleed de revolutionair Leon Trotski aan zijn verwondingen die aangebracht werden door een stalinistische agent. Ter gelegenheid van de vijfenzeventigste verjaardag van deze gebeurtenis publiceren we een artikel geschreven door onze Nederlandse kameradenNederlandse kameraden over het leven van Trotski en zijn bijdrage aan het marxisme.

“We moeten dit brein twintig jaar lang verhinderen om te functioneren”

Met deze woorden werd de Italiaanse revolutionair en marxist Antonio Gramsci de gevangenis ingegooid. Gramsci was de stichter van de Italiaanse Communistische partij en een prominente figuur van de Italiaanse revolutie in 1920 en 1921. Het fascistische regime van Benito Mussolini veroordeelde hem in 1926 tot twintig jaar opsluiting. In de gevangenis bleef hij echter wel intellectueel actief en probeerde hij het marxisme verder te ontwikkelen. De ideeën die hij toen neerpende zijn later vooral populair geworden in academische kringen en bij reformistische stromingen. Ze werden echter ontdaan van hun revolutionaire inhoud. Zijn theorieën werden ontkoppeld van zijn revolutionaire praktijk. Zo werd hij als het ware politiek gesteriliseerd. We gaan hier in op het leven, de strijd en de ideeën van deze Italiaanse marxist, die we zonder probleem naast mensen zoals Lenin, Trotski en Rosa Luxemburg kunnen plaatsen. 

Het leven en het werk van Victor Kibalchich (de latere Victor Serge) zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. In al zijn romans en verhalen brengt hij verslag uit over de politieke bewegingen waarin hij actief was en de historische gebeurtenissen waar hij deel van uit maakte. Zijn literair talent is zo groot en zijn pen zo scherp en accuraat dat we de Europese geschiedenis van het eerste deel van de 20e eeuw van op de eerste rij kunnen meemaken.

Deze Nederlandstalige versie van Henri Houben’s  “La crise de trente ans. La fin du capitalisme?” wordt door EPO uitgegeven met aanvullend cijfermateriaal, dat duidelijk up-to-date is gebracht vergeleken met de Franstalige versie. Wie de vele aspecten wil leren kennen van de huidige crisis, die Houben terecht laat aanvangen in 1973, is bij dit boek aan het juiste adres.

Mohenjo-daro is een vijfduizend jaar oude beschaving. De ruïnes van deze cultuur werden ‘ontdekt’ door de Britse archeoloog Sir John Herbert Marshal in 1921 in de huidige provincie Sindh (zie kaart). Zijn team van onderzoekers werkte met passie en toewijding aan het opgraven van een buitengewone civilisatie. Deze maatschappij in de Indus vallei was modern en voorop op haar tijd. Zelfs voorop op de huidige Pakistaanse maatschappij. Zeker op het vlak van de sociale organisatie. Uit de zorgvuldige opgravingen en de interpretaties van de archeologen ontdekken we een verregaande egalitaire maatschappij. Lal Khan is een bekende columnist in Pakistan, uitgever van het Asian Marxist Review en leider van de sectie van de IMT in dit land. In een kort onderhoud licht hij de draagwijdte van deze archeologische site toe.

Deze vraag stelt Werner Bräunig zich in de voorlaatste alinea van zijn roman Rummelplatz (Kermis). Hijzelf mag er alvast gerust in zijn, zijn doortocht verliep niet onopgemerkt. Zijn opus magnum dat in 2007 verscheen in Duitsland verwekte er een kleine sensatie. Het werd geroemd als “één van de meest opvallende romans uit de Duitse naoorlogse literatuur en de Frankfurter Allgemeine plaatste hem op dezelfde hoogte als Thomas Mann, Heinrich Böll en Günter Grass. Josephine Rijnaarts zorgde voor een schitterende vertaling van de 586 paginas en schreef ook een verhelderend nawoord. 

De crisis had in België hard toegeslagen. In 1974, maar vooral in 1980-81 schreeuwde het patronaat steeds harder dat de werkende bevolking moest inleveren. Politieke instabiliteit was het gevolg. De ene regering na de andere kwam ten val. Tussen 3 april 1979 en 17 december kwamen niet minder dan 5 regeringen vroegtijdig aan hun einde.  In alle omringende landen was het al inleveren troef.  De vakbonden hadden dat bij ons in de jaren 70 nog grotendeels kunnen tegenhouden, vanaf 1981 was het echter prijs. Voor het eerst sedert lang trad een homogeen rechtse regering aan.  

Kevin, 22 jaar, volgt de lerarenopleiding richting Nederlands geschiedenis en is in 2011 bij Vonk/Revolution aangesloten. Zijn grootste passie is de geëngageerde fotografie. Je kan hem steeds tegenkomen tijdens een betoging, bij een burgerinitiatief of in een meeting, waar hij gewapend met zijn onafscheidelijke camera op jacht is naar dé ultieme foto.

De film Pride katapulteert ons terug naar de zomer van 1984. Engeland is in de ban van de grote mijnwerkersstaking. Thatcher zet alles op alles om de staking te breken en blokkeert de banktegoeden van de mijnwerkersvakbond. De stakende mijnwerkersfamilies leefden in grote armoede en waren aangewezen op schenkingen, voedselpakketten en geldinzamelingen om het vol te houden. Soms kwam de hulp uit wel heel onverwachte hoek. Een groep homo's en lesbiennes richtten in Londen de actiegroep LGSM (Lesbians and Gays Support the Miners) op. Het inzamelen van geld voor de stakende mijnwerkers was voor hen ook een statement naar de overheid en Thatcher toe. Het zijn niet enkel de holebi's die toen geviseerd werden door de politie en voor het minste werden opgepakt, ook andere groepen zoals de mijnwerkers kwamen in het verdomhoekje terecht!

De misdaden van IS (Islamitische Staat) roepen overal schrik en verontwaardiging op. Terecht natuurlijk, hun methoden en doenstellingen zijn zonder meer barbaars te noemen. Maar de berichtgeving in de media en de discussies die hierover gevoerd worden staan bol van schijnheiligheid en drogredeneringen. Om te beginnen met de term die wordt gebruikt: “radicalisatie”. Blijkbaar kunnen ze de gelegenheid niet laten voorbijgaan om alle radicalisatie (links of rechts, wij horen ze het al zeggen) op één hoop te gooien en als verwerpelijk voor te stellen.

In het oeuvre van Ken Loach, begenadigd cineast en onvolprezen chroniqueur van het gewone volk, neemt de film The spirit of 45 een bijzondere plaats in. Aan de hand van authentieke archiefbeelden, geluidsopnames en interviews met toenmalige verpleegsters, mijnwerkers, vakbondsmensen, dokters en activisten wordt een beeld geschetst van het na-oorlogse Engeland. Labour was op basis van een links programma met een overweldigende meerderheid aan de macht gekomen in juli 1945.

 “De vraag of aan het menselijk denken objectieve waarheid mag worden toegekend, is geen theoretische, maar een praktische vraag. De mens moet de waarheid, d.w.z. de werkelijkheid en de macht, het aardse karakter van zijn denken in de praktijk bewijzen. De strijd over de werkelijkheid of niet-werkelijkheid van het denken, dat volledig losstaat van de praktijk, is een zuiver scholastische kwestie.” (Marx, Tweede Stelling over Feuerbach)

Honderdvijftig jaar geleden, op 28 september 1864, werd de Internationale Arbeidersassociatie (IAA), beter bekend als de Eerste Internationale, geboren. Deze eerste internationale proletarische organisatie effende de weg voor de groei van de organisatie van de arbeidersklasse en de verspreiding van het marxisme wereldwijd. De heersende klasse beefde voor deze revolutionaire dreiging.

De 'Grote Oorlog' of beter gezegd de 'Grote slachting' begon honderd jaar geleden. In een nieuw boek leggen we uit hoe die oorlog mogelijk was dankzij de patriottische ommezwaai van de leiders van de socialistische partijen, tonen we het verzet van socialisten tegen de oorlog zoals Lenin, Rosa Luxemburg, Karl Liebknecht en Trotsky en hoe uiteindelijk revoluties een einde maakten aan het bloedbad. Voor de eerste keer publiceren we in het Nederlands ook de teksten van de Belgische historicus Marcel Liebman over de rol van de BWP tijdens de oorlog. Alan Woods plaatst '14-18' in de huidige context van de crisis van het kapitalisme. 

De zomermaanden zijn uitermate geschikt om te relaxen bij een goed boek.Het hoeven niet altijd thrillers te zijn of voorgekauwde softporno à la vijftig tinten grijs.

Hoe slagen we erin de strijd voor onmiddellijke eisen te verbinden met de strijd voor een andere maatschappij? Hoe kunnen we een brug bouwen tussen de dagelijkse strijd en de strijd voor socialisme?

Vervolging, onderdrukking en zelfs fysiek geweld tegen homo’s zijn in Rusland vandaag schering en inslag. Nochtans stond dit land ooit helemaal bovenaan in de wereldranglijst wat minderhedenrechten betreft.

In een interview met de Britse journalist Jeremy Paxman zorgde de komiek en acteur Russell Brand voor ophef, door te stellen dat het huidige democratische systeem niet werkt, en dat er behoefte is aan een revolutie. Het filmpje van het interview verspreidde zich over internet en maakte veel discussie los. 

Wij publiceren voor het eerst in het Nederlands deze zeer interessante discussie tussen Leon Trotsky en Abraham Plotkin, leider van de Midwest afdeling van de International Ladies' Garment Workers Union (ILGWU) een vakbond van textielarbeiders. Dit gesprek had plaats bij Trotsky thuis in Mexico in 1938. Veel is natuurlijk veranderd sindsdien maar het is opvallend hoe de inzichten van Trotsky over de vakbeweging, de syndicale bureaucratie, de nood van een echte arbeiderspartij in de VS vandaag even relevant zijn als tijdens de stormachtige jaren voor de Tweede Wereldoorlog.

Coöperatieven doen de laatste maanden veel inkt vloeien in België. Sommigen zijn immers overtuigd dat coöperatief ondernemen een remedie vormt voor de huidige crisis.  Wij niet. Dit dossier wil een bijdrage zijn tot de discussie. Het bestaat uit drie delen. Een algemene inleiding, een stuk over Mondragon, de moderne bakermat in Europa van de coöperatieve beweging en een terugblik op de plaats van de coöperatieven in onze eigen arbeidersbeweging.

Louis-Paul Boon zou op 15 maart 2012 honderd jaar geworden zijn. Sommigen willen de herinnering aan de kunstenaar-arbeider herleiden tot die van een 'viezentist' of een 'ontgoochelde idealist'. Nochtans bleef Boon tot zijn laatste adem schrijven tegen onderdrukking.

Daniel Kahn and The Painted Bird leveren hier een meesterlijke prestatie. Op meeslepende klezmermuziek vertalen zij de jiddische klassieker van de joodse arbeidersbeweging ‘arbetlose marsch’ naar het Engels én naar de actualiteit.

De Amerikaanse cultuur is veel meer dan Mickey Mouse en Michael Jackson. De VS heeft belangrijke sociaal geëngageerde kunstenaars voortgebracht.

Terwijl poëzie in het Westen steeds meer iets voor een select groepje ‘professionele kunstkenners’ wordt en verbannen is naar de collegezalen van de universiteiten, is ze in de Arabische landen populair.

Een gedicht naar aanleiding van de politieke massamoord tegen jonge socialisten in Noorwegen.

Renaat Braem (1910-2001) wordt algemeen beschouwd als een van de belangrijkste Belgische architecten van de 20e eeuw. Bij leven was hij een controversieel figuur en bij de viering van zijn 100e geboortedag laaide de discussie weer op: is hij een geniaal en visionair architect of zijn z’n concepten hopeloos verouderd en voorbijgestreefd?

Wikileaks heeft net duizenden diplomatische telexen te grabbel gegooid. Deze documenten geven aan hoe de VS aankijkt tegen de rest van de wereld. Ze geven een ontluisterend beeld van de realiteit die schuilgaat achter de façade van de imperialistische diplomatie.H et is echter niet de eerste keer dat geheime diplomatieke documenten en masse openbaar worden gemaakt.

Een fabel over het nationalisme en de sociaal-democratie in België, naar een werk van de Italiaanse schrijver Dario Fo.

Vijftig jaar geleden daverde België gedurende 35 dagen op zijn grondvesten. De staking van de eeuw was niet gewoon een interprofessioneel sociaal conflict of een veralgemeende werkonderbreking van vijf weken.

Sinds Joe Strummer meer dan dertig jaar geleden met The Clash “White riot!” in zijn microfoon schreeuwde zijn punk en politiek nooit ver van elkaar geweest. De tijden veranderden, maar ook de punk bleef niet stilstaan: onder invloed van de ska en de Amerikaanse hardcore punk ontstond er een waaier aan uiteenlopende muziekstijlen, zoals ook die van de Spaanse ska-punk groep Ska-P.

150 jaar geleden verscheen On The Origin of Species van Charles Darwin, een van de grootste mijlpalen in de geschiedenis van de wetenschap.Daarin ontwikkelde Darwin de evolutietheorie die stelt dat biologische soorten niet onveranderlijk zijn, maar verwant zijn aan elkaar en evolueren door een proces van variatie en natuurlijke selectie.

Deze maand vieren we de 90ste verjaardag van de oprichting van de Communistische of de Derde Internationale, de internationale organisatie van communistische partijen ontstaan onder impuls van de Russische revolutie. De Komintern symboliseerde de hoop van miljoenen mensen op een breuk met het kapitalisme.

Tijdens de eerste helft van de twintigste eeuw kenden veel landen bedrijfsbezettingen, waaronder Frankrijk, Italië en de VS. Het was echter pas tegen het einde van de jaren '60 dat in ons eigen land bedrijfsbezettingen op de voorgrond traden, maar dan met een snelle vaart.

We publiceren hier een citaat uit De Kapellekensbaan van Louis Paul Boon: "Want zie nu eens naar de partij der socialen en der ultrasocialen waarvan sommigen zich aan het kapotwerken zijn, waarvoor de kleine militant in regen en wind aan het colporteren is..."

Op 8 januari 1919, exact negentig jaar geleden, was Berlijn het toneel van een krachtmeting tussen arbeiders en de kapitalistische staat, de zogenaamde Spartakusopstand. Na de Eerste Wereldoorlog ging Duitsland gedurende jaren door een proces van revolutie en contrarevolutie.

Op het elfde uur van de elfde dag van de elfde maand van 1918 drong de wapenstilstand door op het westelijke front. Een jaar na de zege van de Russische Revolutie trad het Duitse proletariaat op het toneel van de wereldgeschiedenis en beëindigde ze de ‘Grooten Oorlog'.

Rosa Luxemburg was een van de opvallendste internationale socialistische leiders. Vonk zal vanaf nu tot begin 2009 de ideeën en het leven van Rosa in de kijker plaatsen. Hiermee willen wij Rosa's politieke erfenis overbrengen aan een nieuwe generatie socialistische militanten.

Afgelopen mei vierden we 40 jaar mei '68. Die staat bekend als een van de grootste studentenrevoltes. Minder bekend is de rol van de arbeiders hierin. Als zomerlectuur, na de examens, publiceren wij deze diepteanalyse van die revolutionaire dagen.

Oorspronkelijk staat 1 mei voor een internationale dag van arbeidersstrijd. In veel landen is dat nog steeds het geval. In Indonesië trotseren tienduizenden arbeiders de dreigingen van hun baas om die dag te betogen. Hiervoor moeten ze staken! Ooit was dat ook het geval in ons land.

De regeringsvorming sleept al een half jaar aan onder druk van wat we in België "communautaire problemen" noemen. Het marxisme heeft een lange traditie in het bestuderen en aanpakken van deze problemen. We willen deze schat aan ideologische rijkdom weer onder de aandacht te brengen.

Frans Wuytack was ooit priester, is nog steeds een rebel en een geëngageerd kunstenaar. Hij is ook een geliefde vader. Fabio, zijn zoon, werkt al jaren aan de documentaire over het leven van ‘Franscisco' zoals ze hem in de volkswijken van Caracas kennen. Die is nu klaar. Fabio vertelt in dit interview over de essentie van de film.

De bolsjewieken hadden steeds gesteld dat een revolutie in Rusland door Westerse revoluties zou gevolgd worden. De revoluties in Europa faalden echter en de Russische burgeroorlog bracht een ineenstorting van de economie met zich mee. Deze penibele situatie zou uiteindelijk leiden tot het stalinisme.

We geven hier enkele links naar opnames van de Russische Revolutie, van Lenin, van Trotski en van een meeting met de kleinzoon van Trotski ter ere van 90 jaar Russische Revolutie.

Vandaag vieren we de 90ste verjaardag van de overwinning van de Russische Revolutie. Op 7 november (volgens de vroegere Juliaanse kalender 25 oktober) maakten arbeiders en soldaten onder leiding van de bolsjewieken een einde aan het vorige regime. Aangezien ze een overweldigende meerderheid achter zich hadden, stortte de Voorlopige Regering als een kaartenhuisje in.

Bepaalde vragen over het marxisme komen vaak terug. Er heersen bovendien veel misverstanden rond het marxisme. Die misverstanden komen enerzijds voort uit de propaganda van de heersende klasse tegen het marxisme, in de kranten, scholen enzovoort. Anderzijds hebben de stalinistische dictaturen eveneens voor veel verwarring gezorgd omdat ze zich in woorden baseren op het marxisme. Daarom gaan we in deze 'Frequently Asked Questions' in op enkele veel gestelde vragen.

Voor meer achtergrond, zie ook onze brochure Marxisme for Dummies.

Deze FAQ kan ook gedownload worden in PDF-formaat.

1. Wat is marxisme?

2. Wie was Karl Marx?

3. Wie was Friedrich Engels?

4. Waarom willen marxisten het kapitalisme omverwerpen?

5. Als socialisme onvermijdelijk een volgende stap is in de menselijke ontwikkeling, waarom moeten we er dan voor vechten?

6. Waarom een opdeling tussen arbeiders en kapitalisten?

7. Waarom is het alleen maar de arbeidersklasse die een collectief, socialistisch bewustzijn kan ontwikkelen?

8. Kunnen democratie en socialisme samen bestaan?

9. Wat is de rol van de staat in de maatschappij?

10. Als de staat onder het socialisme zal afsterven, waarom gebeurde dat dan niet in de Sovjetunie?

11. Waarom is socialisme in één land onmogelijk?

12. Hoe zal een socialistische maatschappij eruitzien?

13. Wat met individualisme onder het socialisme?

14. Wat denken marxisten over terrorisme?

15. Wat denken marxisten over guerrillastrijd?

16. Hoe zit het met Cuba, Che Guevara en Fidel Castro?
 

Wat is marxisme?

Het marxisme is het geheel van ideeën en denkbeelden van Marx, Engels, Lenin, Trotski en hun medestanders. Deze ideeën en denkbeelden waren een voortzetting van de drie belangrijkste ideologische stromingen van de 19e eeuw: de klassieke Duitse filosofie, de klassieke Engelse politieke economie en het Franse socialisme in combinatie met Franse revolutionaire doctrines. Uit deze stromingen distilleerden Marx en Engels een modern materialisme en een modern wetenschappelijk socialisme, dat beschouwd kan worden als de theorie en het programma van de ontvoogding van de arbeidersklasse in heel de wereld.

Marx en Engels waren de eersten om aan te tonen dat de arbeidersklasse en haar noden een noodzakelijk product zijn van de huidige economische constellatie. Marx en Engels toonden aan dat het niet de goed bedoelde pogingen van nobele individuen zullen zijn die de mensheid zullen bevrijden van haar onderdrukking, maar wel de bewuste strijd van de georganiseerde arbeidersbeweging. In hun wetenschappelijk werk legden zij uit dat het socialisme geen uitvinding is van dromers, maar dat dit het doel en het resultaat is van de ontwikkeling van de productieve krachten onder het moderne kapitalisme. Sinds het ontstaan van de klassenmaatschappij uit de primitieve samenleving is alle geschiedenis, tot op vandaag, de geschiedenis van de klassenstrijd geweest, de opvolging van de heerschappij en de overwinning van bepaalde sociale klassen over andere. Dit zal blijven duren tot de basis van de klassenstrijd, private eigendom en anarchistische sociale productie, verdwijnt. De belangen van het proletariaat vragen om de vernietiging van deze basis en daarom moet de bewuste strijd van de georganiseerde arbeiders hiertegen gericht zijn. Daarom is elke klassenstrijd ook een politieke strijd.

Vandaag zijn deze ideeën bekend bij een bredere laag activisten en denkers. Lange tijd waren deze ideeën ook dominant aanwezig in de arbeidersbeweging. Zelfs academici hanteren tegenwoordig regelmatig aspecten van het marxistische analysekader (bv. het historisch materialisme), hoewel ze vaak niet de grondleggers ervan erkennen. In de jaren '40 van de 19e eeuw, toen Marx en Engels deelnamen aan de debatten binnen de socialistische beweging, waren die ideeën echter nieuw. Velen die toen deelnamen aan de strijd voor politieke vrijheid en aan de strijd tegen despotisme, slaagden er niet in om de tegenstellingen tussen de belangen van de bourgeoisie en de belangen van het proletariaat waar te nemen. Men was de idee van de arbeidersklasse die zou optreden als een onafhankelijke sociale kracht, niet genegen. Anderzijds waren er vele dromers die dachten dat het volstond om de heersende klasse te overtuigen van de onrechtvaardigheid van de toenmalige sociale orde. Zodra zij hiervan overtuigd waren, zou het wel makkelijk zijn om vrede en welvaart te brengen. Zij droomden van een socialisme zonder strijd. Bijna alle socialisten uit die tijd zagen het proletariaat als een kankergezwel, waarvan de groei best zo snel mogelijk gestopt werd. Marx en Engels deelden deze algemene vrees voor de ontwikkeling van het proletariaat niet; integendeel, zij plaatsten al hun hoop op de voortdurende groei van de arbeidersklasse. Immers, hoe groter het proletariaat, hoe groter de macht ervan als een revolutionaire klasse. Marx en Engels leerden de arbeidersklasse dus om zelfbewust te worden en zij vervingen dromen door wetenschap.

Terug naar overzicht

Wie was Karl Marx?

Karl Marx werd geboren op 5 mei 1818 te Trier. Zijn vader was een joodse advocaat die zich in 1824 bekeerde tot het protestantisme. Na het beëindigen van zijn schooltijd op het Gymnasium van Trier trok Marx naar de universiteit, eerst in Bonn en later in Berlijn, waar hij rechten, geschiedenis en filosofie ging studeren. Marx beëindigde zijn universitaire studies in 1841 op basis van een eindverhandeling over de filosofie van Epicurus. Tijdens deze periode beschouwde Marx zichzelf nog als een 'hegeliaanse idealist'. Hij maakte deel uit van een groep van 'linkse hegelianen' die probeerden om atheïstische en revolutionaire gevolgtrekkingen uit Hegels filosofie te halen.

Nadat hij afgestudeerd was aan de universiteit van Berlijn verhuisde hij naar Bonn, waar hij hoopte om benoemd te worden als professor. Door het reactionaire beleid van de toenmalige Duitse regering werd de leerstoel van de jong-hegeliaan Ludwich Feuerbach afgenomen in 1832. Toen Bruno Bauer in 1841 verboden werd om nog les te geven aan de universiteit van Bonn, verloor Marx alle hoop op een academische carrière. Het was in deze omstandigheden dat de denkbeelden van de linkse hegelianen een snelle opmars kenden in het toenmalige Duitsland. Feuerbach begon de theologie fel te bekritiseren en richtte zich in toenemende mate naar het materialisme.

In 1843 werden Feuerbachs Principes van de filosofie van de toekomst gepubliceerd, wat een enorm effect had op de toenmalige linkse hegelianen. Friedrich Engels bijvoorbeeld schreef hierover: “Wij (de linkse hegelianen) vervoegden allen op slag het kamp van Feuerbach.” Tezelfdertijd werd door enkele radicale bourgeois die in contact stonden met de linkse hegelianen, een oppositiekrant opgestart te Keulen, de Rheinische Zeitung genaamd. Marx en Bruno Bauer werden gevraagd om redacteur te worden. Vanaf oktober 1842 werd Marx hoofdredacteur en verhuisde hij van Bonn naar Keulen. Onder de redactie van Marx ontwikkelde de Rheinische Zeitung meer en meer een revolutionair-democratische toon, wat een doorn in het oog was van de toenmalige Duitse regering. De krant werd steeds meer het slachtoffer van repressie. Marx werd eerst verplicht om ontslag te nemen als hoofdredacteur en op 1 januari 1843 werd de Rheinische Zeitung zelfs verboden.

In 1843 trouwde Marx te Kreuznach met een vroegere jeugdvriendin waarmee hij reeds verkeerde tijdens zijn studies. Zijn vrouw kwam uit een reactionaire Pruisische adellijke familie. Haar broer werd minister van Binnenlandse Zaken van Pruisen tijdens de reactionaire periode van 1850-1858.

Tijdens de herfst van 1843 verhuisde Marx vervolgens naar Parijs om daar, samen met Arnold Ruge, een radicale krant uit te geven. Van deze krant, de Deutsch-Franzözische Jahrbücher verscheen slechts één uitgave, te wijten aan allerlei moeilijkheden om ze in Duitsland te verspreiden en door meningsverschillen tussen Marx en Ruge. De artikels die Marx in deze uitgave publiceerde, tonen wel aan dat hij reeds een revolutionair was die een niets ontziende kritiek uitoefende op de bestaande orde en die zich richtte naar de massa's en het proletariaat.

In september 1844 kwam Friedrich Engels naar Parijs, waar de twee elkaar ontmoetten. Beiden namen actief deel aan het werk van de verschillende revolutionaire groepen in Parijs en voerden strijd tegen de doctrines van het kleinburgerlijke socialisme. In deze periode kenden de ideeën van Proudhon nog veel aanhang, maar Marx zette zich hiertegen af in zijn Misère de la philosophie, gepubliceerd in 1847. Marx en Engels probeerden, in tegenstelling tot het kleinburgerlijke socialisme van Proudhon, een revolutionair proletarisch socialisme of communisme uit te werken.

Op uitdrukkelijk verzoek van de Pruisische regering werd Marx in 1845 als een gevaarlijke revolutionair verbannen uit Parijs en verhuisde hij naar Brussel. In de lente van 1847 sloten Marx en Engels zich daar aan bij een geheime vereniging: de Bond der Communisten. Zij speelden een belangrijke rol in het tweede congres van de Communistenbond in november 1847 te Londen, op wiens verzoek zij in februari 1848 het Communistisch Manifest publiceerden. Dit werk legde de basis voor een nieuw dialectisch materialistisch wereldbeeld.

Bij het uitbreken van de revolutie van 1848 werd Marx verbannen uit België. Hij keerde terug naar Parijs. Na de revolutie van maart keerde hij terug naar Keulen, waar hij hoofdredacteur werd van de Neue Rheinische Zeitung. De revolutionaire gebeurtenissen van 1948-49 vormden een bevestiging van de theorieën die werden aangehaald in het Communistisch Manifest. Tijdens de contrarevolutie die volgde op het mislukken van de gebeurtenissen van 1848-49, werd Marx aanvankelijk aangeklaagd, maar wel vrijgesproken op 9 februari 1849 en uiteindelijk verbannen uit Duitsland op 16 mei 1849. Marx keerde eerst terug naar Parijs, maar werd ook hier verbannen na de betoging van 13 juni 1849. Uiteindelijk vestigde hij zich in Londen, waar hij leefde tot aan zijn dood.

Zijn leven als een politiek vluchteling was een uitzonderlijk hard leven, wat duidelijk tot uiting komt in de briefwisseling tussen Marx en Engels. Hij en zijn familie werden voortdurend bedreigd door armoede, en indien Engels hem niet herhaaldelijk gesteund zou hebben met financiële hulp zou Marx hoogstwaarschijnlijk niet in staat geweest zijn om onder andere Het Kapitaal af te maken. Marx ontwikkelde zijn materialistische theorie in een aantal historische werken, waarbij hij zich vooral wijdde aan de studie van de politieke economie.

Door de heropleving van democratische tendensen tijdens de jaren '50 en '60 van de 19e eeuw, ging Marx opnieuw meer aandacht besteden aan de praktijk. Op 28 september 1864 werd de 'International Working Men's Association' opgericht te Londen (de Eerste Internationale). Marx maakte deel uit van het hart van deze organisatie en was auteur van een heleboel resoluties, verklaringen en manifesten. In zijn pogingen om de arbeidersbeweging te verenigen, probeerde hij een uniforme tactiek uit te werken voor de strijd van de arbeidersbeweging in de verschillende landen. Na het falen van de Parijse Commune in 1871 stelde Marx dat een internationale arbeidersorganisatie niet enkel in Europa kon bestaan. Na het Congres van Den Haag in 1871 stelde hij dan ook dat de tijd rijp was voor de ontwikkeling van de arbeidersbeweging in alle delen van de wereld. Dit was de periode dat de arbeidersbeweging in omvang groeide, wat zich uitte in de ontwikkeling van socialistische massapartijen.

Marx' gezondheid werd echter ondermijnd door het werk dat hij leverde voor de Internationale en door zijn theoretisch werk. Toch werkte hij voort aan het uitdenken van een nieuw kader voor de politieke economie en aan het volbrengen van Het Kapitaal, waarvoor hij nieuw materiaal ging verzamelen en een aantal vreemde talen bestudeerde (o.a. Russisch). Zijn slechte gezondheid verhinderde hem echter om Het Kapitaal af te maken. Marx' vrouw stierf op 2 december 1881 en Marx' leven eindigde op 14 maart 1883. Hij ligt begraven naast zijn vrouw op het Highgate Cemetary in London.

Terug naar overzicht

Wie was Friedrich Engels?

Op 5 augustus 1895 stierf Friedrich Engels te Londen. Na Marx was Engels de voornaamste verdediger van het moderne proletariaat in de ontwikkelde wereld. Vanaf het moment dat de twee elkaar ontmoetten, wijdden zij hun leven aan een gemeenschappelijk doel.

Friedrich Engels werd in 1820 geboren in Barmen in het koninkrijk Pruisen. In 1838 werd Engels door familiale omstandigheden verplicht om, zonder zijn studies af te maken, in Bremen te gaan werken als klerk. Dit weerhield hem er echter niet van om zichzelf wetenschappelijk en politiek te blijven scholen. In die periode domineerden de ideeën van Hegel en de Duitse filosofie, en Engels werd een aanhanger van Hegel. Hoewel Hegel een aanhanger was van de autocratische Pruisische staat, waren Hegels ideeën revolutionair te noemen. Hegel geloofde in de rede van de mens en in zijn rechten. De fundamentele these van de hegeliaanse filosofie, namelijk dat het universum een voortdurend proces van verandering en ontwikkeling doormaakt, leidde sommigen tot het idee dat de strijd tegen de bestaande orde deel uitmaakt van die ontwikkeling. Immers, als alle dingen zich ontwikkelen, als bepaalde instituties plaats maken voor andere, waarom zou de verrijking van een kleine minderheid op de kap van de overgrote meerderheid dan voor altijd moeten voortduren?

Hegels filosofie was echter in hoofdzaak gericht op de ontwikkeling van de geest en van ideeën. Het was een idealistische filosofie. Vanuit de ontwikkeling van de geest wordt de ontwikkeling van de natuur, van de mens en van de sociale relaties afgeleid. Marx en Engels behielden Hegels idee van een voortdurend proces van ontwikkeling, maar zij verwierpen het idealistische wereldbeeld. Volgens hen was het niet de ontwikkeling van de geest die de ontwikkeling van de natuur verklaart, maar omgekeerd; de ontwikkeling van de geest moet juist afgeleid worden uit de ontwikkeling van de natuur, uit de ontwikkeling van materie. In tegenstelling tot Hegel waren Marx en Engels materialisten. Zij bekeken de wereld vanuit een materialistisch wereldbeeld en stelden dat net zoals materiële oorzaken aan de oorsprong liggen van alle natuurlijke fenomenen, ook de ontwikkeling van de menselijke samenleving bepaald wordt door de ontwikkeling van de materiële krachten, de productiekrachten. De ontwikkeling van de productiekrachten is bepalend voor de relaties die mensen onderling aangaan bij de productie van die zaken die nodig zijn voor de bevrediging van de menselijke noden. Deze relaties zijn op hun beurt bepalend voor alle fenomenen van het sociale leven, voor de menselijke aspiraties en voor de ideeën en de wetten. De ontwikkeling van de productieve krachten creëert sociale relaties die gebaseerd zijn op privé-eigendom, maar we zien ook dat dezelfde ontwikkeling van de productieve krachten ervoor zorgt dat het grootste deel van de private eigendom gecontroleerd wordt door slechts een kleine minderheid van de mensen.

Socialisten moeten dan gaan kijken welke krachten in de maatschappij gebaat zijn bij het tot stand komen van het socialisme. Zij proberen deze krachten bewust te maken van hun eigen belangen en hun eigen historische taak. Een dergelijke maatschappelijke kracht is het proletariaat. Friedrich Engels leerde het proletariaat kennen in Engeland, in het hart van de Engelse industrie, Manchester, waar hij zich in 1842 vestigde. Hij ging er werken in het bedrijf waar zijn vader aandeelhouder was. Engels besteedde er zijn tijd niet alleen binnen de muren van het bedrijf, maar verkende ook de achterbuurten waar de arbeiders opeengepakt leefden. Daar aanschouwde hij met eigen ogen hun armoede en ellende. Bovendien beperkte hij zich niet tot persoonlijke observaties, maar bestudeerde hij alles van wat er tot dan gepubliceerd was over de toestand van de Britse arbeidersklasse. Die studies leidden uiteindelijk tot het boek dat gepubliceerd werd in 1845: De toestand van de arbeidersklasse in Engeland. Vóór Engels was het lijden van het proletariaat reeds herhaaldelijk beschreven en was er meermaals gewezen op de noodzaak om de arbeidersklasse te helpen. Engels was echter de eerste om te stellen dat de arbeidersklasse niet alleen een lijdend voorwerp was, maar dat het juist de slechte economische omstandigheden van de arbeidersklasse zijn die hen er toe drijft om te vechten voor emancipatie. En een strijdend proletariaat helpt zichzelf. De politieke beweging van de arbeidersklasse zal er onvermijdelijk toe leiden dat de arbeiders gaan beseffen dat hun emancipatie in het socialisme te vinden is. Anderzijds zal het socialisme slechts een kracht kunnen worden wanneer dit het doel wordt van de politieke strijd van de arbeidersklasse.

Deze en andere ideeën werden door Engels beschreven in zijn boek over de omstandigheden van de arbeidersklasse in Engeland. In die zin was het boek een enorme aanklacht tegen het kapitalisme en tegen de bourgeoisie. Noch voor 1845, en in feite ook niet meer erna, werd er zo een treffende beschrijving gegeven van het lijden en de armoede van de arbeidersklasse.

Het was pas wanneer Engels naar Engeland verhuisde dat hij een socialist werd. In Manchester kwam hij in contact met mensen die actief waren in de Engelse arbeidersbeweging. In diezelfde periode begon hij ook artikels te schrijven voor allerhande socialistische publicaties. Toen hij in 1844 op terugreis was naar Duitsland, leerde Engels in Parijs Marx kennen, met wie hij reeds correspondeerde. In Parijs, onder de invloed van de Franse socialisten, was Marx ook al socialist geworden. Beide vrienden schreven hier een boek: De Heilige Familie. Dit boek, dat een jaar voor De toestand van de arbeidersklasse in Engeland verscheen en dat voor het grootste deel door Marx was geschreven, bevatte de basis van het materialistische, revolutionaire socialisme. 'De heilige familie' wordt in het boek gebruikt als metafoor voor de gebroeders Bauer en hun volgelingen. Deze filosofische stroming verdedigde een kritiek die boven alle realiteit stond en dus boven alle partijen en alle politiek. Het was een kritiek die boven alle praktische activiteit stond en die enkel de wereld en de gebeurtenissen die daarin plaatsvonden op een kritische manier bekeek. Bovendien beschouwden de gebroeders Bauer het proletariaat als een onkritische massa. Marx en Engels kantten zich duidelijk tegen deze absurde denkstroming. In naam van reële mensen, met name de arbeiders, eisten zij een strijd voor een betere maatschappelijke orde. Zij zagen het proletariaat als een kracht die in staat is om deze strijd te voeren.

Reeds voor het verschijnen van De heilige familie had Engels al een aantal zaken gepubliceerd in Marx' en Ruges Deutsch-Franzosische Jahrbücher. Het ging meerbepaald over enkele kritische essays over politieke economie waarin hij de voornaamste fenomenen van de hedendaagse economische orde vanuit een socialistisch standpunt onderzocht. Volgens hem waren de voornaamste kenmerken van de hedendaagse economische orde het gevolg van de heerschappij van de private eigendom.

Het contact met Engels was ongetwijfeld een belangrijke factor in Marx' beslissing om eveneens politieke economie te gaan studeren. De politieke economie was immers de wetenschap waarbinnen Marx' werk een enorme revolutie heeft teweeggebracht.

Tussen 1845 en 1847 leefde Engels in Parijs en Brussel, waar hij wetenschappelijk werk combineerde met praktische activiteiten onder de Duitse arbeiders die in Brussel en Parijs leefden. Hier kwamen Marx en Engels in contact met de geheime Duitse Communistenbond, waarvoor zij de principes van het socialisme die zij hadden uitgewerkt, op papier zetten. Dit was het Manifest van de Communistische Partij, dat gepubliceerd werd in 1848. Dit kleine boekje bewijst tot op vandaag zijn enorme waarde en vormt nog steeds een belangrijke inspiratie en een leidraad voor het proletariaat van de gehele wereld.

De revolutie van 1848, die het eerst uitbrak in Frankrijk en zich dan verspreidde over de rest van West-Europa, bracht Marx en Engels terug naar hun moederland. Daar namen zij deel aan de democratische Neue Rheinische Zeitung, die gepubliceerd werd in Keulen. De twee vrienden bevonden zich in het hart van de revolutionair-democratische beweging. Zij vochten voor de verdediging van de vrijheid en de belangen van de mensen, tegen de krachten van de reactie. De Neue Rheinische Zeitung werd echter verboden en Marx, die tijdens zijn voorgaande ballingschap de Pruisische nationaliteit reeds was afgenomen, werd gedeporteerd. Engels nam deel aan een gewapende opstand en vluchtte, na de nederlaag van de rebellen, via Zwitserland naar Londen.

Ook Marx vestigde zich in Londen. Engels ging opnieuw aan het werk in het bedrijf van zijn vader in Manchester en werd er zelfs aandeelhouder. In hun correspondentie wisselden zij allerhande ideeën uit en werkten zij verder aan de ontwikkeling van de ideeën van het wetenschappelijk socialisme.

In 1870 keerde Engels terug naar Londen, waar hij de samenwerking met Marx voortzette tot aan de dood van Marx in 1883. Marx werkte hierbij vooral aan de analyse van de complexe fenomenen van de kapitalistische economie en Engels besteedde zijn aandacht vooral aan meer algemene wetenschappelijke problemen zoals de materialistische opvatting van de geschiedenis. Enkele van Engels' belangrijkste werken zijn Anti-Dühring; De oorsprong van het gezin, van de particuliere eigendom en van de staat; Ludwich Feuerbach en een aantal artikels over maatschappelijke kwesties van allerlei aard. Karl Marx stierf voordat hij de laatste hand kon leggen aan zijn werk over Het Kapitaal. Het voorbereidende werk was echter grotendeels volbracht, en na de dood van Marx nam Engels de taak op zich om het tweede en derde deel van Het Kapitaal af te maken en te publiceren. Adler, een Oostenrijkse sociaal-democraat, merkte hierover op dat door deel II en III van Het Kapitaal te publiceren, Engels ervoor gezorgd heeft dat Marx niet alleen een monument is geworden, maar beschouwd kan worden als een genie zonder voorgaande.

Na de revolutie van 1848-49, toen Marx en Engels in ballingschap leefden, beperkten zij zich niet alleen tot wetenschappelijk onderzoek. Marx speelde in 1864 een vooraanstaande rol bij de oprichting van de International Working Men's Association en leidde deze vereniging gedurende meer dan een decennium. Ook Engels nam actief deel aan deze activiteit. Het werk van de International Working Men's Association was er op gericht om, in overeenkomst met Marx' ideeën, de arbeidersklasse over de hele wereld te verenigen. Maar zelfs nadat de International Association werd opgedoekt tijdens de jaren '70 van de 19e eeuw, hield de rol van Marx en Engels niet op. Men kan zelfs stellen dat hun invloed als intellectuele leiders van de arbeidersklasse toenam naarmate de arbeidersbeweging zelf groeide in omvang.

Na de dood van Marx werkte Engels alleen voort als leider van de Europese socialisten. Zijn advies en zijn aanwijzingen werden vooral gevolgd door de Duitse socialisten, die ondanks harde repressie vanwege de regering snel aan invloed wonnen en in omvang toenamen. Ook onder meer de Spaanse, Roemeense en Russische arbeiders deden veelvuldig een beroep op de rijke kennis en de ervaring van de oude Friedrich Engels.

Zowel Marx als Engels waren democraten, maar vooral socialisten. De democratische afkeer voor politiek despotisme was bij beiden in grote mate aanwezig. Dit direct politieke gevoel, gecombineerd met een ontwikkeld theoretisch begrip van het verband tussen politiek despotisme en economische onderdrukking, leidde tot hun ongewone politieke activiteit.

Marx en Engels, die beiden Russisch spraken, interesseerden zich in grote mate in de ontwikkeling van een revolutionaire beweging in Rusland. Zij hadden de grootste sympathie voor de heroïsche strijd van een handvol Russische revolutionairen tegen het machtige tsaristische regime. Meer nog, beiden zagen duidelijk in dat een politieke revolutie in Rusland van uitermate belang zou zijn voor de West-Europese arbeidersbeweging. Autocratisch Rusland was steeds een voorbeeld geweest voor de Europese reactionaire regimes in het algemeen, en de uitzonderlijke internationale positie van Rusland na de Frans-Duitse oorlog van 1870 bevestigde het belang van autocratisch Rusland alleen maar. Enkel een vrij Rusland, een Rusland dat geen belang meer had bij de onderdrukking van Polen, Finnen, Duitsers, Armeniërs en vele anderen, zou ervoor kunnen zorgen dat de rest van Europa zich bevrijdde van de reactionaire elementen en zou de Europese arbeidersklasse in belangrijke mate versterken.

Terug naar overzicht

Waarom willen marxisten het kapitalisme omverwerpen?

Gedurende de laatste honderd jaar, of toch zeker vanaf de Eerste Wereldoorlog, heeft het kapitalisme opgehouden om historisch een progressieve rol te spelen. Hiermee bedoelen we dat het privé-eigendom van de productiemiddelen en de nationale staten een enorme rem zijn geworden op de menselijke vooruitgang.

Dit valt bijvoorbeeld op in de bestrijding van ziektes in de wereld, vooral in continenten zoals Afrika, Latijns-Amerika en Azië. De internationale geneesmiddelenindustrie, die in handen is van grote multinationals, voert enkel onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen die veel geld kunnen opbrengen. Ziektes zijn soms letterlijk een kwestie van leven of dood; voor de farmaceutische multinationals zijn ze een kwestie van winsten of verlies. Dit winstprincipe gaat ten koste van de gezondheid en het leven van miljoenen mensen. Dit is enkel mogelijk door de privé-eigendom van de productiemiddelen (laboratoria, opleidingscentra, technisch materieel, distributieketens enzovoort) en de verdediging van de belangen van deze bedrijven door machtige landen zoals de Verenigde Staten. Tussen 1975 en 1997 heeft de geneesmiddelenindustrie 1.233 nieuwe geneesmiddelen uitgebracht. Slechts 1 procent (dertien geneesmiddelen) behandelden tropische ziektes die in de derde wereld miljoenen mensen het leven kosten. Maar voor de geneesmiddelenindustrie is de derde wereld geen winstgevende markt omdat de mensen er te arm zijn. Er valt meer geld te rapen in geneesmiddelen voor de behandeling van depressie bij gezelschapsdieren zoals katten en honden, de bestrijding van erectieproblemen of gezichtsrimpels… Hetzelfde geldt voor de bestrijding van AIDS in de derde wereld. Deze geneesmiddelenmultinationals weigeren in alle toonaarden goedkope geneesmiddelen te verschaffen aan de landen van Afrika die het meest lijden aan deze moderne pest. Het winstprincipe, dat enkel en alleen mogelijk is dankzij het privé-bezit, is een echt gevaar voor de gezondheid van de mensheid.

Vandaag betekent het kapitalisme een enorme hinderpaal op het pad van de menselijke ontwikkeling. We kunnen dus niet wachten op een ineenstorting van dit systeem, want dat zou ons terug naar de Middeleeuwen brengen. In de komende periode zullen er talrijke mogelijkheden zijn om een bewuste verandering van de maatschappij door te voeren. Het succes van een socialistische omvorming is echter niet onvermijdelijk, maar is afhankelijk van de mate waarin we zo een moment vandaag voorbereiden.

Terug naar overzicht

Als socialisme onvermijdelijk een volgende stap is in de menselijke ontwikkeling, waarom moeten we er dan voor vechten?

Onder het kapitalisme worden de materiële middelen gecreëerd die nodig zijn voor een socialistische maatschappij. Maar het kapitalistische systeem zal nooit vanzelf ineenstorten. Het moet omvergeworpen worden. Wanneer het kapitalisme tot in het oneindige zou blijven voortbestaan, zonder verzet, heeft het voor de mensheid niet veel meer in petto dan verval en miserie, milieurampen en sociale ravage. Dit zien we vandaag gebeuren in grote delen van Afrika en Azië.

Gedurende een dergelijk verval wordt de internationale arbeidersklasse keer op keer gedwongen om de strijd aan te gaan. Wanneer zij er in deze strijd niet in slaagt om de macht te veroveren, zal het kapitalistische systeem blijven voortbestaan, waarbij enkel stabiliteit bereikt wordt door dictatuur, oorlog en contrarevolutie. Wanneer de arbeidersklasse er dus niet in slaagt om de macht te verwerven en de voorwaarden creëert voor een democratische socialistische maatschappij, zal de mensheid uiteindelijk vervallen in chaos en barbarij, net zoals de duistere Middeleeuwen volgden op het Romeinse Rijk.

Volgens ons is een radicale breuk met het systeem het enige alternatief op de huidige waanzin. Daarom proberen wij de ideeën van het marxisme te verspreiden, zodat de arbeidersklasse in staat is om de macht op een efficiënte en vreedzame wijze over te nemen wanneer er zich revolutionaire mogelijkheden voordoen.  

Terug naar overzicht

Waarom een opdeling tussen arbeiders en kapitalisten?

Het klassenbegrip van Marx vertrekt van de stelling dat onze klassenpositie bepaald wordt door onze relatie tot de productiemiddelen. Onder het kapitalisme is deze relatie bepaald door een fundamentele ongelijkheid. Eén klasse bezit voldoende economische middelen of voldoende economische eigendom om te voorzien in productiemiddelen en op die manier in haar bestaan, terwijl een andere klasse deze middelen niet heeft. Uit deze asymmetrie in de eigendomsrelaties van het kapitalisme leidt Marx een noodzakelijke tendens tot structurele dwang af. Diegenen zonder toegang tot de productiemiddelen worden door hun situatie gedwongen om hun arbeidskracht te verkopen aan diegenen die de productiemiddelen bezitten om op die manier in hun bestaan te voorzien. Diegenen die de productiemiddelen bezitten en controleren zijn dan in staat om het looncontract zodanig te bepalen dat zij zich het economische surplus, dat gecreëerd wordt door de arbeid, kunnen toe-eigenen. Een gedeelte van de arbeidsdag wordt er een waarde geproduceerd die de productiekosten dekt, terwijl de rest van de arbeidsdag een meerwaarde wordt geproduceerd die de eigenaar van het productiemiddel zich individueel toe-eigent (noodzakelijke arbeid en surplusarbeid). Zij proberen dan ook om het arbeidsproces zodanig te bepalen dat de meerwaarde die door de loonarbeider gecreëerd wordt, toeneemt. Ongelijkheid in de eigendomsrelaties leidt dus tot structurele dwang, en deze dwang leidt tot uitbuiting en onderwerping van diegenen zonder beslissingsmacht over de productiemiddelen aan diegenen met beslissingsmacht over de productiemiddelen.

Marx baseert zijn klassenbegrip dus op de tegenstelling tussen arbeid en kapitaal. De boeren- en middenklasse zijn sinds de industriële revolutie meer en meer aan het verdwijnen over de hele wereld, hoewel ze uiteraard nog bestaan. Het platteland wordt vandaag hoe langer hoe meer gedomineerd door kapitalistische landbouwbedrijven. Er zijn bijgevolg twee grote klassen in de huidige samenleving: de arbeidersklasse en de bourgeoisie (de kapitalisten). De boeren kunnen geen onafhankelijke rol van deze twee klassen spelen, ze moeten steeds voor een van hen kiezen. Het is de taak van de georganiseerde arbeidersbeweging om in de strijd tegen de bourgeoisie de boeren een programma aan te reiken waar ze zich achter kunnen scharen.

Als marxisten stellen dat er binnen het kapitalisme twee grote oppositionele klassen bestaan, wil dat niet zeggen dat beide klassen een volledig afgebakend geheel vormen waarbinnen zich geen tegenstellingen kunnen voordoen. Binnen de kapitalisten is er bijvoorbeeld een tegenstelling tussen industriële kapitalisten en het financiekapitaal (banken en andere financiële groepen). Er is al lang een tendens bezig waarbij het industriekapitaal steeds meer onder controle van het financiekapitaal valt. Het verschil vervaagt dus en alle lagen van kapitalisten werken samen voor de uitbuiting van de arbeidersklasse. Binnen de arbeidersklasse bestaan dan weer verschillen tussen bijvoorbeeld handarbeiders en bedienden. De bourgeoisie zal deze verschillen zoveel mogelijk ten top drijven en de diverse lagen van de werkende klasse tegen elkaar opzetten. In België bestaat nog steeds niet één statuut voor arbeiders en bedienden, hoewel beide groepen objectief dezelfde belangen hebben vanwege hun verhouding tot de productiemiddelen.

De bipolaire indeling van Marx tussen arbeiders enerzijds en kapitalisten anderzijds is dus inderdaad ruw en algemeen. Een zuiver beschrijvende indeling op basis van beroepscategorieën vertelt ons echter niets over de structurele ongelijkheid in onze productieverhoudingen en de uitbuiting. Juist door haar positie in de kapitalistische samenleving bezit enkel de arbeidersklasse het potentieel te breken met de huidige maatschappelijke ordening en de weg in te slaan naar een samenleving die niet draait rond winst en zonder klassenuitbuiting, het socialisme. Het kapitalisme is immers gebouwd op de uitbuiting van arbeiders, en het zijn zij die beschikken over een ontzaglijke potentiële macht in de productie. Dit bewijzen ze bij grote stakingen, die heel het land kunnen lamleggen en die de kapitalistische winstproductie en de staatsmacht direct in vraag stellen. Onder het kapitalisme is de productie een maatschappelijk proces geworden dat grote groepen omhelst. Die vermaatschappelijking van de productie staat evenwel in contradictie met de individuele toe-eigening van de gecreëerde meerwaarde. Om tot een betere samenleving te komen, dient die contradictie opgeheven te worden, zodat de productiemiddelen niet langer ingezet worden voor individuele winsten maar voor de collectieve en individuele behoeften van en in de gemeenschap. Aangezien arbeiders in groep werken, kunnen zij de kapitalisten onteigenen en collectief de productiemiddelen in handen nemen. Daardoor zou de contradictie opgeheven worden. De arbeidersklasse is met andere woorden de nieuwe revolutionaire klasse.

Terug naar overzicht

Waarom is het alleen maar de arbeidersklasse die een collectief, socialistisch bewustzijn kan ontwikkelen?

Het is precies de sociale en collectieve aard van de kapitalistische productie die arbeiders samenbrengt in een gemeenschappelijke strijd. In tegenstelling tot de kleinburgerij (kleine zakenlui, kleine landhouders, intellectuelen geïsoleerd van de massa's), ontwikkelt de werkende klasse een collectief bewustzijn. Het is precies hierom dat marxisten uitgaan van de arbeidersklasse. Ze is de enige klasse die zo een bewustzijn kan ontwikkelen, net omwille van haar positie in het productieproces. Uiteraard is de arbeidersklasse zonder organisatie, zoals Marx het uitdrukte, enkel ruw materiaal om uitgebuit te worden. Dat is de reden waarom de burgerij onophoudend de vakbonden en arbeidersorganisaties aan banden probeert te leggen in de hoop het proletariaat verdeeld te houden. De hele ervaring van de klassenstrijd noopt de arbeiders er echter steevast toe zich te organiseren. Het individualisme van de kleinburgerij daarentegen is het gevolg van haar rol als klasse van kleine producenten en kleine zakenlui die inderdaad geïsoleerd staan ten opzichte van elkaar en die met elkaar concurreren. Zelfs voor ze zaken beginnen doen, concurreren ze net als studenten met elkaar tijdens de examens. Hoewel de arbeidersklasse zeker en vast brede lagen van de kleinburgerij achter zich moet meeslepen door hun belangen te verbinden met de strijd tegen het kapitalisme, kan de kleinburgerij eenvoudigweg geen onafhankelijke rol spelen in de strijd voor het socialisme.

De arbeidersklasse is de grootste en machtigste sectie in de maatschappij omdat zij de macht heeft om de productie stil te leggen en multinationals zo in de touwen te doen hangen. Daarom dient de georganiseerde arbeidersbeweging het voortouw te nemen in de radicale omwenteling naar het socialisme. De kapitalistische onderdrukking heeft ook verregaande implicaties voor andere lagen in de maatschappij, zoals de kleine boeren, studenten, ecologisch verstikten, vrouwen, verarmde middenstanders, om maar enkele groepen te noemen. Indien zij collectief hun leven op een duurzame manier willen veranderen, dan zijn zij genoodzaakt hun strijd te koppelen aan die van de arbeidersklasse. Zo een wederzijdse bevruchting kan de uitkomst van de strijd enkel maar ten goede komen.

Terug naar overzicht

 

Kunnen democratie en socialisme samen bestaan?

Het idee dat het socialisme en democratie tegengesteld zijn aan elkaar, is volledig fout. Het is integendeel net het kapitalisme, dat meestal gelijkgesteld wordt met democratie, dat een laag democratisch gehalte kent. Binnen de kapitalistische burgerlijke democratie kunnen we wel om de zoveel jaar gaan stemmen bij de parlementsverkiezingen, maar in de termijn tussen twee verkiezingen hebben de heren en dames die ons dan moeten vertegenwoordigen zo goed als vrij spel. Van een echte vertegenwoordiging is in feite geen sprake, en evenmin van een echte vrije keuze. Bovendien worden de verkiezingen steeds gefinancierd door allerhande grote bedrijven en mensen met geld. In de praktijk is er onder het kapitalisme dan ook alleen maar democratie voor de rijken en de machtigen. Daarom noemen we ons politieke systeem in wetenschappelijke termen ook wel burgerlijke democratie. Niet omdat het een vertegenwoordiging is van alle burgers maar omdat de overgrote meerderheid van de samenleving slechts vertegenwoordigd wordt door de burgerij, wat de Nederlandse vertaling is van het Franse woord bourgeoisie, de heersende klasse in het kapitalisme.

Bovendien is het zo dat de regeringen die wij verkiezen in feite weinig bewegingsvrijheid hebben inzake het beleid dat ze kunnen voeren. Wanneer de drie rijkste mensen van de VS een gezamenlijk bezit hebben dat gelijk is aan de rijkdom van 115 miljoen gewone Amerikanen, dan is het toch duidelijk wie eigenlijk baas is in dat land. Door het kader dat deze happy few creëren met hun economische beslissingen, bepalen zij in feite het leven van miljoenen gewone mensen, hun vooruitzichten op werk, hun toegang tot de gezondheidszorg en onderwijs enzovoort. En wanneer de belangen van de grote bedrijven geschaad worden, gebruiken zij de regeringen om hen te helpen.

Toen bijvoorbeeld de democratisch verkozen regering van Allende in Chili in 1973 besliste om de kopermijnen en het communicatienet (dat eigendom was van Amerikaanse bedrijven) te nationaliseren, beslisten deze bedrijven om miljoenen aan de CIA te doneren, die deze fondsen gebruikte om een militaire coup in Chili te organiseren. Deze coup verving de democratisch verkozen regering van Allende door een militaire dictatuur onder leiding van Pinochet. Een gelijkaardig scenario vond recentelijk plaats in Venezuela toen president Chavez o.a. de gronden beter wou verdelen onder de boeren en de olie-industrie gedeeltelijk aan de controle wou onttrekken van de oliebaronnen en het Amerikaanse imperialisme. De Venezolaanse heersende klasse orchestreerde in samenspraak met Washington een coup op 11 april 2002, maar ze werden teruggeslagen door de massa van arme arbeiders en boeren die 'hun' president kwamen verdedigen. Toch blijft de Venezolaanse bourgeoisie azen op de val van Chavez, en ze zetten daartoe alle middelen in zoals de media (die grotendeels in hun handen zijn), de Kerk, het gerecht en zelfs de rechtse vakbondsleiding.

Binnen het kapitalisme bepalen de grote kapitaalgroepen in laatste instantie uiteindelijk het beleid. Regeringen en partijen bestaan niet in een vacuüm, maar worden direct beïnvloed door de rijken en de machtigen. Het reuzenbedrijf Enron kreeg wereldfaam door zijn corrupte praktijken waarmee het bijna de regering van Bush meesleurde in zijn val. Enron schonk 5,8 miljoen dollar aan kandidaten in de Amerikaanse federale verkiezingen van 2002, 71 van de honderd senatoren werden met geld van Enron verkozen en 73 procent van het geld ging naar de Republikeinen. In Groot-Brittannië steunde Enron financieel New Labour. In ruil voor die steun verdedigde de overheid de belangen van Enron. De Franse multinational Vivendi versaste tientallen miljoenen euro via illegale commissies naar de rekeningen van de partij van Jacques Chirac. In ruil daarvoor kregen ze allerlei contracten van de overheid. De Amerikaanse biotechnologische industrie probeert de rest van de wereld genetisch gemanipuleerde gewassen op te dringen. Daarvoor bedienen ze zich van de Amerikaanse staat, die immers een instrument is voor hun belangen. Minister van Justitie John Ashcroft kreeg bij de verkiezingen van 2002 geld van Monsanto voor zijn campagne. Hetzelfde geldt voor minister van Gezondheidszorg Tommy Thompson. Minister van Landbouw Ann Veneman zat tussen 1993 en 1995 in de raad van bestuur van Calgene Inc., dat genetisch gemanipuleerde gewassen op de markt brengt en in 1997 door Monsanto werd overgenomen. Politici switchen voortdurend tussen de politiek en het bedrijfsleven. Ex-premier Jean-Luc Dehaene werd na zijn regeertermijn bestuurder van Union Minière en Lernout & Hauspie, dat net als Enron ten onder ging aan het openbarsten van de IT-bel en corrupte praktijken.

Onder het socialisme daarentegen bevindt de economische rijkdom van een land of zelfs van de hele wereld zich niet in private handen, maar is ze eigendom van de meerderheid van de bevolking, die deze rijkdom op een democratische wijze beheert en controleert. Dit zou echte democratie betekenen, waarbij de mensen controle over hun leven hebben. We zouden in staat zijn om onze vertegenwoordigers in het parlement en in de regering op een daadwerkelijk democratische manier te verkiezen en tegelijkertijd zouden deze vertegenwoordigers daadwerkelijke macht over de economie hebben, zodat ze echt dingen kunnen veranderen. Bovendien zouden onze politieke vertegenwoordigers permanent afzetbaar zijn wanneer zij de taak waarvoor ze verkozen zijn, niet naar behoren vervullen. Zo kunnen we iemand anders aanduiden als onze vertegenwoordiger wanneer we denken dat die het beter zou doen. Verder zouden onze verkozen vertegenwoordigers niet meer verdienen dan het loon van een geschoolde arbeider. Dit zou in schril contrast staan met de huidige situatie, waar de 'verkozenen van het volk' een materiële status verwerven die totaal niet overeenstemt met het leven dat de meerderheid van de bevolking leidt. Dit kan ervoor zorgen dat de politieke mandaten ingevuld worden door mensen die werkelijk interesse hebben om de baan uit te oefenen in plaats van dat de politiek overspoeld wordt door carrièristen, zoals vandaag het geval is. Op deze manier kunnen onze verkozen vertegenwoordigers ook uit alle lagen van de maatschappij komen. Lenin zei hierover ooit: “Zelfs onze kok moet eerste minister kunnen worden.”

Een ander idee dat vaak aangehaald wordt, is de stelling dat het regime in de vroegere Sovjetunie gebaseerd zou zijn op de marxistische leer. Het is algemeen bekend dat er in de Sovjetunie weinig of geen democratie bestond. Volgens ons had het regime in de Sovjetunie echter weinig te maken met socialisme. Het regime viel eerder te omschrijven als stalinisme. Het was een regime waar de economie in handen was van de staat, maar waar de burgers niet participeerden in het beheer van die economie. De bureaucratische kaste controleerde en beheerde de economie in dienst van haar eigen belangen. Dit had weinig te maken met socialisme. Het is zelfs zo dat Stalin honderden en duizenden socialistische en communistische militanten heeft laten vermoorden om aan de macht te komen. Het beste voorbeeld hiervan is het feit dat na de stalinistische zuiveringen in de jaren '30 slechts drie leden van het oorspronkelijke Centraal Comité van de bolsjewistische partij nog in leven waren: Leon Trotski (die verbannen was), Alexandra Kollontai en Jozef Stalin zelf. De anderen, behalve enkelen zoals Lenin die een natuurlijke dood stierven, werden zo goed als allemaal geëlimineerd door de stalinisten. Alexandra Kollontai werd politiek op een zijspoor gezet, Stalin stuurde haar naar Zweden als ambassadrice, een beleefde manier om haar te verbannen. De eveneens verbannen Trotski werd in 1940 door een agent van Stalin vermoord in Mexico, waar hij in ballingschap leefde nadat hij uitgewezen was uit de Sovjetunie. Stalin had het elimineren van deze twee laatsten omzichtiger aangepakt aangezien zij, en dan vooral Trotski, een grote populariteit genoten onder de bevolking.

Belangrijk om te onthouden is echter dat socialisme en communisme gebaseerd zijn op échte democratie; niet slechts vage, burgerlijke democratie maar directe arbeidersdemocratie, democratie voor en door de meerderheid van de bevolking over alle facetten van de maatschappij. Zoals Leon Trotski ooit zei: “Het socialisme heeft democratie nodig, net zoals de mens zuurstof nodig heeft.”

Terug naar overzicht

Wat is de rol van de staat in de maatschappij?

Het staatsapparaat, een bende gewapende mannen, de politie, het leger en hun aanhangsels (rechtbanken) enzovoort, zijn instrumenten ter onderdrukking van de ene laag in de maatschappij door de andere, gewoonlijk de onderdrukking van de ene klasse door de andere. In een bepaald stadium van de menselijke ontwikkeling ontstond de staat als gevolg van de verdeling van de maatschappij in klassen. Zodra het mogelijk werd een surplus te produceren bovenop de noden van de producenten, werd het voor een minderheid mogelijk zich te onttrekken van arbeid. In de plaats daarvan leefde ze van het surplus dat geproduceerd werd door de meerderheid. Onvermijdelijk had zo een kleine minderheid echter een speciale macht nodig om de meerderheid op haar plaats te houden. Op die manier ontstonden de eerste vormen van een staatsapparaat uit de verdeling van de samenleving in klassen. Deze vroege klassenverdeling tussen slaveneigenaars en slaven werd vervangen door andere vormen van klassenverdeling (leenheren en horigen onder het feodalisme, kapitalisten en arbeiders onder het kapitalisme). Maar zelfs tot op de dag van vandaag onder het kapitalisme was het steeds een minderheid die kon leven van het surplus dat geproduceerd werd door de meerderheid. Bij het kapitalisme hoort dus ook een specifieke vorm van staat, namelijk de burgerlijke staat.

Het kapitalisme heeft een progressieve rol gespeeld in de opbouw van de economie door te investeren tot op een punt dat het mogelijk zou zijn om voor de eerste keer deze archaïsche klassenverdeling uit de weg te ruimen. Aangezien het precies de taak is van het socialisme om deze verdeling af te schaffen, zal ook de staat in toenemende mate afsterven. Na de omverwerping van de burgerlijke staat door de socialistische revolutie zal de arbeidersstaat stilaan wegdeemsteren. Er is dan immers geen instrument meer nodig voor de verdrukking van de meerderheid door een minderheid. In plaats van de regering over personen komt het beheer over zaken en het leiden van de productieprocessen.

Terug naar overzicht

Als de staat onder het socialisme zal afsterven, waarom gebeurde dat dan niet in de Sovjetunie?

In Rusland had in 1917 een socialistische revolutie plaats, maar de staat is daar helemaal niet verdwenen. Marxisten kijken echter altijd naar de specifieke omstandigheden. De dictatoriale staat in de Sovjetunie is het gevolg van een politieke contrarevolutie steunend op een geprivilegieerde sociale laag van bureaucraten. Deze contrarevolutie versmachtte alle vormen van democratische controle en zelfbeheer van onderuit, zowel in de sovjets of raden als in de Communistische Partij. Deze ontwikkeling was mogelijk door het isolement van de Russische Revolutie (zie Waarom is socialisme in één land onmogelijk?), de burgeroorlog en de drastische daling van de politieke activiteit van de grote massa van arbeiders. Door het binnenvallen van verschillende westerse legers en de daarop volgende burgeroorlog heerste er in Rusland al snel een situatie van grote tekorten aan producten (voedsel, consumptiegoederen, productiegoederen). In een klassenmaatschappij zou een deel van de bevolking in zo'n situatie omkomen door de ontberingen, terwijl de heersende klasse nog altijd in luxe zou leven. De Russische arbeidersstaat ging daarentegen over tot rantsoenering zodat iedereen zijn deel kreeg. Onder deze omstandigheden werd het oude tsaristische staatsapparaat weer sterker. In zijn meesterwerk over het stalinisme, De verraden revolutie, legt Trotski uit dat daar waar tekorten zijn, rijen wachtende mensen staan, en waar er rijen wachtenden staan, heb je politie nodig om de orde te handhaven, en de politie zal zich vooraan in de rij bevinden. Als instrumenten van staatsrepressie zal de politie onvermijdelijk haar geprivilegieerde positie misbruiken. Bovendien was het grootste deel van de Russen analfabeet, maar om de rantsoenering en het beheer goed te laten verlopen waren er klerken nodig die alles konden optekenen. Zo moesten de bolsjewieken meer en meer een beroep doen op de bureaucratie die onder de Tsaar had gediend. De macht van de bureaucratie begon te groeien en Stalin werd uiteindelijk de belangrijkste verdediger van haar belangen. De overwinning van de bureaucratie zorgde ervoor dat de staat helemaal niet afstierf en dat op de duur het kapitalisme zelfs opnieuw werd ingevoerd.

Nochtans was de zege van de geprivilegieerde bureaucraten niet onvermijdelijk. Trotski en andere marxisten voerden een harde strijd hiertegen en vormde een Linkse Oppositie rond een programma van zowel economische, sociale als politieke maatregelen teneinde de democratie binnen het socialisme weer leven in te blazen. Deze maatregelen voorzagen bijvoorbeeld in de snelle industrialisering van het land, het herstel van tendens- en fractierecht binnen de partij, het toelaten van andere politieke organisaties, het afschaffen van alle privileges, een activering van de democratische sovjets, de uitbreiding van de socialistische revolutie naar andere landen, vooral dan in het sterker ontwikkelde Westen.

Terug naar overzicht

Waarom is socialisme in één land onmogelijk?

Eerst en vooral moet het socialisme gebaseerd zijn op een hoog niveau van productiviteit. Het meest ontwikkelde stadium van de productiekrachten onder het kapitalisme schept de materiële voorwaarden voor een overgang naar socialisme. Aangezien het grootste gedeelte van de huidige problemen in de wereld toe te schrijven is aan een ongelijke verdeling van middelen, bestaat de enige oplossing er in om meer dan genoeg te produceren en om deze productie op een democratische wijze te verdelen, zodat de mensen geen redenen meer hebben om anderen te onderdrukken. Nergens in de ideeën van Marx, Engels, Lenin of Trotski kan men iets terugvinden over het idee van socialisme in één land. Het marxisme heeft steeds een internationaal perspectief voor ogen gehouden.

De arbeidersklasse heeft gedurende de vorige eeuw in verschillende landen verschillende mogelijkheden gehad om een socialistische omvorming van de maatschappij door te voeren. Slechts één van deze pogingen, de Russische Revolutie van 1917, is uiteindelijk succesvol geweest, en dit succes was dan nog van korte duur. Deze revolutie in een onderontwikkeld land is er in geslaagd om in één keer meer dan duizend jaar van tsaristische autocratie omver te werpen. Het is echter nooit Lenins bedoeling geweest om het socialisme te beperken tot één land. Dat is onmogelijk omdat het socialisme een enorme toename in de productie vereist om tegemoet te komen aan de noden van de maatschappij. Dit vereist onvermijdelijk een internationale coördinatie. Bovendien kan het kapitalisme niet omvergeworpen worden in slechts één land. De revolutie moet en zal zich uitbreiden over meerdere landen en uiteindelijk over de hele wereld.

Door verschillende oorzaken (Rusland was een onderontwikkeld land, er brak een burgeroorlog uit na de revolutie, Rusland werd geconfronteerd met een buitenlandse interventie van 21 legers en geraakte volledig geïsoleerd) hing het voortbestaan van de revolutie al snel aan een zijden draadje. Zonder de hulp van revoluties in economisch meer ontwikkelde landen in Europa kon het socialisme in Rusland niet overleven. Indien de revolutionaire bewegingen in de rest van Europa succesvol waren geweest, hadden deze landen hun technologie, hun natuurlijke rijkdommen en hun menselijk potentieel kunnen samenvoegen zodat er geproduceerd kon worden voor iedereen. Op die manier zou de revolutie zich als een lopend vuurtje hebben verspreid. In werkelijkheid geraakte de revolutie echter geïsoleerd en degenereerde zij tot een bureaucratische dictatuur. Om dit te vermijden moet het socialisme internationaal zijn.

Terug naar overzicht

Hoe zal een socialistische maatschappij eruitzien?

Hoewel het onmogelijk is om een blauwdruk te geven van hoe een dergelijke maatschappij eruit zal zien, kunnen we toch zeggen dat deze vorm van sociale eigendom en sociale democratie het begin van het einde van de klassentegenstellingen en de sociale arbeidsdeling betekent. Wanneer de arbeidersklasse de macht neemt, zal zij enorme veranderingen aanbrengen in de wijze waarop de economie en de samenleving georganiseerd worden. Socialisme is ofwel democratisch, ofwel is het niets. Hiermee verwijzen we niet naar een formele democratie die enkel op papier bestaat (bv. de burgerlijke democratie, waar men om de zoveel jaar kan stemmen voor een parlement, dat dan de samenleving beheert in functie van de belangen van het kapitaal) maar naar een democratie waarin we allen niet alleen een volledig en actief aandeel hebben in verkiezingen, maar ook in de organisatie en het beheer van de gemeenschap, van de bedrijven en van de samenleving in haar geheel. Wanneer de moderne economie, de industrie, de wetenschap en de technologie in handen zijn van alle leden van de samenleving, dan zullen we in staat zijn om volledige tewerkstelling en een kortere arbeidstijd te realiseren. Hierbij verkrijgen we dan de tijd en de middelen om onze talenten volledig te ontplooien. Zonder de anarchie van de private eigendom en van het winstmotief zou het perfect mogelijk zijn om de welvaart van onze samenleving op vijf jaar tijd te verdubbelen én duurzaam te produceren.

De verkorting van de werkdag en een toename in de productiviteit van de samenleving vormen de voorwaarden voor het wegwerken van de klassentegenstellingen in de samenleving en dus voor het socialisme. Een socialistische samenleving is dus gebaseerd op het principe dat iedereen bijdraagt volgens zijn/haar mogelijkheden en krijgt volgens zijn/haar noden. Een dergelijke samenleving is geen Utopia maar is daarentegen het enige alternatief op een traag en pijnlijk verval in barbarij. Zo een samenleving zal echter niet automatisch ontstaan. Enkel een socialistische revolutie, wat een bewuste tussenkomst van de arbeidersklasse impliceert, kan een dergelijke verandering teweegbrengen. Dit vereist eerst en vooral de opbouw van een ervaren en geschoolde leiding.

(zie ook Wat met individualisme onder het socialisme?)

Terug naar overzicht

Wat met individualisme onder het socialisme?

Vele mensen baseren hun beeld van individualisme onder het socialisme op de manier waarop dit in het Rusland onder Stalin en het China onder Mao in de praktijk werd gebracht. Meteen wordt gedacht aan mensen die in uniform (Mao-pakjes) lopen en aan een almachtige staat waaraan de rechten en wensen van het individu ondergeschikt zijn, 'in het belang van de hele maatschappij'. In werkelijkheid waren het in die gevallen niet de belangen van de hele maatschappij die vervuld werden, maar de belangen van de kleine bureaucratische kliek die parasiteerde op de rug van de werkende klasse en op de rug van de genationaliseerde en geplande economie.

Deze bureaucratisering had een rampzalige invloed op alle verworvenheden van de revolutie in Rusland, en dit niet alleen op economisch vlak, maar op elk domein van het leven. De bureaucratisering had niet alleen verstikkende gevolgen voor de productie, maar ook op vlak van kunst, wetenschap en cultuur. De stalinisten waren als de dood voor mogelijke oppositie, ook voor de intellectuelen die ze niet onder controle konden krijgen en die dan ook vaak de dood werden ingejaagd. Individuele expressie werd afgeschilderd als contrarevolutionair. Zelfs cultuur werd onder het juk gebracht van de 'collectieve wil', die niet de wil was de samenleving maar van een handvol bureaucraten die wanhopig aan hun macht en privileges vasthielden. Niet alleen de economie maar álle domeinen van het leven hebben de zuurstof van de democratie nodig om tot bloei te komen.

De kapitalistische maatschappij waarin we vandaag leven is zogezegd individualistisch, en dit wordt als iets positiefs bestempeld. In werkelijkheid is de op winst gebaseerde maatschappij er een die hebzucht en egoïsme voortbrengt. Het is een samenleving die gebaseerd is op het idee van 'eten of gegeten worden'. Onder het kapitalisme zullen mensen alles doen om 'vooruit te geraken'. In naam van de winsten worden de talenten en vaardigheden van de grote meerderheid van de mensen verspild aan de lopende band of aan de werkloosheid. Vele mensen hebben geen recht op een baan, geen recht op degelijk onderwijs (dat meer en meer vermarkt wordt), geen recht op gezondheidszorg, de rechten die een noodzakelijke voorwaarde zijn voor een geciviliseerd bestaan, laat staan de rechten om hun potentieel en capaciteiten te realiseren.

De collectieve samenleving van het echte socialisme is er een waar de rechten van het individu voor de eerste maal zonder enige macht of dwang werkelijk tot ontplooiing kunnen komen. Het zal een maatschappij zonder grenzen zijn die gebaseerd is op het democratische beheer door de hele samenleving over alle aspecten van het leven, op basis van een economie van overvloed die al onze noden kan vervullen. Met moderne technologie kunnen we met relatief weinig inspanningen meer dan genoeg produceren voor alle noden en verlangens van de mensheid. Zo waren er vroeger bijvoorbeeld vele arbeiders nodig om een televisietoestel te maken. Door automatisering, robots en andere verbeteringen in efficiëntie, zijn er echter veel minder arbeiders nodig. Maar onder het kapitalisme vervangen de machines de arbeiders, die dan andere, gewoonlijk lager betaalde banen moeten zoeken of in de werkloosheid belanden. De overblijvende arbeiders moeten harder werken. Zo wordt enorm veel potentieel verkwanseld.

Onder het socialisme zullen technologische verbeteringen ten dienste komen van de mensheid. We zullen machines voor ons laten werken, en de tijd die we winnen door hun efficiëntie kan besteed worden aan andere bezigheden in het leven. We zullen bevrijd worden van het eentonige werk van de menselijke arbeid zoals nu het geval is onder het kapitalisme. We zullen tijd hebben om te ademen in het leven, om te studeren, te reizen, in contact te komen met andere culturen, om onze talenten tot bloei te laten komen.

De ontwikkeling van onze economie zal ons in staat stellen minder tijd aan repetitief en afstompend werk te besteden en deel te nemen aan de domeinen die vandaag voor ons afgesloten zijn door gebrek aan geld of door een overmaat aan werk. Kunst, wetenschap, muziek enzovoort zullen alle kunnen gedijen zodra ze vrijgemaakt worden van de beperkingen van de kapitalistische maatschappij. Hoeveel Shakespeares en Beethovens hebben er tot op heden geleefd? Nauwelijks een handvol. Of beter gezegd nauwelijks een handvol van wiens talenten we hebben kunnen genieten. En hoeveel meer zijn er gebonden aan de fabriek, het veld of het kantoor? Eens we komaf gemaakt hebben met het gedateerde private-winstsysteem en met de anarchie die dit in onze economie veroorzaakt, zullen niet alleen de rechten van het individu, van alle individuen, maar ook hun ambities en dromen de vrije hand gelaten worden. Nieuwe hoogtepunten in de menselijke cultuur zullen bereikt worden, en van deze toppen aan de horizon zullen nieuwe pieken opdoemen. Staand op de schouders van alle voorbije ervaringen, zullen mannen en vrouwen met kop en schouder boven de geschiedenis uitsteken. Met ons primitieve verleden achter ons en met een democratisch plan over hoe we onze rijkdommen en technologie aanwenden, zal de mensheid vrij zijn om zich te ontwikkelen en haar volle potentieel te bereiken als een geheel en als individuen.

Terug naar overzicht

Wat denken marxisten over terrorisme?

Het marxisme heeft steeds strijd gevoerd tegen de methodes van het individuele terrorisme (kapingen, bommen), net als tegen staatsterrorisme (de imperialistische bombardementen op Irak, Joegoslavië enzovoort). Individuele terreurdaden vervreemden de massa alleen maar van de zaak die je verondersteld wordt te propageren. Een markt bombarderen waarbij vrouwen en kinderen gedood worden, wekt bij de 'gewone mens' totaal geen sympathie op voor je zaak. Onze kracht en sterkte liggen in onze aantallen, niet in individuele daden.

Hoewel we zeker begrip kunnen opbrengen voor mensen die gefrustreerd zijn door de onderdrukkingen waaronder ze leven, hebben deze methodes niets gemeen met het marxisme en hebben ze historisch gezien bewezen niet in staat te zijn noemenswaardige veranderingen te brengen. Neem bijvoorbeeld de terroristische aanslagen van de PLO in Israël van de voorbije decennia. Deze bomaanslagen en kapingen hebben de eenheid tussen de werkende Joden en Arabieren tegen hun gemeenschappelijke onderdrukker – de heersende klasse, die hen verdeeld houdt om hen verder te kunnen onderdrukken – niet bevorderd. De heersende klassen in het Midden-Oosten willen geen echte vrede, ze willen enkel de spanning binnen de perken houden zodat ze hun zaken onbelemmerd kunnen voortzetten. Indien er echte 'vrede' was, zouden de arbeiders van alle volkeren en religies zich verenigen tegen de heersende klasse. De terroristische methoden van de PLO hebben het Palestijnse volk geen stap verder gebracht. Het was enkel na de Intifada (opstand) van de Palestijnse massa's dat de Israëlische heersende klasse de beweging begon te vrezen en toegevingen begon te doen.

Een ander voorbeeld is de oorlog in Tsjetsjenië. De echte reden voor de oorlog is dat het Russische leger het beu is door het Westen vernederd te worden na de val van de USSR (tientallen jaren geleden zou de NAVO nooit Ruslands bongenoot Servië gebombardeerd hebben!). Ze willen een voorbeeld stellen aan het Tsjetsjeense volk en aan de andere volkeren van de voormalige republieken (vooral in de Kaukasus en het gebied van de Kaspische Zee, die rijk zijn aan olie, gas enzovoort) wat er gebeurt als ze zich bemoeien met Rusland. Wat was het excuus dat gegeven werd voor de oorlog? Het terrorisme bestrijden. Zogezegd waren een aantal bombardementen op appartementen van werkende mensen uitgevoerd door Tsjetsjeense terroristen en dit is het excuus dat gebruikt wordt om een heel land met de grond gelijk te maken. Of de Tsjetsjenen deze appartementsblokken nu al dan niet bombardeerden doet er niet zoveel toe; het punt is dat individueel terrorisme culturele en etnische eenheid niet bevordert maar de heersende klasse veeleer een excuus geeft om de repressie op te voeren.

Hetzelfde geldt voor de aanslagen van 11 september 2001. In weerwil van de propaganda van Osama bin Laden hebben ze de zaak van de Arabische massa's helemaal niet gediend. Sindsdien heeft het Amerikaanse imperialisme zijn greep op het Midden-Oosten versterkt door Afghanistan en Irak binnen te vallen. De 'oorlog tegen het terrorisme' verschafte daarbij een goed alibi. Nog los van de duizenden onschuldige slachtoffers zijn de effecten van de (al dan niet uitgelokte) aanslag op de WTC-torens verschrikkelijk. Bush, die voordien een sterk bekritiseerde president was wegens de frauduleuze verkiezingen, kreeg plots de steun van de Amerikaanse bevolking om “het vaderland te verdedigen”, in werkelijkheid om de dominantie van het Amerikaanse imperialisme aan de rest van de wereld gewapenderhand op te leggen. Democratische rechten werden overal ter wereld aangetast onder het mom van 'antiterreurwetten'. In de VS werden stakingen verboden omdat ze “tegen het nationale belang ingaan” en bespioneert de politie vakbondsactivisten op basis van de antiterroristenwetgeving.

Het volgende uittreksel komt uit Leon Trotski's pamflet Waarom marxisten individuele terreur afwijzen:

“In onze ogen is individuele terreur ontoelaatbaar, juist omdat het de bewustwording van de massa's afremt, hen doet schikken in hun machteloosheid en hun blik en hoop doet wenden naar een grote wreker en bevrijder die op zekere dag zal komen en zijn missie zal voltooien. De anarchistische profeten van de 'propaganda van de daad' kunnen zoveel praten als ze willen over de verheffende en stimulerende effecten van terroristische actie op de massa's; theoretische overwegingen en politieke ervaring bewijzen het tegendeel. Hoe 'effectiever' de terroristische acties, hoe groter hun impact, des te meer reduceren zij de belangstelling van de massa's in organisatie en scholing van henzelf. De rook van de verwarring trekt echter op, de paniek verdwijnt, de opvolger van de vermoorde minister verschijnt op het toneel, het leven gaat verder op de oude manier, het rad van kapitalistische uitbuiting draait als vroeger; alleen de repressie van de politie wordt wreder en brutaler. En het uiteindelijke resultaat is dat in plaats van de ontvlamde hoop en kunstmatig aangewakkerde opwinding, apathie en disillusie verschijnt.”


Terug naar overzicht

Wat denken marxisten over guerrillastrijd?

Het ligt niet in de traditie van het marxisme om een beweging van boeren te ondersteunen die losstaat van de beweging van de arbeidersklasse, die van doorslaggevend belang is. De inspanningen en het werk van de marxisten dienen grotendeels geconcentreerd te zijn in de steden en onder het proletariaat. Uiteraard moet onder alle omstandigheden de strijd van andere onderdrukte klassen ondersteund worden.

Zoals Lenin uitlegde is guerrillastrijd de methode van de boeren en van het lompenproletariaat (verpauperde arbeiders, de armste en minst ontwikkelde lagen van de arbeidersklasse die door hun positie in de maatschappij gemarginaliseerd zijn op allerlei vlakken). Hoewel het enigszins begrijpelijk is dat guerrillabewegingen zich ontwikkelen in landen waar er zo goed als geen proletariaat is, is het fout guerrillastrijd te rechtvaardigen. Vandaag maakt het proletariaat in de meeste landen de grote meerderheid van de bevolking uit. India bijvoorbeeld heeft meer industrie dan haar vroegere koloniale overheerser Groot-Brittannië. Zelfs als boerenoorlogen zegevieren, kunnen ze alleen maar leiden tot een overwinning van bourgeois-bonapartisme (burgerlijke dictatuur) of proletarisch-bonapartisme (stalinisme). Ze kunnen nooit leiden tot een echte socialistische revolutie, die immers een bewuste beweging van het proletariaat vereist. Stedelijke guerrillastrijd tracht de beweging van het proletariaat te vervangen door studenten en lompenelementen, wat volledig ingaat tegen alle principes van het marxisme. Steeds weer eindigde dit in een catastrofe. Dat was de ervaring van Latijns-Amerika en andere continenten.

De taak van marxisten is niet alleen om de kapitalistische heerschappij omver te werpen, maar ook om de weg vrij te maken voor de socialistische toekomst van de mensheid. De vernietiging van het kapitalisme en grootgrondbezit in de voormalige koloniale landen is een immense stap voorwaarts die de maatschappelijke positie van de mensen verbetert. Maar precies door de hulpeloosheid van de boeren als klasse om zich te kwijten van de toekomstige socialistische taken, kan guerrillastrijd enkel zorgen voor nieuwe hindernissen. Gezien de machtsverhoudingen in de wereld en de crisis van het kapitalisme en imperialisme in de onderontwikkelde landen, kan de overwinning van boerenoorlogen leiden tot een vorm van gedeformeerde arbeidersstaat (stalinisme). Het kan niet resulteren in de bewuste controle van de arbeiders en boeren over de industrie, de landbouw en de staat.

Terug naar overzicht

Hoe zit het met Cuba, Che Guevara en Fidel Castro?

Meer dan dertig jaar na de brutale moord door het Boliviaanse leger (met steun van de CIA), blijft het gezicht van Che Guevara een van de meest herkenbare in de wereld. Hij hangt uit op posters in studentenkamers, er zijn talloze T-shirts met zijn gezicht op en ironisch genoeg lijkt de reclamewereld geld in Che te zien. Vooral onder jongeren blijft hij een icoon, en dat niet alleen in Latijns-Amerika, maar ook in het Westen. De Boliviaanse huurmoordenaars waren zodanig bang van Che dat ze na zijn dood zijn handen afhakten zodat ze konden bewijzen dat hij werkelijk dood was, waarna ze hem anoniem onder een weg begroeven. Ze vreesden dat Che zelfs na zijn dood een brandpunt zou kunnen zijn voor de revolutie.

De Cubaanse revolutie, die geleid werd door Fidel Castro en Che Guevara, was ongetwijfeld een stap voorwaarts voor de arbeidersklasse van Latijns-Amerika en de wereld. Wat was echter het programma van deze beweging? Wat was de sociale basis voor die revolutie? Om de gebeurtenissen in Cuba te begrijpen is het belangrijk in te zien welke rol de verschillende klassen spelen in de maatschappij, en het standpunt van het marxisme ten opzichte van guerrillastrijd.

Het Cuba van vandaag is een gedeformeerde arbeidersstaat, een regime van proletarisch-bonapartisme (stalinisme). Dit houdt in dat de economie genationaliseerd en gepland is, maar niet onder de democratische controle staat van het gewone volk van onderen uit, veeleer bureaucratisch van bovenaf. Ondanks de heroïsche strijd van het Cubaanse volk tegen het imperialisme moeten we objectief kijken naar de politieke en economische situatie om tot een marxistische klassenanalyse te komen.

Castro's aanhang verenigde zich rond een burgerlijk-democratisch programma en bestond hoofdzakelijk uit landbouwers, boeren en lompenproletariaat. Castro begon als een burgerlijke democraat en had als modelmaatschappij de Verenigde Staten voor ogen (Abraham Lincoln was een van zijn persoonlijke helden). De tussenkomst van de arbeidersklasse kwam er pas toen de strijd in haar laatste stadium verkeerde, toen Castro opmarcheerde naar Havana. Ter ondersteuning riepen de arbeiders een algemene staking uit. De val van Havana betekende de ineenstorting van het gehate leger en politie van het regime van Batista. De macht was stevig in handen van Castro's guerrilla's.

De evolutie van het regime naar een omverwerping van het kapitalisme en grootgrondbezit kwam er niet als resultaat van een bewust uitgedacht proces. Het waren integendeel de fouten van het Amerikaanse imperialisme die Castro tot onteigeningen dwongen. Aangezien 90 procent van de economie in handen was van de Amerikaanse kapitalisten, voerde de Amerikaanse heersende klasse een blokkade in op Cuba op een moment dat Castro enkel burgerlijk-democratische hervormingen doorvoerde. De monopolies, die aan het roer stonden van Cuba, waren gekant tegen de belastingen die Castro wou invoeren om aan geld te geraken voor zijn hervormingen. Hoewel deze belastingen lager waren dan de belastingen die ze betaalden aan het moederland, protesteerden ze woedend en zochten ze steun bij Washington.

Als vergelding voor de blokkade nam het Cubaanse regime Amerikaanse activa in bezit. Dit betekende dat negen tiende van de landbouw en industrie in handen van de staat terechtkwam. Het Cubaanse regime nationaliseerde dan ook maar het overblijvende tiende deel. Ze hadden het model van Joegoslavië, China en Rusland voor ogen en namen dit model als voorbeeld voor hun eigen regime. Nooit was er in Cuba enige vorm van arbeidersdemocratie. Het proletarisch-bonapartisme (stalinisme) van het regime wordt verpersoonlijkt door Castro en de bijeenkomsten op het Plein van de Revolutie, waar de enige bijdrage van het gewone volk is dat ze 'si' mogen zeggen aan Castro's oproepen. Cuba is door de jaren heen een eenpartijstaat gebleven zonder arbeiders- en boerenraden (sovjets) en zonder echte arbeiderscontrole over de industrie en de staat.

Het is dan ook logisch dat meer en meer zaken gebureaucratiseerd raakten. Dit was onvermijdelijk, gezien de isolatie van de revolutie en de manier waarop de revolutie zich ontwikkelde. De arbeidersmilitie is ontwapend en de verschillen tussen de bureaucraten en de werkende klasse worden nog steeds groter. De ontwikkeling van een staatsapparaat bovenop en onafhankelijk van de massa's is nog steeds aan de gang.

De heldhaftigheid van Guevara mag ons niet blind maken voor zijn theoretische tekortkomingen. De herhaling van een politiek à la Castro in de Latijns-Amerikaanse landen is een misdaad tegen de internationale arbeidersklasse. De literatuur van het marxisme staat vol verklaringen over de rol van de verschillende klassen in de maatschappij: die van het proletariaat, de boeren, de kleinburgerij en de bourgeoisie. Toen Che in Bolivia vermoord werd, zat hij in de jungle met een handvol boerenguerrillero's. Tezelfdertijd begon de Boliviaanse arbeidersklasse zich te roeren en mobiliseerde ze massaal in de steden. Marxisten richten zich tot de werkende klasse omdat zij de enige kracht op aarde is die de mensheid naar het socialisme kan leiden. Een boerenoorlog kan nooit tot een hoog niveau van bewustzijn leiden, precies door de aard van de strijd die gevoerd wordt (zie Wat denken marxisten over guerrillastrijd?).

Ondanks haar tekortkomingen en aberraties is de geplande economie een uiterst progressieve stap voorwaarts die de levenskwaliteit van de plaatselijke bevolking heeft doen stijgen in vergelijking met de meeste andere delen in Latijns-Amerika. Sinds de val van de USSR heeft Cuba het moeten stellen zonder de aanzienlijke hulp die het voorheen kreeg. Het gebrek aan democratie en de schaarste aan basisproducten (grotendeels te wijten aan het criminele embargo dat opgelegd wordt door het Amerikaanse imperialisme) zorgen ervoor dat de jongere generatie sceptischer staat tegenover het regime. De oudere generatie blijft grotendeels loyaal omdat ze weten hoe het leven eruit zag toen het land nog gedomineerd werd door de landheren en het imperialisme. Als ze bovendien rond zich heen kijken naar de naburige landen, dan worden ze er direct aan herinnerd hoe het leven eruit zou zien indien het kapitalisme opnieuw ingevoerd zou worden.

Socialisten over de hele wereld hebben de plicht de Cubaanse revolutie te verdedigen tegen de pogingen van het Amerikaanse imperialisme om ze te vernietigen, net zoals ze zich moeten verzetten tegen de pogingen van het Europese kapitalisme om de heerschappij van het kapitaal stap voor stap door te voeren. Tegelijkertijd moeten we uitleggen dat een echt socialisme niet tot stand kan worden gebracht zonder werkelijke arbeidersdemocratie en bovenal dat het socialisme niet in één land, laat staan op één enkel eiland, opgebouwd kan worden. De grootste bijdrage die we kunnen leveren om de verworvenheden van de Cubaanse revolutie te verdedigen is daarom te vechten voor het socialisme in onze eigen landen.

Terug naar overzicht

De manier waarop de computerindustrie vandaag functioneert, is een perfecte illustratie van alle fouten en de groteske inefficiëntie van het kapitalisme, waar het voornaamste doel niet het dienen van de belangen van de samenleving is. Het ontwikkelen, verbeteren of innoveren van software komt op de tweede plaats in vergelijking met het primaire doel om winst maken.

Op 31 augustus is prinses Diana tien jaar dood. Ter nagedachtenis zijn er in Groot-Brittannië al heel de zomer allerlei evenementen en diensten. Wij willen echter iets anders herdenken: de opwelling van ongenoegen uit de buik van de samenleving naar aanleiding van haar dood. Die was tekenend voor de jaren ’90, toen ook België dooreen geschud werd door de Witte Beweging.

Onder de titel “Oepvliegers” gaf de zanggroep Hei Pasoep afgelopen weekend drie prachtige concerten in de Antwerpse Roma ter gelegenheid van hun dertigjarig bestaan. Daarbij ook een uitvoering van het “Cancion del Poder Popular”.

De Witte Mars was de grootste betoging in de Belgische geschiedenis. Naar aanleiding van de affaire Dutroux en vooral het blokkeren van onderzoeksrechter Connerrotte braken overal spontane stakingen en jongerenprotesten uit. Het regime was in diepe crisis.

Ken Loach staat bekend om zijn kritische en zelfs revolutionaire films, zoals ‘Land and Freedom’ over de Spaanse Revolutie in de jaren '30. Wat Loach in zijn nieuwe film probeert te vertellen, is dat nationale bevrijdingsoorlogen en anti-imperialistische strijdbewegingen nooit homogeen zijn, maar op hun beurt doorkruist worden door interne sociale tegenstellingen, door klassenlijnen.

Op zaterdag 9 september werd er in Londen een herdenkingsbijeenkomst gehouden voor Ted Grant. Ongeveer 200 mensen, waaronder ook enkele internationale gasten, daagden op voor een levendige bijeenkomst, met videomateriaal en bijdrages vanuit de zaal.

Nog geen geschikt kerst- of nieuwjaarscadeau gevonden? Zet dan het boek ‘Handelaars in nieuws’ gerust op je lijst, lezers van onze site zullen dit boekje van Freddy de Pauw ongetwijfeld kunnen appreciëren.

In januari 1905 vond een revolutie plaats in Rusland, waar Lenin later naar zou verwijzen als de “algemene repetitie” voor de Oktoberrevolutie in 1917. Het bestuderen van deze geschiedenis is een noodzaak voor iedereen die een degelijke analyse wenst te maken van revoluties en de huidige samenleving op wereldschaal.

Op school leerden we allemaal dat de Tweede Wereldoorlog ging om een oorlog tegen het fascisme en voor democratie. We leerden dat Hitler en Mussolini oorlogszuchtige tirannen waren die de aardbol in een wereldwijde beenhouwerij veranderden. Dit is echter niet het volledige verhaal.

Woensdag 27 juli, in de vroege ochtend, is Pierre Broué overleden. Hij was een Franse historicus, een trotskistische militant en de uitgever van de Cahiers Leon Trotsky. Zijn dood zal overal betreurd worden door militanten van de werkende klasse en revolutionairen.

De eerste week van juli zullen de media een campagne over ons heen storten waarin wordt verteld welke weldoeners de grootmachten toch zijn. Met groots vertoon zullen Blair en Bush de schulden van enkele landen kwijtschelden tijdens de bijeenkomst van de G8. Geholpen door een hele reeks ‘progressieven’ zoals Bono van U2 zullen ze hun beschadigd blazoen proberen op te blinken.

In de aanloop naar het Franse referendum over de Europese grondwet, mengde Toni Negri zich in het debat. Negri is een erg populaire intellectueel en goeroe van de antiglobalisten. Door op te roepen voor een ja-stem heeft Negri zich nu op dezelfde lijn geplaatst als Chirac en Raffarin, het Franse patronaat en de ergste sociaal-democratische reformisten.

Onlangs verscheen van de Belgische historicus Edward De Maesschaelk een boek over de Brusselse periode van Karl Marx. In onze hoofdstad legde Marx samen met Engels de grondslag voor het historisch materialisme. Beiden waren er ook actief binnen de linkerzijde.

Geschiedenis schrijven is nooit neutraal. De geschiedenis wordt geschreven, herdacht en aangeleerd door de overwinnaars. Zo ook vandaag wanneer het hele Belgische establishment – beginnende bij het Koningshuis, de regering en de media – dit jaar de 175ste verjaardag viert van het ontstaan van België. Een hele mythe wordt opgebouwd rond een min of meer eensgezinde revolutie van 1830 waarna België zich afscheidde van de noordelijke provincies. In werkelijkheid heeft het volk de revolutie gemaakt tegen de bugerij in, die deze dan later in beslag heeft genomen.

Nu de mediahype over paus Johannes Paulus II tot ongekende hoogtes wordt gestuwd – sommige commentatoren spreken over een van de grootste mediashows in de geschiedenis – is het zinvol om eens stil te staan bij de rol van religie in de maatschappij. Alan Woods schreef daarover een uitvoerig document.

Niet zonder enige trots publiceren we op onze website de Anti-DühringAnti-Dühring van Friedrich Engels, een van de belangrijkste werken van het socialisme. Waarschijnlijk is deze klassieker een van de beste boeken die ons kan inleiden tot de algemene ideeën van het marxisme over filosofie, wetenschap, moraal, politiek, recht, geweld, economie, de staat, de familie, het onderwijs en de geschiedenis.

UNICEF heeft vorige week zijn jaarlijkse rapport vrijgegeven, waaruit blijkt dat ten minste 1 miljard kinderen, de helft van de wereld, gebukt gaan onder armoede, oorlog en de aidsepidemie. Dat hallucinante cijfer is op zichzelf al een veroordeling van het systeem waarin we leven. Met dat systeem moet dringend komaf gemaakt worden.

“De revolutie is voor vroege vogels! Vooruit!” Dat zegt Emile Roussel, een van de hoofdfiguren in de pas afgeronde stripreeks van Tardi. Met deze woorden wordt in het verhaal de beslissende stap gezet in de opstand van het Parijse volk tegen de tirannie van Louis Adolphe Thiers.

De Amerikaanse kunstenaar Winston Smith is onder meer bekend van de platenhoezen die hij ontwierp voor de legendarische punk-rockband Dead Kennedys. Onderaan op een van zijn kleurrijke composities prijkt een uitspraak van de Amerikaanse filosoof John Dewey: “De regering is de schaduw geworpen over de samenleving door big business.”

The Motorcycle Diaries, de onlangs uitgebrachte film over Ernesto ‘Che’ Guevara, is een prikkelende adaptatie van Guevara’s gelijknamige dagboek. Regisseur Walter Salles verwerkte ook de memoires Op reis met Che Guevara van Alberto Granada, Che’s reisgenoot, en was zo in staat een levendig beeld te schetsen van een revolutionair in de maak.

Dit is de eerste in een serie van marxistische studiegidsen. We brengen die uit om de fundamentele ideeën van het marxisme uit te leggen, om de discussie daarover te stimuleren en om verder leesvoer aan te reiken. We beginnen met het dialectisch materialisme, de filosofie van het marxisme, een van de beroemde ‘Drie bronnen en drie bestanddelen van het marxisme’‘Drie bronnen en drie bestanddelen van het marxisme’ waarover Lenin schreef.

Klassiekers

“Marx’ leer wekt in de hele beschaafde wereld de grootste vijandschap en haat van de hele burgerlijke (zowel de officiële als de liberale) wetenschap, die in het marxisme zoiets als een ‘schadelijke sekte’ ziet. Een andere houding kan men ook niet verwachten, want er kan geen ‘onpartijdige’ sociale wetenschap bestaan in een maatschappij die opgebouwd is op de klassenstrijd. Hoe men het ook beziet, de hele officiële en liberale wetenschap verdedigt de loonslavernij, terwijl het marxisme deze slavernij meedogenloos de oorlog heeft verklaard. Een onpartijdige wetenschap verwachten in een maatschappij van loonslavernij is een even dwaze naïviteit als van fabrikanten onpartijdigheid verwachten in de kwestie of het arbeidsloon niet moet verhoogd en de kapitaalwinst niet verlaagd moet worden.”

Lenin, Drie bronnen en drie bestanddelen van het marxisme


Fragment uit een schilderij van Diego Rivera, ‘Man op een kruispunt’

Leon Trotski Leon
Trotski


1879-1940

Lev Davidovich Bronstein. Samen met V.I. Lenin de leider van de Russische Revolutie. Oprichter van het Rode Leger. Sovjetcommissaris van Buitenlandse Zaken (1917-1918) en volkscommissaris van Oorlog (1918-1924). In 1929 werd hij uit de Communistische Partij gezet door de stalinistische fractie en werd hij verbannen uit de USSR. In 1938 richtte hij de Vierde Internationale op. In 1940 werd hij in Mexico vermoord door een agent van Stalin.

We bieden hier een overzicht van de belangrijkste werken van Leon Trotski. Alle links zijn extern en gaan naar het Nederlandstalige Marxists Internet Archive.

1909

Waarom marxisten individuele terreur afwijzen

1914

De oorlog en de Internationale

1924

De lessen van Oktober

1930

Geschiedenis der Russische Revolutie

1934

Bonapartisme en fascisme

1936

Hun moraal en de onze

De verraden revolutie

1937

Het Communistisch Manifest vandaag

1938

Het overgangsprogramma

1939

Het ABC van de materialistische dialectiek

1940

Stalin - De man en zijn invloed

1944

Fascisme, wat het is en hoe het te bestrijden

Op 12 december 2003 hield het AMSAB een colloquium over Hendrik de Man. De hernieuwde aandacht voor zijn ideeën is quasi een cyclisch gegeven in de geschiedenis van de Belgische socialistische beweging. De Man, vooral bekend door zijn ‘Plan van de Arbeid’, evolueerde van vulgair marxist over ethisch socialist tot semi-fascist. Dit artikel wil aantonen dat de capitulatie van de Man voor het fascisme geen plotselinge en toevallige breuk was, maar wel de logische eindconclusie van een langdurige ideologische evolutie.

Karl MarxFriedrich Engels


“De communisten versmaden het hun opvattingen en oogmerken te verhelen. Zij verklaren openlijk dat hun doel slechts kan worden bereikt door de gewelddadige omverwerping van iedere tot dusverre bestaande maatschappelijke orde. Dat de heersende klassen sidderen voor een communistische revolutie! De proletariërs hebben daarbij niets te verliezen dan hun ketenen. Zij hebben een wereld te winnen.”

Proletariërs aller landen, verenigt U!

                                        Uit het Communistisch Manifest

(M) = voor Marx   (E) = voor Engels    (M/E) = voor beiden

We bieden hier een overzicht van de belangrijkste werken van Marx en Engels. Alle links zijn extern en gaan naar het Nederlandstalige Marxists Internet Archive.

1845

Stellingen over Feuerbach (M)

1847

Ontwerp van de communistische geloofsbelijdenis (E)

1848

Het Communistisch Manifest (M/E)

1849

Loonarbeid en kapitaal (M)

1852

De Achttiende Brumaire van Louis Bonaparte (M)

1859

Voorwoord tot de Bijdrage tot de kritiek op de politieke economie (M)

1865

Loon, prijs en winst (M)

1875

Kritiek op het programma van Gotha (M)

1876

De rol van de arbeid in de overgang van aap naar mens (E)

1880

De ontwikkeling van het socialisme van utopie tot wetenschap (E)

1884

De oorsprong van het gezin, van de particuliere eigendom en van de staat (E)

1888

Voorwoord bij de Engelse uitgave van het Communistisch Manifest (E)

Tachtig jaar geleden, op 21 januari 1924, stierf Vladimir Illyich Oelyanov, de leider van de Russische revolutie en van de Communistische Internationale. Lenin, een pseudoniem dat ontstond in het illegale ondergrondse werk, was zonder twijfel de grootste revolutionair van zijn tijd, een groots man wiens leven mee de loop van de geschiedenis in de 20e eeuw bepaalde en uit wiens leven wij vandaag nog steeds kunnen leren om te strijden voor een betere toekomst.

Inleiding tot het humoristisch materialisme, uitgelegd in begrapbare taal.

Naar aanleiding van 11.11.11 en haar focus op water als nieuw uitbuitingselement voor de kapitalisten stellen we vast dat de NGO-analyse zeer volledig en diepgaand is. Wel zijn de oplossingen die naar voren geschoven worden om deze of soortelijke ingrepen van de markteconomie te beletten zeer vaag verwoord. Zij houden geen rekening met de reële sociale en politieke situatie in de steeds sneller veranderende wereld.

Een heilige zijn is niet gemakkelijk, en allerminst in de zondige wereld van de 21e eeuw – of dit zou men toch denken. Maar paus Johannes Paulus II deelt deze mening duidelijk niet. Hij heeft er namelijk niet minder dan 474 geproduceerd tijdens zijn verblijf in het Vaticaan. Geen reden tot klagen dus over zijn productiviteit. De paus is een enthousiaste marktleider geworden in de wereld van de heiligenfabricatie.

Hoofdrolspeler in deze opmerkelijke prent op het Filmfestival van Gent is Hugo Chavez, president van Venezuela. Voor de enen is hij een dictator die meteen het 'communisme' wil invoeren, voor anderen is hij een ware volksheld. Twee Ierse documentairemakers onderzochten de heersende mythes rond de persoon van Chavez, maar raakten zowaar betrokken in een heuse thriller.

Wat zijn de Verenigde Naties? In de vredesbeweging wordt dikwijls gehoopt dat de VN voor vrede kan zorgen in de wereld en een tegengewicht kan vormen op de agressieve politiek van de Verenigde Staten. In dit artikel overlopen we twee recente voorbeelden waar we de rol van de VN kunnen aan toetsen: Oost-Timor en de twee golfoorlogen tegen Irak. Deze artikels kunt u afzonderlijk lezen.

Op 21 augustus 1940 stierf de grote revolutionaire strijder, theoreticus en martelaar Leon Trotski aan zijn wonden, toegebracht tijdens een brutale aanval door een stalinistische agent. Als herdenking van de moord op Trotski publiceren we een afschrift van een toespraak die Esteban Volkov, de kleinzoon van Trotski, eind juli 2003 op een school in Barcelona gaf.

Twintig jaar geleden kende ons land een van de grootste stakingen uit haar geschiedenis, een staking die begon in de openbare diensten maar die zich uitspreidde naar de privé-sector. We publiceren hier een analyse die wij maakten in 1993, tien jaar na de septemberstaking. Vandaag voeren het spoor en de Post opnieuw acties, wat onze analyse zeer actueel maakt.

Roland Vanderbeke was een bevoorrechte getuige van, maar vooral een actieve deelnemer aan de stakingsbeweging van de openbare diensten in 1983. We laten hem hier aan het woord.

Na het débacle van de kartellijst Resist met de parlementsverkiezingen, besliste de Arabische Europese Liga om een nieuwe partij te lanceren, de Moslim Demcoratische Partij. Wat voor een partij wordt dit? Gaat dit de strijd tegen racisme en onderdrukking vooruit helpen? We reiken hier enkele antwoorden aan.

Rond 11 juli heerst nogal wat Vlaams-nationalistische mythevorming. We publiceren hier de eerste van twee teksten van Paul Lafargue, de schoonzoon van Marx. Zij zijn het perfecte tegengif voor het Vlaams-nationalisme dat 11 juli omgeeft en tonen dat het ging om een sociale strijd in plaats van een nationale strijd.

Deze tekst is het vervolg van het eerder gepubliceerde artikel van Paul Lafargue op deze website. Opnieuw maakt hij duidelijk dat het niet zozeer ging om ‘een conflict van de Vlamingen tegen de Frans(talig)en’ maar veeleer om een zeer complexe strijd tussen de klassen.

Alan Woods werd door de kleinzoon van Trotski, Esteban Volkov, uitgenodigd om deel te nemen aan een nieuwe documentaire over het leven en de ideeën van Leon Trotski. Het verhaal van Trotski's laatste jaren – zijn verbanning en dood – is al vele malen verteld, meestal op een triviale manier. Hier kijkt Alan Woods naar de kwestie, met behulp van Volkovs bedenkingen.

Door de arrogantie van Washington sinds het aantreden van Bush lezen we regelmatig in de media opnieuw de term ‘imperialisme’. Marxisten gebruiken dit begrip al langer om te verwijzen naar een bepaald stadium in het kapitalisme, meer bepaald het hoogste stadium, zoals Lenin het verwoordt in zijn klassiek boek.

Filmbespreking van een sociale aanklacht tegen de huidige toestand in de voormalige Sovjetunie en de situatie van Oost-Europeanen in het ‘vrije’ Westen. We zien gebouwen, gemeenschappen, mensen in verval. We zien het drama van een teloorgegane strijd...

De vernietiging van duizenden jaren cultuur tijdens de recente plundering van talloze Irakese kunstschatten is een misdaad die alle geciviliseerde mensen met afschuw vervult. Herman de Tollenaere vat de essentie van deze roof kernachtig samen in een gedicht dat hij schreef na de plundering van het museum van Bagdad.

De huidige periode in de geschiedenis van het kapitalisme wordt gekarakteriseerd door de afwezigheid van elke grote artistieke creatie, originele gedachte of filosofie. De culturele wereld van de vroege 21e eeuw is een woestijn waarin alles ondergeschikt is aan één enkel principe: winst. Het meest hartverscheurende voorbeeld van de manier waarop het kapitalisme het culturele erfgoed van de mensheid vernietigt, is wat net in Irak is gebeurd.

Lange periodes van moedeloosheid kunnen opeens omslaan in massale revolte. Dat was ook zo bij de Commune van Parijs, die volgde op twintig jaar dictatuur onder Napoleon III. In dergelijke tijden komt de totale omvorming van de maatschappij weer op de agenda. Vonk heeft steeds de stelling verdedigd dat alleen de arbeidersklasse in staat is een maatschappij te bouwen waarin werkloosheid, honger en uitbuiting tot het verleden behoren. Als we deze eerste heroïsche poging daartoe beschrijven, dan is het in de eerste plaats om daaruit de lessen te trekken voor de toekomst.

Verscheidene professoren trachten historische processen te interpreteren als het resultaat van 'goede' of 'slechte' individuen. Dus zeggen ze dat Stalin 'ongeëvenaard wreed' was. Dit is een puur subjectieve interpretatie van de geschiedenis. Het verloop van de geschiedenis kan niet verklaard worden aan de hand van een aantal individuen, hoewel individuen natuurlijk een belangrijke rol kunnen spelen. Wij leggen in dit artikel de rol van individuen in de geschiedenis uit aan de hand van de tiran Stalin.

U vindt hier de link naar een Engelstalige film over belangrijke gebeurtenissen en evoluties tijdens de twintigste eeuw. Alan Woods legt aan de hand daarvan verschillende essentiële analyses van het marxisme uit, met interventies van Lal Khan, Ted Grant en Noam Chomsky.

De Verenigde Naties zijn opgericht aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Ze hadden echter een voorloper: de Volkerenbond, opgericht na de Eerste Wereldoorlog door de overwinnaars en later vervoegd door de verliezers. Uit de geschiedenis van de Volkerenbond vallen veel conclusies te trekken voor de VN. De teksten van Trotski zijn daarbij een wegwijzer.

Dit uitgebreide document is een vertaling van Alan Woods’ antwoord aan religieuze personen en groepen die sympathiek staan tegenover het marxisme en vragen stelden aan In Defence of Marxism (www.marxist.com) over de houding van het marxisme tot religie. Wat denken marxisten van een leven na de dood? Wat is de rol van religie in de klassenmaatschappij? Vanwaar komt het christendom? Verwerpen marxisten religieuze mensen? Hoe staat de Kerk tegenover het socialisme? En het socialisme tegenover de Kerk? Wat is de toekomst van de godsdienst?

In het Gentse Publiekstheater wordt sinds kort de klassieker van Cyriel Buysse opnieuw op de planken gebracht. Honderd jaar na de eerste opvoering leek het een laatstejaarsstudent Germaanse talen geen slecht idee te kijken wat regisseur Herwig De Weerdt aangevangen heeft met dit monument.

Dat er wekelijks nieuwe films hun intrede doen in de zalen is op zich niets bijzonders. Wat tegenwoordig wel een zeldzaamheid is, zijn prenten die het nog aandurven om het thema van de sociale strijd aan te snijden. Toch gaat het niet steeds om de klassieke linkse cinema of om een kritische documentairefilm. Nee, ditmaal gaat het zelfs over Hollywood-producten met duur klinkende titels als een Gangs of New York en het iets bescheidenere Frida.

In de Middeleeuwen maakte de Kerk, die tegelijkertijd de grootste feodale grondbezitter van Europa was, de boertjes wijs dat ze wel in de hemel zouden komen als ze braaf werkten zonder tegen te sputteren. Tegenwoordig worden de mensen niet zozeer dom gehouden door priesters die de mensen indoctrineren vanuit hun preekstoel, maar door een nog sterker wapen: de media.

Ook dit jaar ging de rally Parijs-Dakar onder veel toeters en bellen van start. Dit artikel tracht dit mediacircus op een kritischer manier te benaderen dan we in de traditionele media gewoon zijn, met daarbij aandacht voor de ontstaansgeschiedenis en het conflict met de politiek. Los van de discussie of racen een volwaardige sport is of niet, is het immers duidelijk dat Parijs-Dakar net als vele andere topsporten een product is dat op de markt verkocht wordt aan de meest biedende.

De film Bowling for Columbine schetst volgens regisseur Michael Moore een portret van de Verenigde Staten - “een natie die vastbesloten is eerst te doden en dan pas vragen te stellen” - aan het begin van de 21e eeuw. Spek voor onze bek, dachten we, en dat bleek geen valse verwachting. Naast een film die de toeschouwer bij het nekvel grijpt en soms tragisch is louter door de naakte feiten, is Bowling for Columbine bovenal een erg humoristische en genietbare documentaire over de Amerikaanse wapenindustrie, maar ook over het verband hiervan met het buitenlandse beleid van de VS.

We herpubliceren deze FAQ (Frequently Asked Questions) over globalisering. Wat is globalisering en waarom is er een stijging van de armoede en ongelijkheid? Waarom zijn multinationals zo machtig? Is het mogelijk om te vechten tegen het IMF en de Wereldbank zonder het kapitalisme zelf in vraag te stellen? Is een andere maatschappij mogelijk? Wat is het alternatief?

Niet alleen de socialistische tak van de arbeidersbeweging viert in mei haar hoogdag, dit is ook zo voor haar christelijke tegenhanger die op 15 mei Rerum Novarum viert. In principe blijft deze tekst, die dateert van 1891, het handvest van de christelijke arbeidersbeweging.

Dit langere artikel van André Gonsalis behandelt de algemene stakingen voor het bekomen van het algemeen enkelvoudig stemrecht in de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. Hoe stond het met de beginnende arbeidersbeweging? In welke context werd de Belgische werkliedenpartij opgericht? Maar bovenal wordt uitvoerig uiteengezet wat de houding van de BWP-leiding was inzake algemene stakingen en de Eerste Wereldoorlog.

Tijdens onze actie tegen Mc Donald’s op 16 maart in Antwerpen liepen we enkele militanten van DWARS, de jongerenorganisatie van Groen Links, tegen het lijf. Ze vertelden ons onder andere over een campagne die zij voeren tegen de nauwelijks verholen oorlogspropaganda van de Hollywoodfilm ‘Black Hawk Down’. Deze film pretendeert het ‘ware verhaal’ te zijn van de Amerikaanse interventie in 1993 in Somalië en moet de harten en de geesten in het westen weer warm maken voor de nieuwe interventies die op stapel staan na 11 september.

“Ben jij lid van de SP? Dat is toch al lang geen socialistische partij meer?” is een opmerking die je als (links) SP-lid vaak voor de voeten geworpen krijgt in politieke discussies. Ergens impliceert dit dat er in het verleden wél zo’n massapartij was die daadwerkelijk streefde naar de socialistische omvorming van de maatschappij. Dit beeld klopt echter maar zéér ten dele.

Dit is de tekst van het pamflet dat Vonk op 2 februari uitdeelde aan McDonalds te Antwerpen als solidariteitsactie met het stakende personeel van de Parijse McDonalds. Zaterdag 16 februari om 12 uur spreken wij opnieuw af aan de Keyserlei te Antwerpen. Verdere acties worden nog gepland, wij houden u op de hoogte.

Porto Alegre. Door de ‘antiglobalisten’ gevierd als een incarnatie van hoop, voor de burgerij een giftig onkruid. Nu de ‘antiglobalisten’ hier voor de tweede maal hun Wereld Sociaal Forum organiseren, vestigt deze hoofdstad van de Braziliaanse staat Rio Grande do Sul zich op de politieke wereldkaart. En daarmee ook een stuk geschiedenis van de arbeidersbeweging dat de Braziliaanse PT (Arbeiderspartij) nog volop is aan het schrijven. De toekomst zal niet beslissen of het een zwarte dan wel rode geschiedenis wordt, die beslissing ligt in handen van de PT zelf.

Kan een film over de Afghaanse menselijke ellende mooi zijn? Sommige Europese en Amerikaanse critici vinden althans dat een sociale prent niet overtuigend kan zijn als die esthetisch zo geladen is als de nieuwste film van de Iraanse regisseur Mohsen Makhmalbaf. Voor hen kan dit genre enkel maar krachtig zijn tegen een grijze, sombere achtergrond.

"Vanzelfsprekend blijft de fundamentele structurele oorzaak voor het ontstaan van een dergelijke beweging de groeiende onmacht van het huidige kapitalisme om de welvaart en het welzijn van de gehele mensheid te verzekeren." Aldus de analyse van Dirk Barrez in zijn recente boek 'De antwoorden van het antiglobalisme: Van Seattle tot Porto Alegre'.

‘Empire’, het nieuwe boek van Michael Hardt en Antoni Negri, bevat 50 procent hernemingen van waardevol materiaal dat vorige marxisten reeds ter beschikking stelden. Voor 10 procent slaat het boek de bal mis of zijn de inzichten onderontwikkeld. Voor 30 procent bevat het boek mystiek waar we niets mee aankunnen. En voor 10 procent bevat het parels van nieuwe inzichten.

Op de bijeenkomst van de WTO in Doha was er schijnbaar één lichtpunt: de grootmachten gaven uiteindelijk toe om minder streng op te treden tegen het kopiëren van gepatenteerde medicijnen in de Derde Wereld, zodat die medicijnen ook betaalbaar zijn voor armere mensen. Direct juichten NGOs zoals AZG en Oxfam International over deze “grote stap voorwaarts”, terwijl het eigenlijk om een kleine toegeving ging die nodig was om de Derde Wereld over de streep te trekken.

Van vrijdag 9 tot woensdag 14 november ging in Doha, de hoofdstad van het Arabische oliestaatje Katar, de Vierde Ministeriële Sessie van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) door. In 1999 was de Derde Sessie te Seattle, belegerd door meer dan 50.000 ‘antiglobalisten’, op een waar fiasco uitgelopen wegens de tegenstellingen tussen de VS en de EU enerzijds en tussen het Westen en de Derde Wereld anderzijds. Vandaag moest de top lukken om het vertrouwen in het kapitalisme te herstellen, zeker nu de wereld wegzinkt in een recessie.

Het is een oud zeer dat leeft bij vele militanten, leden en sympathisanten van links: waarom treedt links zo versnipperd ten strijde? Waarom kunnen we ons niet allen samen verenigen? Vonk heeft altijd gesteld dat er geen linkse eenheid mogelijk is naast en/of buiten de grote organisaties van de arbeidersbeweging in België: SP en PS, ABVV/FGTB en ACV/CSC.

Ons aller Annemie Neyts betreurt als voorzitter van de Europese ministerraad in Doha dat er in de Wereldhandelsorganisatie (WTO) kennelijk geen plaats is voor sociale en arbeidsnormen. Als liberaal zal dat Annemie amper zijn opgevallen, maar de PS en Ecolo stonden erop dat ze deze kritiek in haar eindverklaring opnam. Na Bill Clinton in Seattle worden dus nu ook de Belgische liberalen sociaal gevoelig?

Kinderarbeid is een van de meest degoutante uitwassen van de klassenmaatschappij. In een tijd van spitstechnologie en fabuleuze rijkdom zijn miljoenen kinderen nog steeds gedoemd om in lamentabele omstandigheden te gaan werken voor een hongerloon.

Als een muur voor de socialistische omvorming van de maatschappij staat het kolossale staatsapparaat. In dit document wordt ingegaan op een aantal fundamentele vragen. Wat is de oorsprong van de staat? Wiens belangen dient zij? Kan de staat hervormd worden of moet zij helemaal omvergeworpen worden? Door wat moet het staatsapparaat vervangen worden; moet het eigenlijk wel vervangen worden?

Vooral de laatste tien jaar is het ideologisch tegenoffensief van de burgerij zeer ver gegaan in het discrediteren van alles wat maar in de verste verte met socialisme te maken heeft. Daarbij zijn twee opvallende constanten waar te nemen: enerzijds zouden revolutionaire ideeën utopisch zijn, anderzijds zouden ze toch maar tot totalitaire regimes leiden. Het volgende artikel heeft de bescheiden ambitie enig weerwerk te bieden tegenover deze vooroordelen en zal meerbepaald ingaan op de functie van kunst in een maatschappij, zowel zoals de situatie vandaag is als die in het verleden geweest is.

Vooral de laatste tien jaar is het ideologisch tegenoffensief van de burgerij zeer ver gegaan in het discrediteren van alles wat maar in de verste verte met socialisme te maken heeft. Daarbij zijn twee opvallende constanten waar te nemen: enerzijds zouden revolutionaire ideeën utopisch zijn, anderzijds zouden ze toch maar tot totalitaire regimes leiden. Het volgende artikel heeft de bescheiden ambitie enig weerwerk te bieden tegenover deze vooroordelen en zal meerbepaald ingaan op de functie van kunst in een maatschappij, zowel zoals de situatie vandaag is als die in het verleden geweest is.

In de opeenvolgende massale betogingen tegen de bijeenkomsten van de wereldleiders in Seattle, Göteborg, Genua enzovoort, treedt een nieuwe generatie naar voren. Net zoals in 1968 grijpt de revolte eerst om zich heen bij jongeren en studenten. Net zoals in 1968 ook speelt zij zich niet af tegen een achtergrond van economische recessie, maar wél aan de vooravond ervan. Wellicht is het net vanwege die onbewuste “timing” dat de nieuwe beweging haar climax nog lang niet heeft bereikt.

Veertig jaar geleden daverde België gedurende 35 dagen op zijn grondvesten. De algemene staking van ’60-’61 was niet louter een interprofessioneel sociaal conflict of een veralgemeende werkonderbreking van vijf weken. Het was, in de woorden van J. Coppé, redacteur bij La Wallonie – het Luikse dagblad dat gedeeltelijk gefinancierd werd door de socialistische metaalvakbond en voorganger van het huidige “Le Matin” – een “maatschappijbreuk”.

De Deense cineast Lars Van Trier gaat in zijn laatste film het sociale thema weer niet uit de weg. De prent vertelt het verhaal van een jonge Tsjechische moeder in het Noord-Amerika van de jaren ’50, die lijdt aan een oogziekte die haar langzaam maar zeker tot een leven in de duisternis veroordeelt. Omdat deze aandoening erfelijk is, gaat ze gebukt onder een alles dominerend schuldgevoel over het lot dat ook boven het hoofd van haar zoon hangt.

Sinds de betogingen tegen de WTO (World Trade Organisation of Wereldhandelsorganisatie) in Seattle van november 1999 is een nieuwe beweging tegen het kapitalisme op gang gekomen. Dergelijke manifestaties zijn zeker geen nieuw fenomeen. Allerlei actiegroepen bestormden al geruime tijd de poorten van kapitalistische symbolen zoals het IMF en de Wereldbank. Maar in Seattle gebeurde dit voor het eerst op massale schaal. Deze protesten waren de grootste in de VS sinds de oorlog in Vietnam.

De platenindustrie heeft in het recente verleden actief het gratis uitwisselen van muziek over het Internet bestreden. Luidt het MP3-bestand de doodsklokken over de muziekindustrie?

De 'globalisering' van de economie heeft als positief aspect dat diverse culturen met mekaar in aanraking komen. Eten speelt hierbij een belangrijke rol en is voor vele mensen een eerste stap naar kennismaking met de cultuur van andere volkeren. Wij willen hier graag een handje bij helpen door een spijskaart aan te bieden met gerechten van over de hele wereld. Een ervaren kok staat in voor de kwaliteit en de grootst mogelijke authenticiteit.

De zomer van 1950 is allicht één van de heetste uit de Belgische geschiedenis. De sociale temperatuur had op 31 juli bijna het kookpunt bereikt. Uit vrees dat op 1 augustus de ketel zou overkoken, stemde Leopold III in de nacht van 31 juli op 1 augustus met het mes op de keel in met de delegatie van de koninklijke macht aan zijn zoon Boudewijn. Die langverwachte geste werd door de toenmalige BSP-leiding gretig aangegrepen om de gevreesde mars op Brussel van 1 augustus op de valreep om te dopen tot “Overwinningsmars”. De koning was politiek dood. Leve de koning!

Telkens ergens grootscheepse antikapitalistische protesten doorgaan duikt wel het begrip “directe actie” op. Omdat voor velen het hier om een vaag en moeilijk definieerbaar iets gaat, dringt de nood aan opheldering zich op. Als reactie hierop werd de volgende tekst geschreven, die vertrekkend vanuit een marxistische visie naar antwoorden zoekt.

Seattle is een belegerde stad. Bij de start van een nieuwe ronde onderhandelingen over een verdere liberalisering van de wereldhandel waren het ongetwijfeld de vele tienduizenden betogers die de grootste media-aandacht trokken. De mobilisatie van de Amerikaanse vakbonden is ongetwijfeld een van de belangrijkste gebeurtenissen van het jaar.

In de volgende analyse van het religieuze fundamentalisme werd getracht een eenzijdige belichting vanuit het westerse imperialisme te vermijden. De marxistische analyse is immers veel rijker dan dat. Zij wil zich niet beperken tot economie en politiek, maar juist de onderlinge samenhang van de verschillende dimensies in het menselijk bestaan aantonen.

Zebda is een Franse muziekgroep die de laatste tijd nogal opvalt. Niet alleen door het succes van hun liedjes maar vooral door de politieke inhoud van hun teksten. Nog niet zo goed gekend in het Vlaamse landsgedeelte wint het toch reeds terrein onder migrantenjongeren. Ons Frans zusterblad, La Riposte, ontmoette Zebda tijdens de zomer.

American History X handelt over een jongeman die o.a. door het overlijden van zijn vader de extreem-rechtse toer opgaat. De film stemt lang tot nadenken over hoe het er soms in de wereld aan toegaat. Elk mens met gezond verstand moet normaal gezien inzien dat het fascisme geen oplossing biedt.

Lynx is een dynamische socio-culturele jongerenvereniging die jongeren verzamelt en samen met hen projecten uitwerkt, zij het zowel van culturele aard (optredens van verschillende muziekgenres, internettoepassingen, en zoveel meer) als van sociale aard.

Naar jaarlijkse gewoonte organiseerde Student Aid in februari allerlei acties aan de Vlaamse universiteiten. Dit jaar koos men voor het thema ‘duurzaam toerisme’. Daarmee trachten geëngageerde studenten een kritiek te formuleren op het klassiek massatoerisme. Wat wordt dit klassiek toerisme zoal verweten?

Konstantin Paustovskij (1892-1968) is een van die weinige Sovjetschrijvers die het ook in het Nederlandse taalgebied "gemaakt" hebben zonder zich voortdurend als hekeldichter van de Russische revolutie op te werpen. Kara-Bogaz is een heerlijk boek, vol vertrouwen in de mens en de mogelijkheden om door wetenschap en techniek een beter bestaan op te bouwen, op voorwaarde dat die wetenschap en die techniek democratisch gestuurd wordt door allen.

Drie toneelgezelschappen in Franstalig België voeren stukken op van Bertolt Brecht. De meest opvallende onder hen is de Centre Dramatique Haynuyer. Opvallend wegens de grootsheid van het project en de wijze waarmee de spelers zich zo klein kunnen maken in het stuk.

Veel jongeren zoeken een uitweg uit de werkloosheid, het gebrek aan toekomst en de repressie ten gevolge van de algemene crisis van het kapitalisme. Geen wonder dat ze op zoek gaan naar ideeën die historisch gezien een alternatief maatschappijmodel aanbieden. Onvermijdelijk ontdekken ze dan het marxisme en het anarchisme, twee ideologieën die in het verleden op bepaalde ogenblikken op een massale aanhang konden rekenen.

Veel jongeren zoeken een uitweg uit de werkloosheid, het gebrek aan toekomst en de repressie ten gevolge van de algemene crisis van het kapitalisme. Geen wonder dat ze op zoek gaan naar ideeën die historisch gezien een alternatief maatschappijmodel aanbieden. Onvermijdelijk ontdekken ze dan het marxisme en het anarchisme, twee ideologieën die in het verleden op bepaalde ogenblikken op een massale aanhang konden rekenen. Dit uitgebreide artikel wenst de verschillen te benaderen vanuit de huidige toestand en een analyse te bieden van wat het anarchisme en het marxisme kunnen bijdragen op het terrein van de strijd om deze maatschappij te veranderen.

In november 1998 werd de tachtigste verjaardag gevierd van de Duitse Revolutie van 1918. Een van de meest opvallende figuren uit die tijd was ongetwijfeld Rosa Luxemburg. Deze socialistische leidster is vandaag meer dan ooit een referentie in de strijd voor de bevrijding van de mensheid. Dit dossier gaat grondig in op haar rol en betekenis binnen de socialistische beweging.